Hoofdstuk 24 · 10 minuten lezen
Een tafel met glazen water
Marten had een vergaderruimte gereserveerd op de benedenverdieping van een bedrijfsverzamelgebouw. Het adres stond in zijn mail, samen met de woorden beperkte kring. Lena had teruggeschreven dat Mieke Kraan zou meekomen. Daarna had hij alleen een bevestiging van het tijdstip gestuurd.
Tom stopte bij de ingang. Mieke stond al onder het afdak en keek naar haar telefoon. Lena stapte voorzichtig uit, trok haar tas op haar schouder en liet Tom weten dat ze hem zou bellen zodra ze klaar waren.
‘We gaan niets ondertekenen,’ zei Mieke toen ze naast haar liep.
‘Dat was ik niet van plan.’
‘Ik zeg het vooraf. Het scheelt straks een discussie over beleefdheid.’
De receptionist wees naar de deur achter een lage plant. Marten kwam hun tegemoet met een hand die hij uitgestoken hield tot Lena dichtbij genoeg was. Ze schudde hem. Zijn palm was droog; hij keek kort naar haar beschadigde tas en daarna naar Mieke.
‘Goed dat u kon komen.’
‘Lena heeft mij gevraagd haar bij te staan,’ zei Mieke.
‘Dat begrijp ik.’
Hij deed de deur niet op slot. Lena keek of dat een gedachte was waarvoor ze zich later zou schamen. In de gang reed een schoonmaker een karretje langs. Er waren andere mensen in het gebouw. Op tafel stonden een fles water en drie glazen. Marten schonk ze vol voordat iemand daarom had gevraagd.
‘Allereerst wil ik zeggen dat ik betreur wat er is gebeurd.’
‘Wat bedoel je?’ vroeg Lena.
‘De onrust. De twijfel die over je werk is ontstaan. Daar is niemand bij gebaat.’
Hij ging zitten en schoof een dun dossier recht voor zich. Lena liet haar eigen tas onder haar stoel staan.
‘Er is een woning als leeg geregistreerd die bewoond was,’ zei ze. ‘Er is een rapport onder mijn naam verspreid dat ik niet geschreven heb. Dat is meer dan onrust.’
‘Er zijn kennelijk verschillende informatiestromen geweest.’
Mieke draaide haar blocnote om. ‘We hoeven niet eerst overeenstemming te bereiken over een neutraal woord. Wel over wat u vandaag wilt bespreken.’
Marten nam een slok water. Hij had gehoord dat Lena een opdracht kwijt was geraakt. Dat vond hij spijtig. Zelfstandigen waren kwetsbaar voor onduidelijkheid in een project met veel partijen. Er was ruimte om haar kosten te vergoeden en de samenwerking op een ordelijke manier af te sluiten.
‘Mijn kosten voor wat?’ vroeg Lena.
‘De extra inzet. Het opnieuw nalopen van de dossiers. De tijd die hiermee gemoeid is.’
‘Ook voor het verlies van de klant?’
‘Als dat redelijk onderbouwd is, kunnen we daarnaar kijken.’
Hij schoof een vel naar hen toe. Bovenaan stond Voorstel afwikkeling. Lena las eerst de onderste regels. Over en weer zouden partijen verklaren niets meer van elkaar te vorderen te hebben. Zij zou vertrouwelijkheid betrachten over de totstandkoming en de inhoud. In een alinea daarboven moest ze erkennen dat haar rapportage onderdeel was geweest van de vrijgave van het pand.
‘Dit is wat je bedoelt met afwikkelen,’ zei ze.
‘Een concept. De formulering kan uiteraard worden aangepast.’
‘Wie heeft deze alinea geschreven?’ vroeg Lena.
Marten keek naar het vel. ‘Daar hebben mensen intern naar gekeken. Ik heb dit meegenomen om te bespreken, niet om je ergens toe te dwingen.’
‘Je wilt dat ik bevestig dat een pand op basis van mijn rapport kon worden vrijgegeven. Staat het oorspronkelijke verslag daar nu bij?’
‘Er zitten meerdere versies in het dossier.’
‘Welke is aan de bewoners getoond?’
‘Dat loopt via de corporatie.’
Mieke schreef de vraag op. Lena pakte haar glas, zette het weer neer en keek Marten aan. Hij kon haar precieze woorden in een clausule opnemen zonder te kunnen zeggen welke tekst aan Sofie was gebruikt om vertrek vanzelfsprekend te maken. Dat was een reden om te blijven zitten, ook als het formulier uiteindelijk zonder een handtekening van tafel ging.
‘Wil je schriftelijk aangeven op welke versie dit voorstel gebaseerd is?’ vroeg ze.
‘Als jullie het concept meenemen, kunnen jullie opmerkingen maken.’
‘Dat is een vraag aan jou.’
Hij hield zijn hand even boven het dossier, sloeg het open en bladerde naar een bijlage. Er stond de code op van de export die Lena op achttien mei had ontvangen. Ze hoefde het stuk niet te fotograferen of van hem af te pakken. Het hoorde bij het voorstel dat hij zelf wilde meegeven. Mieke noteerde de code en vroeg om een complete kopie van het concept, met de bijlagen.
Mieke trok het vel naar zich toe. ‘Lena kan niet verklaren dat deze tekst haar rapportage was. U weet dat dit juist de betwiste handeling is.’
‘Ze heeft het dossier op haar naam laten uitgaan.’
‘Een andere vraag. Die fout bespreekt ze met de betrokkenen. Het geeft u geen bevestiging van de inhoud.’
Lena keek naar Martens vulpen. De dop lag met het clipje omhoog naast het dossier. Hij was gewend aan mensen die op een gegeven moment genoeg hadden van overleg en een pen pakten om weer aan het werk te kunnen.
‘Eva zegt dat ze het op verzoek van Niels heeft veranderd,’ zei Lena.
‘Ik kan niet voor alles instaan wat individuele opdrachtnemers achteraf vertellen.’
‘Niels werkte aan jullie project.’
‘Hij is medewerker van RietWonen.’
‘En jullie betaalden hem.’
Marten legde zijn handen op tafel. ‘We hebben diensten afgenomen. Toegang coördineren, voortgang bewaken, afstemming met bewoners. Dat is in dit soort trajecten niet ongebruikelijk.’
‘Een vergoeding per woning die vrijkwam,’ zei Mieke.
Hij keek naar haar blocnote. Ze liet hem de notities niet zien.
‘Daar zijn afspraken over gemaakt. Een prestatiecomponent is geen misdrijf.’
‘Dat heb ik niet gezegd. We vragen wat als prestatie gold.’
Marten antwoordde dat het ging om duidelijkheid over vertrek, sleuteloverdracht en de planning van werkzaamheden. Hij gebruikte het woord vrijwillig twee keer. Lena vroeg hoe hij controleerde dat iemand vrijwillig vertrok als haar stroom was afgesloten en een medewerker zei dat ze binnenkort toch weg moest.
‘Ik kan geen afzonderlijke bewonerssituatie beoordelen zonder de stukken.’
‘Die hadden jullie voordat jullie betaalden.’
‘We hebben ons gebaseerd op de ontvangen dossiers.’
Lena voelde haar knie kloppen. Ze legde haar hand er niet op. Ze wilde hem niet laten zien dat ze vooral verlangde naar een andere stoel.
‘Ik was op zes mei bij Sofie. Ik heb je dat geschreven. Je weet dat de datum eenendertig maart niet kan kloppen.’
‘Ik heb kennisgenomen van je bericht.’
‘En wat heb je ermee gedaan?’
‘Intern vragen gesteld.’
‘Welke?’
Marten keek naar het vel dat Mieke voor zich had. ‘Dat kan ik niet allemaal in dit gesprek beantwoorden.’
Het was een antwoord dat Anouk ook kon geven. Bij haar ging het over een onderzoek waarin Lena niet ieder detail hoefde te kennen. Marten had haar naar dit gebouw laten komen om af te sluiten voordat hij de vragen beantwoordde.
Mieke vroeg of hij bereid was de oorspronkelijke afspraken over de vergoedingen en de dossierbeoordeling beschikbaar te stellen voor de onafhankelijke controle. Hij zei dat ze wettelijk vereiste informatie uiteraard zouden leveren. Lena hoorde het gat tussen wat gevraagd werd en wat hij toezegde.
‘We werken niet voor niets aan herstel,’ zei hij. ‘Ook voor bewoners. Als mevrouw Van Dijk contact zoekt, kan met haar een afzonderlijke regeling worden besproken.’
Lena hield haar blik op het glas. Ze had geen mond nodig die vanzelf iets zei om het contact soepel te houden.
‘Contact met Sofie loopt zoals zij dat zelf kiest,’ zei Mieke. ‘Haar zaak wordt niet geregeld via deze tafel zonder haar toestemming.’
‘Dat stel ik ook niet voor.’
‘U brengt haar in een afwikkeling met Lena ter sprake.’
Marten schoof zijn stoel wat achteruit. Op de gang ging een telefoon. Iemand nam op en liep al pratend weg.
‘Ik probeer te voorkomen dat alles verder escaleert. Wat in de Bremstraat is gebeurd, heeft iedereen geraakt. Een bewoner is overleden. We moeten niet de indruk wekken dat ieder meningsverschil daarmee samenhangt.’
Lena keek op. ‘Wie zegt dat dit een meningsverschil is?’
‘Het is niet mijn bedoeling iets te bagatelliseren.’
‘Je gebruikt zijn dood wel om te vragen dat we rustig worden.’
Hij bewoog de dop van zijn pen tussen duim en wijsvinger. ‘Ik wist niet wat daar die avond gebeurde. Dat weet ik nog steeds niet.’
‘Dan maak je zijn dood geen reden om mijn correctie in te trekken.’
Mieke legde haar pen neer. ‘We houden de zaken uit elkaar. De vraag naar het geweld ligt bij de politie. De onjuiste dossiers en de druk op bewoners bestaan daarnaast. Dat hoeft niet te wachten op een conclusie over Henk Roos.’
Lena ademde uit. Ze had niet geweten dat ze haar adem even vasthield. Ze had de neiging gehad Marten te laten zeggen dat hij meer wist, net zolang te vragen tot hij een fout maakte. Mieke bracht haar terug naar wat ze hier werkelijk konden bespreken.
‘Ik wil dat mijn oorspronkelijke verslag in het dossier wordt opgenomen,’ zei ze. ‘Met een zichtbare correctie. Ik wil dat de bewoners die door de onjuiste informatie zijn geraakt, worden benaderd via een onafhankelijke beoordeling. En ik geef mijn stukken aan de mensen die dat onderzoeken.’
‘Je vraagt hiermee om stappen die wij niet alleen kunnen nemen.’
‘Neem dan de stappen die jullie wel kunnen nemen.’
Hij keek naar het document. ‘Een eventuele vergoeding mag daar niet van afhankelijk worden gemaakt. Ik kan voor een overleg als dit geen open cheque afgeven.’
‘Ik heb niet om een cheque gevraagd.’
Lena dacht aan de terugbetaling die gisteren van haar rekening was gegaan. Zij kon dat geld gebruiken. Het bedrag in het concept zou de komende maanden gemakkelijker maken. Precies daarom wilde ze het niet laten staan naast een zin die haar opnieuw eigenaar maakte van tekst die zij niet had geschreven.
‘Je kunt me het voorstel mailen,’ zei ze. ‘Ik neem het mee naar mijn eigen adviseur. Ik ga hier niets tekenen en ik trek geen correctie in.’
Marten zei dat hij het jammer vond dat ze zijn bereidheid tot overleg zo uitlegde. Mieke vroeg hem schriftelijk te antwoorden op de vragen die zij zou sturen. Hij ging daar niet meteen op in. Het gesprek had zijn handige einde gemist en moest nu op een gewone manier afgelopen worden.
Lena nam een slok water. Voor het eerst sinds ze binnen was, besefte ze dat ze dorst had. Ze zette het glas terug en stond op. Haar knie trok. Mieke wachtte met het pakken van haar jas tot Lena haar tas veilig over haar schouder had.
In de gang kwam de receptionist met een pak papier langs. Hij hield de deur naar de hal voor hen open. Lena bedankte hem. Buiten onder het afdak voelde ze hoe koel de lucht was geworden.
‘Ik heb er nog geen antwoord op gekregen,’ zei ze.
‘Op welke vraag?’
‘Wat hij wist. Toen hij voor lege huizen betaalde.’
‘Hij heeft wel bevestigd dat er een vergoeding per vrijgekomen woning was. En dat hij jouw bericht over zes mei heeft ontvangen. Wat daarachter zit, moet worden onderzocht. Je hebt geen reden om zijn versie over te nemen omdat hij water inschenkt.’
Lena keek naar haar tas. ‘Ik was bijna over Henk gaan doorvragen.’
‘Ik merkte het.’
‘Dat had niets opgeleverd.’
‘Misschien een antwoord. Geen betrouwbaar antwoord omdat je het graag nodig hebt.’
Mieke zette haar fiets van het rek. Ze had een nieuwe afspraak en moest weg. Lena belde Tom. Hij zei dat het nog even zou duren. Ze ging op het lage muurtje voor het gebouw zitten en stuurde Anouk dat het zakelijke gesprek voorbij was. Ze had het concept niet ondertekend. Er was geen incident geweest.
Daarna maakte ze aantekeningen van Martens woorden, met de punten waarop zijzelf en Mieke waren doorgegaan. Ze schreef niet dat hij zijn schuld had bekend. Hij had sommige afspraken bevestigd en andere vragen ontweken. Dat was wat er lag.
Tom kwam met een flesje water en een broodje in een papieren zak. Het broodje was voor hem. Hij bood de helft aan en Lena nam die.
‘Ging het?’
‘Hij wilde betalen om het af te sluiten.’
‘En?’
‘Er stond iets bij dat ik niet kon tekenen.’
Tom keek even naar haar, kauwde en knikte. ‘Daar ben je tegenwoordig beter in.’
‘Ik ben er nog steeds te laat mee.’
‘Ja,’ zei hij.
Dat deed pijn. Ze aten de rest van het broodje zonder er een troostzin achteraan te zetten. Toen stopte Lena haar notities in de tas, tussen de kopieën die nog altijd van haar waren, en liet Tom haar naar huis brengen.