← Het huis dat zijn grond verloor
Inhoudsopgave · hoofdstuk 13 van 22
  1. 1. De lade die niet dichtbleef
  2. 2. Los
  3. 3. Een ander uitzicht
  4. 4. Onder de brug
  5. 5. Fara’s boot
  6. 6. Eten aan de verkeerde kant
  7. 7. Niet door mijn wilgen
  8. 8. De baan door de weide
  9. 9. Alles aan één kant
  10. 10. De straat vaart mee
  11. 11. Achter de gesloten poort
  12. 12. Fara gaat
  13. 13. De hoek die bleef steken
  14. 14. Een kamer lager
  15. 15. Niet alleen mijn huis
  16. 16. Wat er weg mag
  17. 17. Zes ritten later
  18. 18. Recht genoeg
  19. 19. De vloer komt vrij
  20. 20. Bovenwater
  21. 21. De dingen die nog moeten
  22. 22. De eerste passagier

Hoofdstuk 13 van 22

De hoek die bleef steken

Het huis schoof nog geen halve meter voordat Ties begreep hoe anders dit stuk zou worden. Op de rivier had alles achter het raam bewogen. Hier kon hij zien hoe langzaam de zwarte onderrand langs één grasspriet ging.

Eerst bleef de spriet voor de hoek staan. Toen verdween hij erachter. Er kwam een plukje slib omhoog, dat in het water uitwaaierde.

Jet liet de sleepboot maar kort trekken. Bram hield vanaf de vaste rand de andere lijn bij. Het huis bleef tussen de gele lappen. Nelle stond verderop waar de lagere baan langs de ophoging liep. Renske stond bij haar, met het karton in haar hand.

‘Nog een klein stuk,’ hoorde Ties Jet zeggen.

De motor bromde. Het geluid werd een beetje zwaarder. De tros trok strak en het huis draaide bijna onmerkbaar naar rechts.

Jet stak haar hand op.

‘Stop.’

Het motorgeluid zakte weg. De tros ontspande niet helemaal, maar hij trok ook niet verder. Bram sloeg zijn lijn om de paal en hield het losse eind vast. Aan de achterkant van het huis kwam een klein golfje tegen de gevel. Daarna werd het water weer glad.

Ties hoorde een tik. Hij wist niet of die uit het huis kwam of van een lijn tegen de balk. Hij ging op zijn tenen staan.

‘Waarom staan we stil?’

Elias keek naar Jet. Hij gaf niet meteen antwoord. Ties vond dat erger dan wanneer hij iets vervelends had gezegd.

Renske kwam langs de rand terug. Ze liep niet haastig. Bij de achterste hoek bleef ze even staan en keek naar het waterlijntje langs de zwarte rand. Daarna boog ze naar Bram en zei iets.

‘Mam!’

Ze keek op.

‘Wat was dat geluid?’

‘Ik heb het ook gehoord. Wacht even.’

Ties kneep in de rand van het hek. Binnen stond zijn bed. Zijn tafel. De mok met het stukje eruit. Hij kon door het raam niet zien of iets daarvan omviel. De gordijnen bewogen niet. Het hele huis leek even gewoon alsof het expres niet liet merken wat eronder gebeurde.

Jet klom van de boot naar de vaste steiger. Ze liep met de lange meetstok naar Renske. Nelle haalde er een bredere lat bij, die ze plat op het water legden en langs de zijkant hielden. Ties kon hun woorden niet allemaal verstaan. Wel zag hij dat Jet steeds naar dezelfde voorste hoek terugkeek.

Het duurde langer dan hij prettig vond.

Uiteindelijk kwam zijn moeder naar hem toe. ‘Een hoek rust op de bodem. Op dat stuk naast de rug.’

‘Zakt hij?’

‘Hij ligt stil. Op die brede rand waar hij thuis ook op staat als het laag is.’

‘Maar de rest dan?’

‘Daar staat wel genoeg water. Daarom hebben we de lijnen erbij. Het staat nu vast en we kijken wat er precies zit.’

Hij wees naar de peilstok. ‘Kunnen jullie niet nog een beetje—’

‘Nee. Dit is het peil dat we hebben afgesproken.’

Ze zei het rustig, zonder hem te laten afmaken wat iedereen al kon raden.

Nelle kwam erbij. Aan haar laars zat een nieuwe dikke laag modder. ‘Dat lagere stuk is niet overal lager,’ zei ze. ‘Onder dat gras zit een hogere, stevige kleirand. Naast de plek waar wij konden prikken.’

Ties keek naar de gladde watervlakte. Hij had vanochtend op datzelfde gras gestaan. Hij had zijn voeten overal neer kunnen zetten. Hij had niet gevoeld dat de grond voor een huis een andere vorm kon hebben dan voor een schoen.

‘Kun je het huis een stukje de andere kant op trekken?’ vroeg hij.

Nelle wees naar de gele lap en de jonge wilgen erachter. ‘Dan kom je dáár. Daar is ook niet genoeg baan.’

Jet kwam nu zelf naar de rand. Ze haalde haar pet af en veegde met haar mouw langs haar voorhoofd. ‘Het proefstuk heeft gedaan waarvoor we het probeerden. We weten het nu. Ik ga niet harder trekken om te kijken wie er wint.’

Ties keek haar aan. Ze maakte er geen grapje bij. Hij knikte, hoewel hij het liefst had gehad dat ze juist wel iets grappigs zei.

Bram bracht een tweede borglijn naar een paal aan de andere kant. Dat kostte tijd. Hij liep eerst om het vak heen en moest bij de bovenpoort wachten tot Nelle hem het hek kon openen. Ties volgde hem met zijn ogen. Hij zag hoe lang het terrein was. Van de haven af had het een leeg stuk land geleken. Nu stond hun huis er middenin, niet vooraan en niet achteraan.

Elias pakte zijn thermosfles uit de tas. ‘Wie wil iets warms?’

Niemand antwoordde meteen. Hij draaide toch de dop eraf en schonk een bekertje in. Hij gaf het aan Ties. Er zat thee in, niet koffie. De buitenkant was warm tegen zijn vingers.

Ze stonden te drinken toen Renske de lijn bij de steiger een laatste keer nakeek. Jet kwam met haar terug. Ze hadden de hoek laten rusten en de andere kanten geborgd. Renske mocht straks met Bram naar binnen om te kijken hoe de kast en de losse dozen stonden. Eerst zouden ze nog eens langs alle bereikbare randen meten.

Het lege huis ligt na de proef geborgd; Ties heeft warme thee en kijkt met Elias vanaf de kant.

‘En wij?’ vroeg Ties.

‘Wij blijven hier,’ zei Elias. ‘Ik ga zo wat eten halen.’

Ties keek naar de lucht. Het was nog middag. Er was geen reden waarom deze dag al klaar zou zijn. Hij zag het aan de gezichten van de volwassenen toch: dit huis ging vandaag niet meer door de bovenpoort.

In de verte, vanaf de haven, klonk gelach. Iemand liet iets hards op de grond vallen. Meteen daarna lachte iemand nog harder.

Ties draaide het warme bekertje tussen zijn handen. Hij hoefde niet te gaan kijken om te weten waar Fara waarschijnlijk was.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.