← Bieden op nummer zeventien
Inhoudsopgave · hoofdstuk 7 van 22
  1. 1. Nog één keer kijken
  2. 2. Raf staat achter de tafel
  3. 3. Nummer zeventien
  4. 4. Niet alvast verkocht
  5. 5. Een hand die vanzelf omhoog wil
  6. 6. De lamp van Farida
  7. 7. Mijn bod
  8. 8. Het blauwe strookje
  9. 9. Deze draait niet
  10. 10. Geen tas voor die klant
  11. 11. Nog eens proberen
  12. 12. Hier blijft hij
  13. 13. Niet voor iedereen
  14. 14. Even buiten
  15. 15. Wat Anja al weet
  16. 16. Rafs handen
  17. 17. Nummer negen was eerder
  18. 18. Aan de haak
  19. 19. De kijker onder het papier
  20. 20. Wat er geruild is
  21. 21. Opnieuw uit de hoes
  22. 22. Wie zag hem eerst

Hoofdstuk 7 van 22

Mijn bod

Bij nummer zestien wilde Cato ineens naar de wc.

Ze wilde niet echt. Ze wist bijna zeker dat ze niet echt hoefde. Maar nu ze niet meer op kon staan zonder zeventien te missen, voelde ze precies waar haar buik zat.

Ze schoof naar het puntje van haar stoel. Haar vader zette zijn kopje onder zijn stoel, buiten het gangpad.

‘Alles goed?’

Ze knikte te snel.

Anja klapte de hoes van de rekenmachine dicht. Er was twee euro voor geboden. Ze keek nog één keer de zaal rond en tikte met de hamer.

Daarna pakte ze het kleine zwarte hoesje.

Cato trok haar hand onder haar knie vandaan.

‘Nummer zeventien. De verrekijker met hoes.’

Anja haalde hem eruit en hield hem zo omhoog dat de mensen de vorm konden zien. Het rode lusje hing langs haar hand. Cato zag de drie witte steken niet vanaf haar stoel, maar ze wist waar ze zaten.

‘Wie begint?’

Er kwam een stem achterin. ‘Vijf.’

Zo weinig. Cato had erop gewacht dat het meteen al meer dan dertig zou zijn. Ze keek naar de hand achterin en vergat haar eigen mond open te doen.

De vrouw van gisteren, een paar rijen verder, zei acht.

‘Tien,’ zei Cato.

Het klonk harder dan ze had gewild. Anja keek meteen haar kant op.

‘Tien hier.’

Haar vader deed niets. Hij keek alleen naar de tafel op het podium.

De stem achterin bood twaalf. Cato zei vijftien voordat de vrouw aan de beurt kon komen. Dat werkte niet. De vrouw hoefde niet op een beurt te wachten; ze stak gewoon haar hand op en zei achttien.

Cato keek even omlaag naar haar lijst. Ze wist niet waarom. Er stond geen volgend bedrag in.

‘Twintig.’

Anja herhaalde het. De man achterin schudde zijn hoofd. Cato hoorde het aan de stilte voordat ze hem zag.

Alleen de vrouw nog.

‘Vijfentwintig,’ zei die.

Cato kneep haar vingers tegen elkaar. Nog vijf euro tot haar grens. Ze hoefde niet meteen naar dertig. Ze moest alleen meer zeggen dan vijfentwintig.

‘Zesentwintig.’

De vrouw glimlachte heel kort, niet naar Cato maar naar iemand naast haar. Ze zei zevenentwintig niet. Cato had al lucht gehaald voor een volgend bedrag toen Anja de stilte liet vallen.

‘Zesentwintig. Nog iemand?’

Er schoof ergens een stoel. Cato draaide haar hoofd, bang dat die stoel een hand zou blijken te zijn.

‘Zesentwintig voor.’

Haar vader bewoog zijn voet een klein eindje van het koffiekopje af.

‘Zesentwintig voor de tweede keer.’

Cato hoorde haar eigen jas ritselen toen ze ging verzitten. Ze hield zich stil.

‘Zesentwintig.’ Anja keek naar de vrouw en daarna naar de achterste rij. ‘Verkocht.’

De hamer tikte.

Cato heeft met haar vader naast zich het winnende bod op de kijker uitgebracht.

Het was helemaal geen hard geluid. Cato had gedacht dat er meer zou gebeuren. Maar Anja schreef iets op, de vrouw pakte haar lijst en iemand achterin vroeg of de deur een stukje dicht kon omdat het trok.

Dorus keek naar haar. ‘Je hebt hem.’

Ze keek terug naar de tafel. Anja legde de kijker weer in de hoes. Ze stopte het rode lusje naar binnen, precies zoals Cato gisteren had gedaan.

‘Ik heb hem,’ zei ze.

Haar vader lachte. Hij klopte één keer met zijn hand op haar knie en boog zich toen om zijn kopje onder de stoel vandaan te halen.

‘Niet vergeten af te rekenen. Anders is het voorlopig vooral een zin.’

Cato stond op. Haar benen wilden niet zo rustig lopen als de rest van de mensen in het gangpad. Ze hield haar lijst voor zich, alsof ze daarmee de weg vrij kon maken.

Bij het buffet stond een man die een hele verzameling munten uit zijn broekzak haalde. Hij legde ze in stapeltjes en begon iedere keer opnieuw als er iemand iets tegen hem zei. Cato hield haar mond.

Dorus wachtte naast haar. Hij keek niet op zijn telefoon. Dat was prettig; ze had zin om hem telkens iets te vertellen wat hij net zelf gezien had.

‘Zesentwintig,’ zei ze.

‘Ik was erbij.’

‘Ik weet het.’

Toen ze aan de beurt waren, gaf ze het bedrag. Niet haar hele portemonnee. Ze haalde het laatste muntje eruit, legde het op de balie en keek toe hoe de vrijwilliger zeventien op haar strookje schreef.

‘Ophalen aan de zijkant,’ zei de vrijwilliger. ‘Met dit betaalde strookje.’

Cato nam het aan en vouwde het bijna dubbel. Ze bedacht zich en hield het plat.

Vanuit het gangpad kon ze het podium zien. Anja nam een slok water. Sander stond naast haar met een dienblad waarop een paar kleine verkochte dingen lagen. Anja pakte de zwarte hoes, wees naar het kaartje en gaf hem aan Sander.

Hij legde hem bij de andere spullen en liep naar de werkruimte.

Cato keek hem na. Er zat nu iets van haar op zijn blad. Dat maakte een gewone wandeling door de zaal ineens heel belangrijk.

Bij de uitgifte stond Raf met een pakje dat veel groter was dan zijn handen. Lotte hield de onderkant vast. Raf las het nummer en keek naar het strookje van de koper.

Cato wilde hem het hare al laten zien, maar hij was nog bezig.

Ze ging achter de streep op de vloer staan en wachtte tot hij opkeek.

Wat zou jij graag op een tweedehandsveiling willen bekijken?

Je kunt iets bedenken, er alleen aan denken of meteen verder lezen. Cato’s koop gaat zonder antwoord door.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.