← Bieden op nummer zeventien
Inhoudsopgave · hoofdstuk 18 van 22
  1. 1. Nog één keer kijken
  2. 2. Raf staat achter de tafel
  3. 3. Nummer zeventien
  4. 4. Niet alvast verkocht
  5. 5. Een hand die vanzelf omhoog wil
  6. 6. De lamp van Farida
  7. 7. Mijn bod
  8. 8. Het blauwe strookje
  9. 9. Deze draait niet
  10. 10. Geen tas voor die klant
  11. 11. Nog eens proberen
  12. 12. Hier blijft hij
  13. 13. Niet voor iedereen
  14. 14. Even buiten
  15. 15. Wat Anja al weet
  16. 16. Rafs handen
  17. 17. Nummer negen was eerder
  18. 18. Aan de haak
  19. 19. De kijker onder het papier
  20. 20. Wat er geruild is
  21. 21. Opnieuw uit de hoes
  22. 22. Wie zag hem eerst

Hoofdstuk 18 van 22

Aan de haak

Het hengsel bleef even achter de haak haken toen Sander de tas optilde.

Hij moest hem met zijn andere hand losmaken. Het groene doek vouwde naar binnen. Er klonk een zacht schuivend geluid, alsof er onder het papier iets van plaats veranderde.

Cato keek naar zijn handen.

Hij zette de tas op het vrije deel van de tafel, precies waar Anja had gewezen. De haak was nu leeg. Cato kon het donkere schroefgaatje in de muur ernaast zien.

Sander trok de rits verder open. Hij hield de twee kanten uit elkaar.

‘Ik heb dit meegenomen om te gebruiken.’

‘Laat maar zien,’ zei Anja.

Hij haalde een paar opgevouwen vellen eruit en legde ze naast de tas. Het was hetzelfde soort bruine papier dat op de rol lag. Eén vel had een vouw die zo vaak heen en weer was gegaan dat hij bijna doorscheen.

Cato wist niet wat ze had verwacht. Een kijker boven op de stapel, meteen zichtbaar voor iedereen, was het kennelijk niet.

Haar vader stond vlak naast haar. Ze kon zijn arm aanraken zonder haar arm te strekken. Raf stond aan haar andere kant. Zijn handen hingen langs zijn zij.

Niemand van hen ging dichterbij om in de tas te kijken. Anja kon er goed bij. Sander hield de opening naar haar toe.

‘Nog iets daaronder?’ vroeg ze.

Hij trok een volgend vel omhoog. Het zat om een hoek van iets heen. Hij maakte het met twee vingers los. De rand van de tas zakte een klein stukje naar beneden toen hij zijn hand verplaatste.

Er kwam een rood strookje tevoorschijn.

Cato bleef zo stil staan dat ze haar eigen knieën voelde. Het rood zat half onder het papier. Het was niet de kleur van een kaartje. Het was stof, dubbelgevouwen en aan het eind een beetje gerafeld.

Sander schoof het vel opzij.

Drie witte steken stonden schuin over het rode doek.

Sander toont op Anja’s verzoek zijn werktas; tussen het papier wordt de rode lus zichtbaar.

Cato haalde adem.

‘Dat is die lus.’

Ze zei het niet hard. Haar vader hoorde haar wel. Hij keek meteen naar Anja, niet naar Sander.

Anja had het rode stukje ook gezien. Ze raakte het niet aan.

‘Welke lus?’ vroeg ze aan Cato.

Cato hield haar handen tegen de zijkant van haar jas. Ze wilde het liefst naar de tafel lopen en het hele ding eruit trekken. Ze deed het niet.

‘Van gisteren. Dat korte rode lusje. Het had drie witte steken. Reinier zei dat het was om aan een haakje te hangen.’

Anja keek terug naar de tas. ‘Wil je laten zien waar dat aan zit, Sander?’

Hij hield het papier nog steeds in zijn hand. Het hing als een slappe flap over zijn pols. Hij legde het niet bij de andere vellen. Hij keek naar het rode strookje, alsof het hem voor het eerst opviel.

Een vrijwilliger achter in de werkruimte vroeg waar de lege dozen heen moesten. Hij had niet door wat er aan hun kant van de tafel gebeurde. Lotte antwoordde vanuit de doorgang. Cato hoorde de woorden, maar ze bleven niet hangen.

Ze keek naar het rode doek. Het was nog geen kijker. Het kon op zichzelf ook ergens anders aan zitten. Ze wist dat. Toch voelde ze weer hoe haar vingers er gisteren niet helemaal doorheen pasten.

Raf schoof zijn voet een eindje achteruit om iemand langs te laten. Hij botste zacht tegen haar schoen.

‘Sorry,’ fluisterde hij.

Cato schudde haar hoofd zonder hem aan te kijken. Het gaf niet.

Anja hield haar blik op Sander.

‘Je zei dat je inpakmateriaal bij je had. Dit wil ik ook zien.’

Sander legde het vel papier op tafel. Heel vlak. Hij streek er met zijn hand over. Cato moest aan Raf denken, die telkens de hoeken probeerde goed te krijgen.

‘Dat is van mij,’ zei Sander.

Anja antwoordde niet meteen. Ze keek naar de opening van de tas en daarna terug naar zijn gezicht.

‘Laat het dan even zien.’

Hij hield de ene kant van de tas vast en stak zijn andere hand erin. Cato zag zijn pols draaien. Het rode lusje schoof mee, maar verdween niet. Het kwam juist verder naar boven.

Cato keek weer naar de tas.

Er kwam een zwart gebogen oppervlak boven de rand. Een rond kapje. Daarna de brug tussen de twee buizen.

Sander hield de kijker vast bij het midden. Het korte rode lusje bungelde langs zijn vingers.

Anja wees naar de lege plek naast de tas.

‘Leg hem hier maar neer.’

Hij keek naar die plek alsof er nog iets lag dat eerst weg moest. Maar het was alleen het houten tafelblad.

Toen haalde hij de kijker helemaal uit de tas.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.