← Zes haltes samen
Inhoudsopgave · hoofdstuk 8 van 14
  1. 1. Al gedrukt
  2. 2. Achter je rug
  3. 3. Een tas op de stoel
  4. 4. Geen mooie prijs
  5. 5. Met z’n tweeën
  6. 6. Wat later
  7. 7. Bij de fontein
  8. 8. Nog één spel
  9. 9. Zonder reserveplek
  10. 10. De verkeerde kant
  11. 11. Zes haltes
  12. 12. Niet nog een voorstel
  13. 13. Door het hofje
  14. 14. Morgen twee uur

Hoofdstuk 8 van 14

Nog één spel

‘Zullen we dan zo verder?’ vraagt Ravi.

Mats heeft zijn handen nog op de kast. De laatste bal is weg. Hij kijkt naar het scherm, waar zijn score eerst heel groot wordt en daarna plaatsmaakt voor een knipperende pijl.

‘Ja,’ zegt hij. ‘Alleen nog even die ene.’

Hij wijst naar het stuk van de baan waar hij al twee keer langs is geschoten.

Ravi komt naast hem staan. ‘Maar dat zat toch net in je spel?’

‘Bijna.’

‘Ja.’

Mats hoort dat er niet helemaal hetzelfde in dat ja zit als in het zijne. Hij glimlacht snel en pakt het geld dat nog in zijn zak zit. Het is niet veel meer. Nog één keer, dan kan hij het laten zien en zijn ze ook echt klaar.

‘Dan daarna,’ zegt hij.

Ravi kijkt naar het geld in zijn hand. ‘Goed.’

De bal komt te hard aan. Mats probeert hem op te vangen en raakt de verkeerde kant. Hij schudt zijn hoofd, neemt zijn handen even van de rand en zet ze weer terug.

Ravi staat bij de kruk. Hij gaat er niet op zitten. Hij houdt de band van zijn tas vast en kijkt naar de grote glazen ruit aan de voorkant.

Mats speelt door.

Als het eindelijk lukt, komt er zoveel licht uit de kast dat hij meteen opzij kijkt om te zien of Ravi het heeft gezien.

Ravi kijkt terug.

‘Gelukt?’

Mats knikt. De volgende bal glipt door het midden voordat hij zijn aandacht terug heeft.

‘O.’

Hij laat zijn handen zakken. Het was het laatste spel. Er komt alleen nog een rij cijfers en dan de pijl waar weer nieuw geld bij hoort.

‘We gaan,’ zegt Mats.

Ravi knikt. Hij doet zijn tas goed over zijn schouder en loopt naar de deur. Mats moet zijn jas van de kruk halen om hem te kunnen volgen.

Buiten is het geluid meteen dunner. Je hoort auto’s in plaats van alle apparaten tegelijk. Er staat iemand op straat te praten die zijn stem niet meer hoeft te verheffen. Mats trekt zijn jas aan en loopt naast Ravi de stoep op.

‘Dat ging best goed,’ zegt hij.

‘Ja.’

‘Je had die tweede bal ook mooi. Die kwam precies terug.’

Ravi haalt zijn schouders op. ‘Ik deed maar wat.’

‘Dat doet Jens ook altijd.’

Mats begint te vertellen over maandag. Hoe Jens bijna in één keer het hele middelste stuk geraakt had zonder te weten dat hij het deed. Ravi kijkt even opzij. Mats maakt het verhaal af en moet zelf lachen om de manier waarop Jens toen naar zijn handen had gekeken.

Ravi glimlacht een klein beetje.

Er komen twee mensen met fietsen uit de straat naast hen. Mats doet een stap naar de muur. Ravi loopt voor hem langs en komt daarna weer naast hem staan.

‘Bij ons op school hadden ze trouwens ook zo’n ding,’ zegt Ravi. ‘Niet zo’n kast, maar iets dat…’

‘Bij ons laten ze ons vooral op onze eigen knoppen drukken.’

Mats doet alsof hij hard op een onzichtbare tafel slaat. Ravi lacht kort.

Dan zegt hij niets meer.

Mats steekt zijn hand weer in zijn jaszak. Hij kan nog vragen wat Ravi bedoelde. Hij kijkt naar de poort verderop, naar het bankje dat hij al had bedacht en naar de plek waar je drinken kunt halen. Ze staan hier te lang stil.

‘Wil je daar iets?’ vraagt hij.

Ravi kijkt naar de plek die hij aanwijst.

‘Ik denk dat ik naar huis ga.’

Mats draait zijn hoofd.

‘Nu?’

‘Ja.’

Er loopt iemand langs met een tas die met ieder stapje tegen zijn been tikt. Mats wacht tot die voorbij is. Dan kijkt hij weer naar Ravi.

‘Het is nog niet zo laat.’

‘Weet ik.’

Hij zegt het gewoon. Zijn mond staat niet strak. Hij staat ook niet al half de andere kant op, alsof Mats alleen nog de rug van zijn jas mag zien.

‘Was het niet…’ begint Mats.

Hij komt niet verder. Was het niet leuk. Dat kan hij toch niet aan Ravi vragen om daar dan ja op te moeten zeggen.

‘Ik heb niet zo veel met je gepraat,’ zegt Ravi.

Mats kijkt naar hem. ‘We praten de hele tijd.’

Ravi knikt een klein stukje. ‘Jij wel.’

Mats voelt zijn gezicht warm worden. Hij wil zeggen dat Ravi ook gewoon iets had kunnen zeggen. Dat hij hem toch zelf iets had gevraagd. Maar hij hoort de halve zin over dat ding op school nog.

‘Ik vond het in het begin leuk,’ zegt Ravi. ‘Alleen daarna gingen we steeds weer niet verder.’

Mats haalt zijn hand uit zijn zak. Hij heeft iets vast, een oud bonnetje dat er blijkbaar nog in zat. Hij vouwt het op zonder ernaar te kijken.

‘Ik wilde je dat spel laten zien.’

‘Dat weet ik. Je had het al laten zien.’

Mats kijkt naar de ingang achter hen. Het licht in de ruit gaat aan en uit. Van buiten zie je niet bij welke kast iemand staat. Alleen dat er telkens iets wint of verliest of in ieder geval veel lawaai maakt.

‘Sorry,’ zegt hij.

Ravi kijkt naar hem. ‘Ik ga nu maar even.’

‘Ja.’

Ze staan nog een ogenblik tegenover elkaar. Mats zou normaal een schouderduw geven of zijn hand opsteken, iets dat laat zien dat het volgende stuk vanzelf weer begint. Hij houdt zijn armen nu langs zijn jas.

Ravi steekt wel zijn hand een klein stukje op.

‘Maandag,’ zegt hij.

Mats zegt het terug.

Hij kijkt Ravi na. Er gaan mensen tussen hen door. Even is het bordeaux jack weg, dan ziet hij het nog net bij de hoek.

Mats staat nog bij hetzelfde bankje.

Hij kijkt op zijn telefoon. Nog geen halfvier. Thuis verwachten ze hem pas veel later.

Hij kan Jens bellen.

Hij doet het voordat hij veel verder heeft gedacht. De telefoon gaat lang over. Dan begint de voicemail.

Hij drukt weg. Hij heeft niets voorbereid om na de piep te zeggen.

Er komt geen bericht terug. Hij gaat op het bankje zitten en kijkt naar de mensen die langs de fontein lopen. Een vrouw doet haar jas uit. Een kind houdt de hand van een ander kind vast en praat veel harder dan nodig is.

Mats zit alleen op het bankje bij de fontein nadat Ravi naar huis is gegaan.

Mats rolt het bonnetje tussen zijn vingers tot het een klein wit ding is. Hij gooit het in de bak naast de bank. Het valt erlangs. Hij staat op, raapt het van de grond en doet het er alsnog in.

Dan loopt hij naar de halte.

Thuis staat zijn moeder met één hand tegen de kastdeur geleund. Ze heeft een bord vast en kijkt op wanneer hij de keuken binnenkomt.

‘O. Nu al?’

Mats knikt. Hij laat zijn tas bij de stoel zakken.

‘Wil je wat?’

‘Later.’

Hij gaat naar boven. Op zijn kamer ligt de trui die hij vanochtend eerst aan had willen doen. Hij pakt hem op, houdt hem even vast en legt hem terug op de stoel.

Zijn telefoon blijft stil.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.