Hoofdstuk 8 van 360%

Selecteer een woord of zin in de leestekst en kies wat je ermee wilt doen.

Hoofdstuk 8 · 10 minuten lezen

Een nieuw gesprek

Achter de ontvangstbalie stond een vaas met drie plastic takken. Hester keek ernaar terwijl Robin haar identiteitsbewijs terugstopte. Er was geen reden om op die takken te letten, behalve dat ze er niet hoefde na te denken over wie haar naam op het scherm had gelezen. De medewerker wees twee stoelen aan en zei dat iemand hen kwam halen.

Robin ging aan de rand zitten, haar jas nog dicht. Hester liet de stoel ertussen vrij. Ze hadden onderweg afgesproken dat ze niet voor elkaar zouden antwoorden. Nu leek dat een afspraak die speciaal bedoeld was om te voorkomen dat Hester de eerste vraag alweer zou invullen.

Ellen Meijer kwam hen om tien uur halen. Ze droeg een donkerblauw vest en had een pen achter haar oor die ze meteen pakte toen ze hun namen controleerde. Ze stelde zich voor zonder op voorhand iets te zeggen over hoe zwaar dit voor hen moest zijn. Hester was haar daar dankbaar voor.

De gespreksruimte keek uit op een binnenplaats met fietsen. Ellen wees naar twee stoelen naast elkaar en vroeg of ze samen wilden beginnen. Afzonderlijke gesprekken konden later nodig zijn. Hester zei dat ze juist haar eigen verklaring kwam corrigeren; Robin wilde toelichten waarom ze vragen had gesteld. Ellen knikte en vroeg hen het verschil tussen eigen waarneming en wat ze van anderen hadden gehoord zo duidelijk mogelijk te houden.

'Dat ga ik waarschijnlijk een paar keer vragen,' zei ze. 'Niet om u tegen te spreken, maar om te weten waar informatie vandaan komt.'

Hester schoof haar schrift naar zich toe. Ze had thuis één alinea opgeschreven, niet een hele reconstructie. Ze las hem niet meteen voor.

'Op vijfentwintig september tweeduizendvier is Brecht Boon in De Werf van de trap gevallen,' begon ze. 'Ik heb toen verklaard dat mijn zus Merel bij mij in de keuken was toen het gebeurde. Dat was niet waar.'

Ellen schreef de namen op en vroeg naar hun leeftijden destijds. Vervolgens vroeg ze hoe Hester wist wanneer Merel was binnengekomen.

'Ik hoorde een klap. Niet zacht, iets zwaars. Daarna kwam ze de keuken in. Ik heb haar daarvoor niet gezien. Ik weet niet hoe lang ertussen zat. Kort, in mijn herinnering, maar ik heb geen klok bekeken.'

'Zag u van waar ze kwam?'

'Uit de gang. De keuken komt uit op de zijgang. Ik kon vanuit de keuken de trap niet zien.'

'En toen ze binnenkwam?'

'Ze huilde. Ik heb haar laten zitten. Ze was erg overstuur. Ik dacht dat ik haar moest beschermen.'

'Heeft ze u verteld dat ze iets had gedaan?'

'Nee.'

'Heeft u haar dat gevraagd?'

Hester keek naar haar schrift. De vraag van toen ontbrak niet uit haar herinnering omdat ze hem vergeten was. Ze had hem niet gesteld. Ze had Merel geen gelegenheid gegeven iets te antwoorden dat niet bij haar oplossing paste.

'Niet rechtstreeks. Ik vroeg of ze gewond was. Of ze iets nodig had. Ik zei dat ze bij mij moest blijven.'

Ellen schreef door. 'Dus uw reden om een andere verklaring af te leggen was uw eigen veronderstelling.'

'Ja.'

Naast haar bewoog Robin niet. Hester keek niet of ze luisterde zoals een dochter moest luisteren. Ze hoefde niet ook nog op haar eigen gezicht te letten om Robin daarin een bruikbaar antwoord te geven.

Ellen vroeg wanneer Hester zich realiseerde dat haar verklaring onjuist was geweest. De formulering was bijna hoffelijk; Hester wilde er geen misverstand mee laten bestaan.

'Toen ik hem gaf. Ik wist het meteen. Het is geen herinnering die nu anders blijkt.'

'Dat noteer ik.'

Ze vroeg waarom Hester zich nu meldde. Hester vertelde over de opdracht, de enveloppen en het gesprek met Robin. Ze noemde Rubens route, maar zei erbij dat Ruben die zelf moest vertellen. Daan had niet bevestigd dat hij hem op het jaagpad had gezien. Ze had verder niets onderzocht. Ellen vroeg naar de uitnodigingen en Hester haalde de enveloppen uit haar tas. Ze had alleen haar eigen exemplaar en dat van Brecht meegenomen, met het kaartje.

Robin zei dat zij ze had gemaakt. Ze beschreef de kantoorwinkel, het afgeven van het pakket en de bedoeling. Ze noemde Fleur als degene die haar contactgegevens had gegeven en zei dat ze uiteindelijk geen post had verstuurd. Ellen vroeg naar haar naam en adres op een apart formulier.

'Ik heb niemand bedreigd,' zei Robin.

'Ik vraag u hoe het gegaan is. Uw moeder een uitnodiging sturen terwijl zij overleden is, kan bij anderen veel oproepen. Dat begrijp ik uit wat u vertelt. Ik wil uw bedoeling ook in uw eigen woorden hebben.'

'Ik wilde dat zij niet alleen een foto op een wand werd.'

Ellen keek op en wachtte. Robin zette haar handen plat op haar bovenbenen.

'En ik wilde dat iemand zou vertellen waarom er verschillende verhalen zijn over wie waar was. Ik heb niet gedacht dat iemand dan meteen een bekentenis zou afleggen. Maar ik heb wel gewild dat het ongemakkelijk werd.'

Ellen noteerde het. Ze maakte geen gebaar dat het begrip voor Robins verdriet tot goedkeuring verhief. Daarna vroeg ze naar Else en naar de brief. Robin legde uit dat haar oma de originele brief had. Hij ging over Brechts voornemen om De Werf te verlaten en over werk waarvoor haar moeder niet de juiste erkenning kreeg.

'Heeft u de brief zelf gelezen?'

'Ja. Bij haar thuis. Ik kan haar vragen of ze contact met u wil opnemen.'

'Dat is een goede eerste stap. Vraag haar de brief te bewaren zoals hij is. Als ze hem beschikbaar wil stellen, maken we daar rechtstreeks afspraken over. U hoeft hem niet via mevrouw Koster te laten gaan.'

'Dat was ik niet van plan.'

'Prima.'

Ze praatten over wat ze niet wisten. Robin had geen kennis van de val en herinnerde zich de avond niet. Hester had de trap pas gezien nadat ze uit de keuken was gekomen, met Merel nog achter zich. Er waren mensen om Brecht heen geweest. Haar moeder had opdrachten gegeven. Hester wist niet hoeveel tijd verstreken was voor de eerste hulpvraag. Er waren telefoons geweest, geroep, iemand had een jas gehaald. Ze weigerde het na al die jaren tot een tijdlijn te lijmen die ze niet kon onderbouwen.

Ellen vroeg of ze haar oude verklaring had bewaard. Nee, zei Hester. Ze had geen dossier en wist niet exact welke woorden waren vastgelegd. Ze wist wel welke onjuiste mededeling ze had gedaan. Ellen zei dat de oude stukken, voor zover beschikbaar, door de politie moesten worden bekeken. Ze zou geen volledig dossier met hen delen.

'Dat is ook niet wat ik vraag,' zei Hester.

'Ik zeg het nu omdat u zult willen weten wat we aantreffen. We kunnen niet alles terugkoppelen. En ik kan vandaag niet toezeggen dat uw correctie leidt tot een ander oordeel over de dood van mevrouw Boon.'

Robin boog voorover. 'Maar er wordt wel naar gekeken.'

'Uw informatie wordt beoordeeld. Ik leg vast dat mevrouw Koster haar eigen eerdere mededeling corrigeert. Ik wil daarna de relevante stukken zien en bepalen wie we moeten spreken. Ik kan niet uit dit gesprek afleiden wat er op de trap is gebeurd.'

Hester dacht aan haar moeder die iedereen altijd voor misverstanden had willen behoeden. Dit was een ander soort voorbehoud. Ellen liet het onbekende bestaan zonder het alvast minder ernstig te maken.

'Moet ik mijn zus hierheen sturen?' vroeg Hester.

'U kunt haar vertellen dat u bent geweest. Beslis niet namens haar wat zij te verklaren heeft. Als ik haar moet benaderen, doe ik dat zelf.'

Hester voelde zich betrapt op iets wat ze juist wilde afleren. Ze zei dat ze dat begreep. Robin keek haar even van opzij aan, niet triomfantelijk.

Ellen vroeg of er bedreigingen waren geweest. Jasper had de uitnodigingen een aanval op de verkoop genoemd, vertelde Hester, maar er was geen concreet dreigement geuit. Haar moeder wilde dat ze ze weggooide. Robin schudde haar hoofd toen Ellen haar naar eigen ervaringen vroeg. Ze was niet gevolgd, niemand had geprobeerd haar telefoon te pakken, ze had geen anonieme berichten gekregen. Ze was boos geweest en had weinig geslapen. Dat was op zichzelf geen bedreiging.

'Als dat verandert, neem contact op,' zei Ellen. Ze gaf hun een kaart met een kenmerknummer voor de melding. 'Bij direct gevaar belt u meteen. Voor andere incidenten noteert u zo precies mogelijk wat er feitelijk gebeurt. Wie, waar, wanneer, welke woorden. Niet zelf proberen iemand ergens toe te bewegen.'

'En de open dag?' vroeg Hester.

'Dat is een verantwoordelijkheid van de organisator en de eigenaar. Ik geef u geen toestemming namens de politie. Als er een concrete veiligheidsvraag is, meld die. Houd uw gewone veiligheidsafspraken aan.'

Ze sprak de afspraak voor contact nogmaals door. Hester las haar correctie terug in de vorm waarin die werd vastgelegd en veranderde één zin. Ze had geen huilen gehoord vóór Merel binnenkwam; ze had pas gezien dat haar zus huilde toen ze in de deuropening stond. Ellen paste de zin aan zonder commentaar. Dat kleine verschil was precies het soort zorgvuldigheid dat Hester altijd had willen overslaan zodra ze dacht de hoofdzaak te begrijpen.

Toen ze haar naam zette, bewoog haar hand niet merkbaar anders dan op een opdrachtbevestiging. Ze had zich een grotere lichamelijke gebeurtenis voorgesteld. Daarna schoof Ellen het papier terug naar zich toe en vroeg of er nog iets was dat zij zelf hadden waargenomen en niet hadden verteld.

Hester dacht aan de balustrade. Ze vertelde dat haar moeder het woord had gebruikt voordat Jasper er in haar bijzijn over was begonnen. Ze zei ook dat het oude ongeval openbaar bekend was geweest. Ellen vroeg de precieze context, noteerde de zin en trok er geen conclusie uit. Hester schaamde zich niet dat ze het genoemd had. Ze schaamde zich wel een beetje voor de opluchting die ze had verwacht toen iemand anders er misschien iets verdachts in zou horen.

Buiten haalde Robin haar telefoon uit haar jas. Er stonden drie berichten van haar opdrachtgever, allemaal over een maatverschil in de wanden. Ze las ze en zei een woord dat ze bij haar oma vermoedelijk niet gebruikte.

'Ik moet terug.'

'Kun je het redden?'

'Ja. De trein over elf minuten. Als ik loop.'

Hester wilde haar iets te eten aanbieden, maar herinnerde zich de broodjes. Ze vroeg in plaats daarvan of Robin wilde dat ze Fleur informeerde over de tijd die de afspraak had gekost. Robin zei dat ze haar eigen uren bijhield.

'Natuurlijk.'

Bij het stationsplein stopte Robin. 'Ik weet nog niet wat ik van jou vind.'

'Dat hoef je vandaag niet te weten.'

'Dat klinkt handig.'

'Zo bedoelde ik het niet.'

'Ik weet het.' Ze stopte haar telefoon weg. 'Ik vind het wel goed dat je het gezegd hebt. Daar kan ik tenminste iets mee, ook als ik er kwaad om ben.'

Ze liep door naar de kaartlezers. Hester bleef niet kijken of ze de trein haalde. Ze belde Fleur, die bij de tweede keer overgaan opnam en vroeg of de bespreking met de cateraar al was bevestigd. Hester zei van wel en vertelde daarna kort waar ze was geweest. Er kwam geen antwoord.

'Fleur?'

'Ja. Ik hoor je.'

'We moeten vanmiddag over het programma praten.'

'Hoeveel mensen weten dit?'

Hester keek naar de kaart met het kenmerknummer. Daar stond geen geruststellend antwoord op die vraag.

'De mensen aan wie ik het moest vertellen. Ik kom straks naar De Werf. Eerst stuur ik Merel een bericht.'

Ze legde de telefoon neer en schreef dat de afspraak had plaatsgevonden, dat ze haar eigen woorden had gecorrigeerd en geen verklaring namens haar zus had afgelegd. Daarna stak ze over naar de bakker voor een kop thee die ze opdrinken zou terwijl hij nog warm was. Over een halfuur moest ze Tessa bellen. Voor het eerst die ochtend hoefde ze niemand te vertellen waar ze vandaan kwam.

Hoofdstukken

De achtste uitnodiging

  1. 01Een stoel te veel10 minuten
  2. 02De mensen op de lijst10 minuten
  3. 03Wat ze had gezegd10 minuten
  4. 04De achterdeur10 minuten
  5. 05Zeven namen10 minuten
  6. 06Robin10 minuten
  7. 07Een gewone ochtend10 minuten
  8. 08Een nieuw gesprekJe leest nu10 minuten
  9. 09Wat buiten beeld bleef10 minuten
  10. 10De verkeerde schuld10 minuten
  11. 11Bij Marjan thuis10 minuten
  12. 12De eerste correctie10 minuten
  13. 13Wat Brecht wilde10 minuten
  14. 14De naam onder het werk10 minuten
  15. 15Daan aan de overkant9 minuten
  16. 16Afgelast9 minuten
  17. 17De rekening van vroeger10 minuten
  18. 18Wie het moet horen11 minuten
  19. 19Zonder vangnet10 minuten
  20. 20De lat die loszat10 minuten
  21. 21Geen sluitend verhaal10 minuten
  22. 22Wat Ruben niet terugkrijgt10 minuten
  23. 23Merels eigen deur10 minuten
  24. 24Wat ze zag11 minuten
  25. 25De volgende ochtend8 minuten
  26. 26Een moeder die helpt9 minuten
  27. 27Wat Robin bewaart8 minuten
  28. 28Een programma zonder leugen9 minuten
  29. 29In haar eigen woorden9 minuten
  30. 30Wat nog openstaat9 minuten
  31. 31De dag van het opbouwen8 minuten
  32. 32Boven de zaal8 minuten
  33. 33De plaats die vrijbleef10 minuten
  34. 34Niet het oude programma10 minuten
  35. 35Wat je mee kunt nemen9 minuten
  36. 36Een eigen plaats10 minuten

Leesinstellingen

Kies wat voor jouw ogen prettig leest.

Tekstgrootte
100%

Leesgereedschap

Mijn leesnotities

Alleen in jouw browser. Ook opgenomen in je boekenplank-back-up. Maximaal 2000 tekens.

Mijn bladwijzers

Gebruik het bladwijzericoon naast een alinea om een stukje terug te vinden.

FABLIVA

Vind je volgende verhaal

Zoek op titel, onderwerp of genre.

FABLIVA

Een idee of iets dat beter kan?

Help ons Fabliva mooier te maken. Een account is niet nodig.

Je bericht gaat per e-mail naar hello@fabliva.com. We gebruiken het alleen om je feedback te behandelen. Vul je een e-mailadres in, dan kunnen we reageren.

Liever via e-mail? hello@fabliva.com
FABLIVA

Je verhalen, een tik dichterbij.

Zet Fabliva op je beginscherm. Je kunt hier ook gewoon verder lezen.

Je offline boeken

Bewaarde boeken staan op dit apparaat. Je kunt per boek ruimte vrijmaken; je leesplek en notities blijven bewaard.

Boektaal: Nederlands

Verder in de nieuwe editie

Neem je leesplek en passende bladwijzers over. De eerdere editie, leesplek en notities blijven bewaard.

Wat betekent dit woord?

De korte verklaringen en vertalingen hieronder staan op je apparaat en werken ook offline.

Dit opent een externe website met alleen het gekozen woord. Er gaat geen zin of boektekst mee.

Laat dit hoofdstuk voorlezen

Kies een stem en luister eerst naar een korte proef. De beschikbare stemmen verschillen per apparaat.

Bij een online stem ontvangt de spraakdienst de tekst die je laat voorlezen. Lokale stemmen verwerken deze op je apparaat.