Hoofdstuk 29 van 360%

Hoofdstuk 29 · 11 minuten lezen

Wat Henk opschreef

Nora had haar vaders boodschappenwagentje meegenomen. Het stond naast haar auto, met de stoffen zak open en de beugel uitgeklapt. Op de bodem had ze een handdoek gelegd.

‘Voor zijn radio,’ zei ze toen Lena haar begroette. ‘Ik heb het geprobeerd in een gewone tas, maar dan hangt er altijd een hoek uit.’

Cor kwam met een houten krat naar buiten. ‘Dat ding kan best een stootje hebben. Je vader liet hem vorige maand nog van de bank vallen.’

‘Dat heeft hij me niet verteld.’

‘Hij heeft mij ook niet verteld dat hij hem had laten vallen. Ik moest ontdekken waarom hij alleen nog op één zender bleef staan.’

Nora nam het krat over. Cor wees haar op een schakelaar die een beetje stroef ging, maar ze zei dat hij haar dat straks mocht laten zien. Ze wilde eerst het ding zonder schade in de auto krijgen. Lena hield het wagentje vast terwijl Nora de radio in de handdoek zette. Het snoer viel naar buiten. Nora raapte het op, draaide het eenmaal om haar hand en legde het naast de radio.

‘Ik weet niet of ik hem houd,’ zei ze. ‘Ik heb er thuis geen plek voor.’

‘Je hoeft nu niets te beslissen,’ zei Cor.

Nora keek op. ‘Dat zegt iedereen. Ondertussen moet zijn woning wel leeg.’

Cor schoof zijn handen in zijn zakken. Lena liet het wagentje los. Ze had een geruststellend antwoord klaar gehad over hoeveel ruimte zo’n radio innam. Nora had er geen behoefte aan en Lena wist bovendien niet hoe Nora woonde. Ze liepen samen naar binnen.

De voorste ruimte van de werkplaats rook naar koffie en machineolie. Op de lage balie stonden twee bekers en een stapel oude klusbriefjes onder een moer. Er was nog een derde beker, met een afgebroken oor. Die hield Cor niet voor klanten, had hij een keer uitgelegd. Niemand mocht hem weggooien zolang hij nergens lekte.

Een doos met Henks naam stond op de werktafel in de achterkamer. Die was verbonden met de winkel door een brede opening zonder deur. Verder naar achteren lagen de doorgang met de voorraadplanken en de deur naar het pad langs de havenloodsen. Lena had haar fiets bij dat pad gestald omdat er aan de voorkant een kleine vrachtwagen stond te lossen. De weg naar buiten was dezelfde als bij haar vorige bezoeken: langs de planken, door de deur, links om de lage stenen muur naar de zijstraat.

Cor keek naar zijn horloge. ‘Mijn leverancier is vroeg. Hij wil zo zijn papier laten tekenen. Daarna is het rustig.’

‘We zijn niet op de vlucht,’ zei Nora.

Hij glimlachte kort en zette de doos tussen hen in. ‘Nee. Maar voor sommige gesprekken mag die bel best even uit.’

In de doos zaten een bruin etui, twee schriftjes, een kaartenmap en een envelop met kassabonnen. Het etui rammelde toen Nora het oppakte. Ze ritste het open. Er zaten pennen in en een klein liniaaltje met een barst bij het cijfer acht.

‘Dat had ik op de middelbare school,’ zei ze. ‘Hij heeft dit uit mijn bureau gejat.’

‘Misschien heb jij het laten liggen.’

‘Misschien heeft hij het toen ook gejat.’

Ze legde de liniaal terug. Haar mond trok even scheef. Lena zag dat de grap Nora meer moeite kostte dan de woorden hadden laten horen.

Het afsprakenboekje lag niet in de doos. Het was na hun eerdere bezoek met toestemming aan de politie overgedragen. Cor had de ontvangstbevestiging in een map gestoken, naast de kopieën die hij van de relevante bladzijden mocht bewaren. Nora trok een stoel bij de tafel. Lena ging tegenover haar zitten.

‘Ik wil weten wat er nog bij jullie ligt,’ zei Nora. ‘Ik ga thuis anders ieder papiertje verdenken.’

Cor schoof de lijst naar haar toe. ‘Dit is wat er weg is. Het boekje zelf en de bon die zij van mij moesten hebben. Geen andere spullen van je vader.’

Nora las de lijst met haar wijsvinger langs de regels. Ze vroeg waarom een werkbon van Cor bij Henks spullen stond.

‘Ze zijn op dezelfde afspraak ontvangen,’ zei Lena. ‘De lijst beschrijft wat er is overgedragen. Het maakt die bon niet van je vader.’

‘Dus ik hoef die ook niet als vermist op te schrijven.’

‘Nee.’

Nora trok haar eigen schrift uit haar tas en schreef het op. Ze had vakjes gemaakt voor mee, weg en later. Lena vroeg of ze de kopieën van het afsprakenboekje ernaast mocht leggen, om de bouwkundige stukken te herkennen die mogelijk bij bewoners hoorden. Nora knikte.

De aantekening van tien mei stond bovenaan een bladzijde waarop ook kaas, lamp Ria en tandarts voorkwamen. N.V. — sleutels laten maken, Cor. Lena liet haar hand boven het papier rusten en wees de regel aan zonder hem aan te raken.

‘Hier wist Henk dus van die sleutels,’ zei Nora.

‘Hij heeft er iets over genoteerd. Het zegt niet waar hij precies bij was.’

‘Hij zal het hem gevraagd hebben.’

Cor wreef met zijn duim over de rand van de tafel. ‘Dat kon je vader goed.’

‘Iedereen dingen vragen?’

‘Ze dingen vragen waar ze geen antwoord op wilden geven.’

Nora sloeg haar schrift niet dicht, maar zette haar pen neer. ‘Hij kon ook doorgaan terwijl je al antwoord had gegeven. Dat vond hij dan niet het goede antwoord.’

Lena dacht aan Ria, die vertelde hoe Henk bij bewoners aanklopte als zij zelf hun post wilden uitzoeken. Zijn bemoeienis had soms geholpen en soms ergernis veroorzaakt. Nora had geen behoefte aan een vader die achteraf uit uitsluitend goede bedoelingen bestond.

‘Ik heb weleens gedaan of ik niet thuis was,’ zei Nora. ‘Dan belde hij omdat hij mijn auto zag. Daar hebben we een hele middag ruzie over gehad.’

Ze schoof de kopie terug naar Cor. Lena liet de zin liggen. Ze wilde niet van Nora’s herinnering een verwijzing maken naar sleutels en deuren; het ging over een vader die de grenzen van zijn dochter slecht kon verdragen.

Op de bladzijde van veertien mei stond Niels bellen / sleutel terug. Er was een afspraak doorgestreept. De letters liepen over een koffiekring heen. Er stond geen tijdstip bij dat Lena kon gebruiken om de avond precies in te delen.

‘Dit hoort bij wat de recherche met de andere gegevens vergelijkt,’ zei ze. ‘Het bewijst op zichzelf niet wat er bij de trap is gebeurd.’

‘Dat snap ik.’ Nora trok de stoel een stukje achteruit. ‘Ik heb gisteren gebeld. Ik hoef niet alles van u te horen.’

Lena voelde haar gezicht warm worden. ‘Dat bedoelde ik ook niet.’

‘Ik zeg het gewoon. Er praten nu veel mensen over hem. Dan kan ik er soms niet meer tussen.’

Cor pakte de kopieën bijeen en legde ze in zijn map. Hij zette vervolgens de doos met andere papieren dichter bij Nora. ‘Dan doen we deze eerst. Dit stuk met de dakgoot is van Ria, denk ik. Dat had hij hier gebracht omdat hij dacht dat ik een mannetje wist.’

Nora gaf Lena het papier. Het was een offerte, dubbelgevouwen, met een telefoonnummer op de achterkant. Lena herkende het adres en vroeg of ze Ria mocht bellen over teruggave. Nora zei dat zij haar zelf zou zien. Ze maakte een apart stapeltje voor burenpost.

De volgende envelop bevatte vakantiefoto’s die Cor nog in een lade had gevonden. Henk had ze meegenomen om hem een terras in Duitsland te laten zien waar de eigenaar volgens hem de verkeerde sloten op de toiletdeuren had gezet. Nora lachte hardop toen Cor dat vertelde.

‘Waar hij ook heen ging,’ zei ze. ‘Mijn moeder stond altijd nog ergens voor een gebouw terwijl hij met de eigenaar over een scharnier praatte.’

Op één foto droeg Henk een veel te grote zonnehoed. Nora hield hem een tijdje vast. Daarna legde ze hem boven op de stapel die meeging. Cor keek niet mee over haar schouder. Lena zag dat hij dat bewust deed en liet haar eigen blik naar het raam gaan.

Buiten tilde een bezorger een smalle doos uit de vrachtwagen. Hij praatte met iemand aan de telefoon en klemde het toestel tussen wang en schouder. Het gewone werk van deze straat hield niet op omdat zij papieren ordenden. Lena nam een slok lauwe koffie en vroeg Cor waar hij de bonnen voor reguliere opdrachten bewaarde die niets met dit onderzoek te maken hadden.

‘Voorin. Die hoef je niet te zien.’

‘Nee. Ik wil alleen voorkomen dat ik materiaal voor mijn controle meeneem dat daar niet bij hoort.’

Cor boog zich naar een laatje en haalde een klein pakket eruit dat hij al had samengesteld. Alleen de kopieën voor de dossiers waarop Lena zelf had gewerkt, met de namen van andere klanten afgedekt. De originele relevante bonnen waren bij de politie. Hij liet Lena lezen welke opdrachten hij had geselecteerd. Ze controleerde de adressen tegen haar eigen lijst. Eén adres hoorde bij een opname die door een andere inspecteur was uitgevoerd. Ze schoof dat papier terug.

‘Die is niet van mij.’

‘Jullie stonden met twee namen op de opdracht.’

‘Het voorblad, ja. Maar ik heb die woning niet gezien.’

Cor keek naar het papier, knikte en hield het apart. Het was een klein onderscheid dat ze eerder misschien pas later zou hebben uitgezocht. Nora keek van hen beiden naar de verschillende stapels.

‘Mijn vader had dit allemaal in één zak gepropt,’ zei ze.

‘Daarom zijn we er ook al een uur mee bezig,’ zei Cor.

Zijn telefoon ging. De leverancier aan de voorkant moest weten of hij de twee langste profielen ook naar binnen wilde hebben. Cor zei dat hij eraan kwam en keek naar de tafel.

‘Ik ben zo terug. Je hoeft niets anders uit de kast te pakken. Wat je nog mist, zoeken we straks samen.’

Nora tilde de doos met haar eigen stapel op. Lena bood aan hem te dragen, maar Nora had haar handen er al onder.

‘Ik zet deze vast in de auto. Wil jij kijken of dat papier van de vochtplek ergens tussen die laatste twee zit? Er staat Ria's adres boven. Ik wil het niet meenemen als zij het nog nodig heeft.’

‘Dat kan.’

Nora ging met Cor naar de voorste ruimte. Bij de opening bleef ze even staan. ‘Vrijdagavond waren wij van plan pannenkoeken te eten. Met mijn zoon. Dat had hij nergens opgeschreven.’

Ze keek naar de dichte map met de kopieën. Lena had de neiging om te zeggen dat ook zo’n afspraak iets kon betekenen voor het onderzoek. Ze slikte het in.

‘Hoe oud is je zoon?’ vroeg ze.

‘Negen. Hij eet er altijd drie en mijn vader hield vol dat hij er vier kon. Dan bleven we zo lang zitten dat het hem uiteindelijk lukte.’

Nora bleef met de doos tegen haar heup staan. ‘Ik heb hem gezegd dat opa was gevallen. Dat was wat ik toen wist.’

‘Dat was wat iedereen toen wist,’ zei Lena.

‘Nu moet ik dus iets anders vertellen. Dan denkt hij straks dat ik het eerder ook anders heb verteld.’

Lena kon geen woorden voor Nora’s zoon kiezen. Ze had bij haar eigen dochter al genoeg verkeerd aangepakt met het achterhouden van halve waarheden.

‘Je kunt wel zeggen dat je inmiddels meer weet,’ zei ze. ‘En dat je niet alles zelf kunt beantwoorden.’

Nora keek naar de doos. ‘Hij vroeg of zijn schoenen glad waren. Die van opa. Ik heb ze de hele tijd onder de kapstok zien staan.’

Ze schudde haar hoofd en zei dat ze er thuis iemand bij zou vragen die haar zoon kende. Lena zei alleen dat haar dat verstandig leek. Toen Nora weer liep, trok Lena geen vergelijking met Jip. Een kind dat een grootvader verloor had nu zijn eigen volwassenen nodig.

Nora liep door voordat Lena nog iets kon zeggen. Het wagentje piepte buiten over de stoeptegels. Cor sprak met de leverancier; hun woorden waren door de opening te horen, maar niet goed te verstaan.

Lena trok de laatste twee papieren naar zich toe. De bovenste was een rekening voor een kraan. De tweede beschreef de vochtplek, met een voorstel voor controle na de reparatie. Het adres was inderdaad dat van Ria. Ze legde het bij de stukken die terug moesten naar de betrokken bewoners en schreef op Nora’s lege vel waarom. Op de rand van de werktafel lag Henks liniaaltje. Nora was het bij het opruimen uit het etui vergeten. Lena legde het op het deksel van de doos die nog meeging.

Ze keek op toen de bel in de winkel klonk. Cor antwoordde ergens dicht bij de voordeur. Er kwam een korte groet, de woorden te zacht om te verstaan. Lena schoof haar stoel naar achteren om hem te vragen of hij nog een envelop had voor het papier van de vochtplek.

Hoofdstukken

De sleutel lag er nog

  1. 01De keukenla11 minuten
  2. 02De versie in het portaal10 minuten
  3. 03Wat Cor had gemaakt10 minuten
  4. 04De vrouw die bleef10 minuten
  5. 05Zeven sleutelsets10 minuten
  6. 06Wat thuis bleef liggen10 minuten
  7. 07Eva's uitleg9 minuten
  8. 08Geen vertrekverklaring9 minuten
  9. 09Onder haar eigen naam9 minuten
  10. 10Een val is nog geen verklaring10 minuten
  11. 11Rubens rekening10 minuten
  12. 12Het rijtje huizen11 minuten
  13. 13De bon van tien mei10 minuten
  14. 14Buiten haar werk9 minuten
  15. 15Wat de bijlage bewijst10 minuten
  16. 16Aan de andere kant van de lijn11 minuten
  17. 17Wie voor een leeg huis betaalde10 minuten
  18. 18Eva had op bewaren gedrukt11 minuten
  19. 19Een klant minder11 minuten
  20. 20De brug11 minuten
  21. 21Wie ze wel belde10 minuten
  22. 22Sofie kiest11 minuten
  23. 23Geen broer om achter te schuilen10 minuten
  24. 24Een tafel met glazen water10 minuten
  25. 25Een antwoord aan Jip10 minuten
  26. 26Het boekje bij Cor10 minuten
  27. 27Wat Sofie zag11 minuten
  28. 28Voor iemand anders tekenen11 minuten
  29. 29Wat Henk opschreefJe leest nu11 minuten
  30. 30De verkeerde bezoeker10 minuten
  31. 31De deur naar het achterpad10 minuten
  32. 32Toen het stil werd10 minuten
  33. 33De verklaring die bleef10 minuten
  34. 34Wat haar handtekening kostte12 minuten
  35. 35Een huis is geen bewijsstuk12 minuten
  36. 36De sleutel die zij zelf gaf11 minuten

Leesinstellingen

Kies wat voor jouw ogen prettig leest.

Tekstgrootte
100%

Leesgereedschap

Mijn leesnotities

Alleen in jouw browser. Ook opgenomen in je boekenplank-back-up. Maximaal 2000 tekens.

Mijn bladwijzers

Gebruik het bladwijzericoon naast een alinea om een stukje terug te vinden.

FABLIVA

Vind je volgende verhaal

Zoek op titel, onderwerp of genre.

FABLIVA

Een idee of iets dat beter kan?

Help ons Fabliva mooier te maken. Een account is niet nodig.

Je bericht gaat per e-mail naar hello@fabliva.com. We gebruiken het alleen om je feedback te behandelen. Vul je een e-mailadres in, dan kunnen we reageren.

Liever via e-mail? hello@fabliva.com
FABLIVA

Je verhalen, een tik dichterbij.

Zet Fabliva op je beginscherm. Je kunt hier ook gewoon verder lezen.