Hoofdstuk 2 · 10 minuten lezen
De versie in het portaal
Bij de bedrijfsloods stond een witte bestelauto zo dicht voor de deur dat Lena haar tas over haar hoofd moest tillen om erlangs te komen. Op de grond lag een nieuwe tegel op zijn kop. De elektricien naast haar ruimte was bezig met een drempel die hij al sinds januari wilde vervangen.
‘Hij moet even drogen,’ riep hij vanachter zijn auto.
‘Dat geldt voor nogal wat dingen.’
‘Je loopt er iedere keer overheen.’
Ze legde de tegel terug tegen de muur. Daarna pakte ze de bovenkant van haar tas, die aan een uitstekend handvat was blijven hangen. In haar eigen ruimte rook het naar de radiator. Ze had hem vrijdagochtend hoger gezet en vergeten terug te draaien. Het bureau stond onder het lange raam; haar drie planten waren naar één kant gegroeid. Ze zette de tas neer, draaide de verwarming dicht en hing haar jas over de rug van haar stoel.
Normaal maakte ze na een huisbezoek haar waarnemingen af voordat ze iets anders deed. Foto's overzetten, nummers controleren, de werkelijke ruimte terughalen zolang die nog duidelijk in haar hoofd zat. Een draaiend raam dat zwaar liep was later moeilijk te onderscheiden van een ander raam dat zwaar liep. Ze had geleerd niet op een keurige herinnering te vertrouwen als een onhandige aantekening voldoende was.
Vandaag begon ze met haar verzonden berichten.
Zes mei, Bremstraat. De map bevatte haar oorspronkelijke foto's en het bestand dat ze na het bezoek had opgeslagen. Ze opende het en liet de cursor naast de eerste alinea staan.
Woning ten tijde van inspectie in gebruik door huurder.
Verderop de vochtplek. Ze had het woord plaatselijk gebruikt. Geen ernstige gebreken aan de constructie vastgesteld binnen de uitgevoerde visuele inspectie. Een voorbehoud onderaan over delen die ze niet had kunnen zien. Het was haar eigen taal: wat je wel wist, afbakenen van wat je niet had onderzocht.
Ze hield het officiële portaal ernaast. De twee vensters pasten niet samen op haar oude beeldscherm. Ze schoof het ene links en het andere rechts en moest toch telkens een stuk uitzoomen. Bij de geknipte foto kwam het verschil opnieuw naar voren. In haar origineel stond naast de koelkast het losse plankje, met een bruine afdruk van een pot op de bovenkant. In de portaalversie was alles opzij van de vochtplek verdwenen.
Dat hoefde nog geen opzet te zijn. Eva haalde persoonlijke spullen vaker uit foto's die in een groot projectdossier werden verspreid. Lena had daar zelf om gevraagd. Maar Eva hoorde het oordeel over bewoning niet te veranderen. De zwaardere conclusies evenmin.
Ze klikte op het bestand dat aan haar mail van zeven mei hing. Negen uur twaalf. Twee dagen na haar laatste gezamenlijke koffie met Eva; de volgende dag zouden ze rapporten bundelen voor een overleg met RietWonen. In het bericht stond: dit is de tekst voor 18, wil jij de export doen met de andere drie? De nummers 12 en 22 volgen morgen.
Onder haar bericht had Eva diezelfde ochtend geantwoord: komt goed.
Lena las die twee woorden een paar keer. Ze had zulke antwoorden ook vaak geschreven. Je vertrouwde iemand een werkje toe omdat je wist dat het maar een werkje was. Als alles wat een ander deed helemaal opnieuw langs je eigen handen moest, kon je beter alleen blijven werken. Dat had ze tijdens een cursus voor zelfstandigen zelfs opgeschreven.
Ze liet de mail staan en belde Eva.
‘Ik zit in een overleg,’ zei Eva meteen. Op de achtergrond praatte iemand door.
‘Wanneer kan ik je spreken?’
‘Vanmiddag. Wat is er?’
‘Bremstraat achttien. De tekst in het dossier is anders dan mijn bijlage.’
‘Anders hoe?’
‘Andere gebruiksstatus en andere conclusies. Met mijn paraaf eronder.’
Het achtergrondgesprek hield niet op. Lena hoorde een man zeggen dat hij de lijst opnieuw zou sturen.
‘Ik moet kijken wat je bedoelt,’ zei Eva. ‘Mail je de twee versies? Dan vergelijk ik ze.’
‘Ik heb je origineel voor me. Je hebt die ochtend nog geantwoord.’
‘Daar kan ik nu niet bij. Je weet hoeveel adressen we in die week hadden.’
‘Er staat dat het huis sinds maart leeg was. Sofie was bij mijn inspectie aanwezig.’
‘Misschien is dat een opdrachtveld. Ik bel je als ik op kantoor ben.’
‘Wil je niets aanpassen voordat we het besproken hebben?’
‘Lena, ik ga niet zomaar in jouw stukken zitten. Stuur eerst wat je ziet.’
Ze hing op. Lena bleef luisteren naar het geluid dat er niet meer was. In haar eigen ruimte tikte de radiator zacht tegen de muur.
Ze sloeg het portaalbestand afzonderlijk op, met de datum en het tijdstip erbij. Haar oorspronkelijke mail liet ze in de bestaande map staan. Ze maakte ook een kopie van de bijlage. Toen schreef ze Pieter dat de controle was onderbroken en dat zij de afwijkende dossiertekst wilde laten uitzoeken voordat er een nieuwe verklaring onder haar naam kwam.
De mail werd langer dan nodig. Ze haalde twee zinnen weg waarin ze uitlegde hoe zorgvuldig ze gewoonlijk werkte. Pieter had daar vandaag niets aan. Ze verving ze door de drie feitelijke verschillen.
Na het verzenden kwam de werkelijke rest van haar maandag terug. Ze had een rapport voor een koper dat voor vijf uur klaar moest zijn. Een particulier stel, geen portaal, geen tussenpersoon. Ze zouden de volgende ochtend naar hun hypotheekadviseur gaan. Hun woning had een verende vloer bij de badkamer. Die vloer hield zich niet bezig met de Bremstraat. Ze opende haar notities en schreef drie alinea's, maar liet in de laatste zin het verkeerde huisnummer staan.
Ze verwijderde de hele zin, niet alleen het nummer.
Toen belde Jip.
‘Mag die doek uit?’ vroeg ze.
‘Welke doek?’
‘Mam.’
‘De mitella. Wat hadden ze gezegd?’
‘Afdoen als het gaat. Aandoen als het pijn doet. Het is heel irritant met eten.’
‘Dan doe je hem met eten af. Kun je een broodje maken?’
‘Ik kan ook met één hand een broodje maken. Ik wilde weten of je thuis kwam.’
Lena keek naar de tijd. Kwart over twaalf. Jip had maandag geen les na het derde uur. Het lag op hun keukentafel, de roosteraanpassing die Lena zondag had moeten lezen.
‘Om half twee. Ik moet nog even langs de winkel.’
‘Hoeft niet. Er is brood.’
‘En beleg?’
‘Er is altijd kaas. Je koopt iedere keer kaas als je niet weet wat er op is.’
‘Goed. Dan koop ik geen kaas.’
‘Kun je wel een pak melk meenemen?’
‘Ja.’
‘En niet weer twee liter. Ik ben alleen.’
Lena schreef melk op een los vel. Er stond al een telefoonnummer op. Ze trok een streep tussen het nummer en de melk, alsof dat ervoor kon zorgen dat het twee verschillende taken bleven.
Thuis lag de mitella op de bank. Jip zat aan tafel met haar voeten op de onderste sport van de stoel. Haar haar was nog nat; één kant van het T-shirt kleefde tegen haar rug. Ze had kennelijk geprobeerd het met één hand te wassen. Op een bord lagen korsten in drie ongelijke stukken.
‘Heb je hulp nodig met afdrogen?’ vroeg Lena.
‘Al gedaan.’
‘Je rug is nog nat.’
‘Die droogt vanzelf.’
Lena zette de melk in de koelkast. Naast twee dichte pakken kaas stond nog een halve fles melk. Ze schoof haar kleine nieuwe pak erachter, uit het zicht.
Op tafel lag Jips boek voor Nederlands, met een sportschoolfolder als bladwijzer. Lena bekeek de pagina waar het openlag.
‘Is dat het boek dat jullie moesten lezen?’
‘Nee. Dat is een heel ander boek waar ik voor de grap mijn Nederlandse boek in heb gestopt.’
Lena trok een stoel naar achteren. Jip stak haar hand op.
‘Laat maar. Slechte grap.’
‘Hoe gaat het lezen?’
‘Ik heb het uit. Nu moet ik uitleggen wat de schrijver met alles bedoelde.’
‘Misschien bedoelde hij gewoon dat iemand die bus wilde halen.’
Jip glimlachte even. ‘Dat mag vast niet.’
Lena pakte een appel uit de schaal en vond aan de onderkant een bruine plek. Ze sneed die weg. Daarna verdeelde ze de rest in partjes. Jip nam er een zonder haar boek te verplaatsen.
‘Waarom ben je zo laat?’ vroeg ze.
‘Er klopt iets niet met een rapport van me. Ik moest het terugzoeken.’
‘Heb je iets gemist?’
‘De versie die iemand heeft doorgestuurd, is anders dan de versie die ik heb geschreven.’
‘Dat is toch te bewijzen?’
‘Welke tekst ik geschreven heb wel.’
‘Nou.’
Lena legde het mes neer. ‘Daar begint het mee.’
Jip keek naar haar telefoon, die op de rand van de tafel lag. ‘Je gaat hem zo beantwoorden.’
‘Hij gaat nog niet.’
‘Maar je kijkt iedere keer.’
Lena draaide de telefoon om. De hoek tikte tegen het hout. Ze vroeg hoe de bespreking op school was geweest en luisterde naar het antwoord. Het ging over een presentatie waarbij Jip en haar vriendin samen moesten staan. Haar vriendin wilde alles op de dia zetten, ook wat ze zelf van plan waren te zeggen. Jip had er twee dia's uitgehaald zonder het te melden. Nu waren ze niet echt boos op elkaar, maar ook nog niet klaar met het gesprek.
‘Misschien moet je eerst zeggen waarom,’ zei Lena.
‘Dat heb ik gezegd.’
‘Voor of na het weghalen?’
‘Na.’
Jip bekeek het appelpartje tussen haar vingers. ‘Het was wel beter.’
‘Dat kan.’
‘Je zegt dat op die manier.’
‘Welke manier?’
‘Dat je het er niet mee eens bent maar mij er zelf achter wil laten komen.’
Lena dacht aan de foto van het raam. Het losse plankje en de koelkast die uit het beeld waren gehaald. Soms kon iets er inderdaad netter uitzien nadat een ander eraan had gezeten. Daarmee was nog niet besloten wie het mocht veranderen.
‘Ik zou zelf ook eerst willen weten waarom,’ zei ze.
‘Ja. Nou. Ik ga haar nog wel appen.’
Haar telefoon lag nog steeds met het scherm naar beneden toen hij trilde. Lena liet het gebeuren. Jip keek er toch naar, toen naar haar moeder. Ze spraken verder over de afspraak bij de fysiotherapeut die Lena in haar agenda had gezet en waar Tom misschien mee naartoe kon. Dat moesten ze hem eerst vragen. Jip kon ook best alleen mee als er niet drie mensen omheen stonden, zei ze.
Pas toen Jip naar haar kamer was gegaan, pakte Lena de telefoon.
Het was Pieter geweest. In zijn mail stond dat de onderhoudscoördinator niet direct bereikbaar was, maar de woningstatus was bevestigd door de projectadministratie. Hij vroeg of ze de foto's van de controle alvast kon uploaden. De vergoeding voor de afgeronde afmelding zou daarna worden vrijgegeven.
Lena las die laatste zin nogmaals. Het tarief in haar opdracht was een vast bedrag voor het bezoek en het rapport. Ze werd niet betaald voor de uitkomst. Dat had ze in haar voorwaarden gezet nadat iemand haar ooit een inspectie had laten doen die alleen doorging als het huis geschikt bleek voor verhuur.
Ze opende haar antwoord en schreef dat de opdracht voor de eindcontrole niet was uitgevoerd. Haar huidige waarnemingen zouden apart worden geleverd, met de onderbreking erbij. Ze vroeg om de bevestiging van de woningstatus en de toestemming waarop die rustte.
Voor ze op verzenden drukte, haalde ze het woord onbegrijpelijk weg. Er zat meer verwijt in dan informatie. De drie vragen bleven staan.
Ze stuurde de mail ook naar haar eigen bedrijfsadres.
Uit Jips kamer klonk muziek. Het nummer dat haar dochter de afgelopen dagen telkens halverwege opnieuw had gestart. Lena spoelde het mes af en zette het in het rek. Op het papier met de melk en het telefoonnummer schreef ze nu een vierde regel: definitieve export zelf controleren.
Dat zou voor het rapport van de kopers vandaag nog gebeuren. Ze ging terug naar de loods. Bij het vertrekken klopte ze op Jips deur en zei hoe laat ze uiterlijk thuis zou zijn. Ditmaal keek ze eerst in haar eigen agenda voordat ze iets beloofde.