Hoofdstuk 4 van 20
De goede versie
Vrijdag stond het cameratasje nog steeds op Saars bureau. Ze had de camera er sinds woensdag niet meer uitgehaald. De bestanden stonden op haar laptop. Voor de zekerheid ook op de losse schijf van haar vader, in een map waarin hij eerst alleen vakantiefoto’s had bewaard. Hij had gevraagd of hij ruimte moest vrijmaken. Ze had gezegd dat het wel ging.
Op school had Lotte donderdag gewoon naast haar gezeten. Ze hadden een werkblad gemaakt en elkaars antwoorden vergeleken. Tijdens de pauze was Lotte met twee anderen naar de supermarkt gegaan. Saar had niet gevraagd of ze mee mocht. Ze had haar boterhammen nog.
Nu stond Lotte beneden, samen met Bilal. Haar fietsbel klonk langer dan één belletje hoorde te klinken. Saar ging de trap af.
‘Hij zit vast,’ zei Lotte toen Saar de voordeur opende. Ze hield een vinger onder het hendeltje en het gebel stopte. ‘Niet doen alsof ik ongeduldig ben.’
‘Dat dacht ik niet.’
Ze dacht het wel. Ze stapte opzij en liet hen binnen. Haar vader stond in de keuken pannen af te wassen. Hij bood drinken aan. Lotte vroeg water, Bilal vroeg of er iets was zonder prik, en toen haar vader water noemde zei hij dat dat zeer geschikt klonk.
Boven haalde Saar de was van haar tweede stoel. Bilal ging op de grond zitten, met zijn rug tegen het bed. Lotte pakte de stoel en schoof hem dicht bij het bureau. Het paste net. Saars kamer had nooit een derde stoel gehad. Nu leek dat een tekortkoming die iemand had moeten voorzien.
‘Jules heeft naar zijn stuk gekeken,’ zei Saar. ‘Hij vindt het goed.’
Ze liet zijn bericht zien. Mooi hoe ik daar sta te wachten. Dat doe ik verder nooit. Saar had een duimpje teruggestuurd en gevraagd of zijn naam goed gespeld was. Jules met een s, had hij geantwoord, net als gisteren.
De montage duurde twee minuten zevenendertig, inclusief de titel en de namen. De jongen kwam aanlopen. Hij keek naar het licht achter het glas. Binnen stond Lotte. Er klonken stemmen, zacht, door Bilal opgenomen toen de andere deelnemers hun eigen project aan het bespreken waren. Niemand zei iets wat je kon verstaan.
Op het scherm zei Jules dat hij dacht dat hij mocht komen. Lotte keek achterom en weer naar hem.
‘Dat was vorige week.’
Dat was de nieuwe zin. Lotte had hem woensdag, na de ruzie, op een los vel geschreven. Saar had de zin teruggehoord in die laatste rustige opname, toen Tessa naast de camera stond. Het was een goede zin. Er zat een geschiedenis in zonder dat je die zag. Saar had hem gehouden.
De jongen bleef nog even staan. Hij knikte, deed zijn jas dicht en liep uit beeld. Lotte liet de deur niet meteen los. Die kleine aarzeling had Saar uit een andere take gehaald. Nu klopte het.
Toen de namen verschenen, bleef het stil. Ze waren met z’n drieën weerspiegeld in het donkere deel naast het videovenster.
‘Hij is echt af,’ zei Bilal.
Lotte knikte. Ze hield haar glas tegen haar knie. ‘Ik snap nu beter waarom ze dat zegt.’
Saar wilde vragen of ze hem ook goed vond. Niet alleen begrijpelijk. Niet alleen af. Maar als ze het vroeg, moest Lotte iets zeggen. Dat zou ze aan het antwoord blijven horen.
‘Het geluid bij het weglopen is nog te hard,’ zei Bilal. ‘Zijn schoenen klinken alsof hij vijf verdiepingen van verdriet mee naar buiten neemt.’
Saar spoelde terug. Hij had gelijk. Ze had de stappen iets harder gezet omdat de stilte anders zo groot werd. Bilal wees op het balkje. Ze schoof het zachter. De jongen liep weg op gewone schoenen.
Lotte zette haar glas op de vensterbank. ‘Mijn naam mag gewoon Lotte van Dalen. Niet met mijn tweede naam erbij.’
‘Die weet ik niet eens,’ zei Saar.
‘Mooi. Dan blijven we dat zo doen.’
Ze bekeken de film nog eens, nu zonder te praten. Saar keek deze keer niet naar de beelden. Ze keek naar Lotte. Wanneer ze bewoog, of haar mond veranderde, of ze op enig moment vergat dat het over hun eigen film ging. Lotte keek aandachtig. Dat was alles wat Saar ervan kon maken.
‘Deze dus?’ vroeg ze toen het klaar was.
‘Deze,’ zei Lotte.
Bilal knikte en maakte met zijn vingers een vierkant om de aftiteling. ‘Mijn naam staat erin. Ik ben tevreden.’
Saar schreef GOED onder haar exportlijstje. Versie A. Drie namen in het gesprek ernaast. Morgen zou ze hem inleveren, ruim voor acht uur. Ze kon er nog een nacht over slapen.
Beneden praatte haar vader met Lotte over de bel. Hij hield het stuur vast en duwde met zijn duim het verbogen hendeltje terug. Saar had hem de hele week niet om hulp gevraagd, maar Lotte deed dat alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Misschien was het ook de gewoonste zaak.
Bilal fietste meteen weg. Lotte bleef staan met één voet op de stoeprand. Saar leunde tegen de voordeur. Uit de keuken kwam het geluid van een pan die over het aanrecht werd getrokken.
‘Woensdag was stom,’ zei Lotte.
Saar keek naar de straat. ‘Ja.’
‘Ik wilde je film niet afpakken.’
‘Dat zei ik ook niet.’
Lotte draaide het belletje iets op haar stuur. ‘Nee.’
Saar wachtte tot ze nog iets zei. Dat gebeurde niet. Uiteindelijk stak Lotte haar hand op, gaf een heel voorzichtig belletje en reed weg.
Boven speelde Saar de film nog een keer af. Hij was af. Alles stond op zijn plek. Toch kwam het moment bij de deur niet zoals die eerste oefenopname, toen Lotte nog niet wist of ze binnen mocht komen. Saar spoelde terug naar het gezicht vlak voor de afwijzing. Ze wachtte op het gevoel.
Na twee minuten zevenendertig was de film weer voorbij.