← Een tent voor twee
Inhoudsopgave · hoofdstuk 15 van 20
  1. 1. De kleine tent
  2. 2. Ontbijt voor twee
  3. 3. Nog één keer van de glijbaan
  4. 4. Er liep iemand langs
  5. 5. Maandagochtend
  6. 6. Twee ijsjes
  7. 7. Op woensdag het bos in
  8. 8. Aan tafel bij de tent
  9. 9. Waar het zand begon
  10. 10. Aan de andere kant van de heuvel
  11. 11. Zand en haren
  12. 12. Alles even naar binnen
  13. 13. Twee matjes
  14. 14. Vrijdag aan het hek
  15. 15. De laatste cursusdag aan tafel
  16. 16. Boven de bomen
  17. 17. Mila voorop
  18. 18. Niet alles mee
  19. 19. De tent hoorde alles
  20. 20. Nog even blijven liggen

Hoofdstuk 15 van 20

De laatste cursusdag aan tafel

Mila had haar laarzen bij de caravan gezet, met de neuzen naar de zon. Er zaten lichte strepen op het zwarte leer. Haar rijbroek hing over een stoel. Ze droeg nu een blauw T-shirt en haar gewone korte broek en liep op blote voeten door het gras.

Fen zat al aan tafel. Ze had een aardappel op haar vork die te heet was om in haar mond te stoppen. Ze blies ertegen en keek hoe Mila haar stoel naar achteren trok.

‘Morgen geen wekker,’ zei Mila.

Koen schoof een glas naar haar toe. ‘Niet om half acht, in ieder geval.’

‘Helemaal niet.’

‘Dat zullen we horen.’

Mila pakte haar vork. Ze begon aan Romy te vertellen hoe Polle de andere pony’s steeds in de gaten had gehouden. Halverwege legde ze haar vork weer neer om met haar handen de afstand tussen twee dieren te laten zien.

Fen wist al welk stukje er kwam. Ze had het onderweg naar de camping ook gehoord. Toch luisterde ze opnieuw. Mila vertelde het aan haar moeder anders, met meer begin en minder haast.

Michiel zette de lege pan op het opstapje naast de deur. Hij ging zitten en streek met zijn hand over zijn haar. Er zat een klein stukje gedroogd gras aan zijn mouw. Hij had die middag de fietsen schoongemaakt.

‘Heb je gegeten?’ vroeg Romy aan Mila.

Mila keek naar haar bord. Ze had nog maar één hap genomen.

‘Bijna.’

‘Dan laat ik je even.’

Een tijdje hoorde Fen vooral bestek. De wind schoof de rand van het tafelkleed tegen haar pols. Ze trok hem onder haar bord vandaan zodat hij niet steeds bleef bewegen.

‘Wil je ook even op de foto met je cap?’ vroeg Koen later.

Mila stond op. Ze haalde de cap uit de caravan en zette hem niet op, maar hield hem voor haar buik. Koen wilde dat ze naar hem keek. Zij keek eerst naar Fen.

‘Niet zo raar achter hem gaan staan.’

Fen deed niets. Ze had het alleen heel even overwogen.

Koen maakte twee foto’s. Mila mocht kiezen welke hij naar haar oma stuurde. Ze boog over zijn telefoon en wees de eerste aan.

‘Daar heb ik geen eten tussen mijn tanden, toch?’

Fen kwam ernaast staan. Ze keken zo dichtbij dat Koen zijn arm iets verder weg moest houden.

‘Nee,’ zei Fen. ‘Maar je houdt je cap heel deftig vast.’

Mila draaide de cap aan haar vinger en zette hem ten slotte weer binnen. Ze kwam terug zonder haast, alsof haar benen nog niet helemaal wisten dat de week afgelopen was.

Na het eten droeg Fen de borden naar haar moeder. Judit was al bezig ze bij elkaar te zetten. Ze zouden deze keer zelf afwassen. Fen mocht haar eigen spullen voor morgen gaan pakken.

In de caravan lag haar dagrugzak onder de bank. Ze schudde hem boven een krant uit. Er kwamen zandkorrels en een plat blaadje uit de zijnaad. De fles water was leeg en voelde warm. Fen zette hem op het aanrecht om hem straks opnieuw te vullen.

Haar vader wees naar de rugzak.

‘Die hoeft morgen niet zo vol. Het is geen wandeling van vijf uur.’

‘Ik weet het.’

Ze pakte het dunne vest dat ze woensdag om haar middel had geknoopt. Haar moeder had gezegd dat het boven op de toren wel kon waaien. Het vest was genoeg. Fen legde het naast de fles.

Buiten was Mila bezig haar slaapzak van de lijn te halen. De donkerblauwe stof trok even bol toen er wind onder kwam. Mila hield de zak onder haar kin vast en probeerde het andere uiteinde over haar arm te vouwen.

Fen liep naar haar toe en pakte de onderkant.

Samen brachten ze hem naar binnen. Haar eigen roestbruine slaapzak lag er al, netjes op het groene matje. De opkrullende kant had ze de vorige middag een tijdje met haar boek verzwaard. Hij bleef nu bijna plat.

Mila knielde op het blauwe matje.

‘Zo laten liggen?’

Fen knikte. Ze ging op haar eigen plek zitten en legde haar hand naast zich. Ze voelde meteen het grijze lampje in het kleine zakje. Het was fijn dat het daar lag zonder dat ze het eerst hoefde te zien.

‘We gaan eerst nog naar die toren,’ zei Mila.

‘Ja.’

‘En dan de kermis.’

‘Ja.’

Mila leunde achterover op haar handen. ‘Dan ben ik morgen waarschijnlijk weer moe.’

Fen keek haar aan. Even wisten ze allebei niet wie het eerst zou lachen. Daarna gebeurde het tegelijk.

Van buiten vroeg Romy of Mila nog even haar handdoek wilde meenemen. Fen kroop met haar naar de ingang. Haar sandalen stonden onder het randje van het buitendoek, precies naast elkaar. Ze schoof ze aan en keek naar de twee klaargelegde slaapzakken.

Er zat deze keer ruimte tussen de matjes en de deur. Geen tas, geen bordje, geen losse sok. Fen trok de rits niet dicht. Het mocht nog even luchten.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.