← Zes haltes samen
Inhoudsopgave · hoofdstuk 2 van 14
  1. 1. Al gedrukt
  2. 2. Achter je rug
  3. 3. Een tas op de stoel
  4. 4. Geen mooie prijs
  5. 5. Met z’n tweeën
  6. 6. Wat later
  7. 7. Bij de fontein
  8. 8. Nog één spel
  9. 9. Zonder reserveplek
  10. 10. De verkeerde kant
  11. 11. Zes haltes
  12. 12. Niet nog een voorstel
  13. 13. Door het hofje
  14. 14. Morgen twee uur

Hoofdstuk 2 van 14

Achter je rug

De rode frisbee gaat recht naar de verkeerde persoon.

Jens steekt zijn armen niet eens uit. Hij laat hem voorbijgaan en kijkt Mats aan met de vermoeide blik die hij speciaal voor dit soort momenten heeft.

‘Je stond daar,’ zegt Mats.

‘Toen jij begon.’

‘Je moet blijven staan.’

‘Dan had je eerder moeten gooien.’

De schijf landt in het gras, een heel eind achter Jens. Mats rent ernaartoe en pakt hem op met één hand. In de holle kant zit een plukje gras. Hij haalt het eruit en draait de frisbee op zijn wijsvinger. Eén hele slag. Daarna valt hij weer.

Isa zit bij de tassen haar veters opnieuw te strikken. Ze heeft een gele schijf naast zich liggen en doet alsof ze nergens op let.

‘Moeten we hier kaartjes voor kopen?’ vraagt ze.

Mats houdt de rode omhoog. ‘Nu komt hij.’

Hij gaat met zijn rug naar Jens staan. Eerst draait hij zijn hoofd om te kijken waar hij is. Dan nog een keer. Jens doet overdreven één stap opzij.

‘Blijf nou!’

‘Ik verplaatste alleen mijn voet.’

‘Ja, met de rest eraan.’

Mats haalt zijn arm achter zich langs. De frisbee raakt zijn jas, draait schuin en landt met een kort tikje voor zijn eigen voeten.

Isa ligt inmiddels op haar rug. Ze lacht zonder geluid, met haar handen voor haar gezicht. Jens komt de schijf van het gras oprapen en legt hem bij de tassen.

‘Het begin was goed,’ zegt hij.

‘Het midden ook.’

‘En toen deed je iets met een frisbee.’

Mats laat zich achterover in het gras vallen. Het is droog genoeg. Dat heeft hij vooraf niet gecontroleerd. Hij ziet een stukje lucht, een rand boom en de onderkant van Isa’s schoen wanneer ze haar voet optilt.

Hij kan hier best een tijdje blijven liggen.

De gele schijf gaat laag over hem heen.

‘Ho,’ zegt hij.

Isa heeft haar hand nog uitgestrekt. Jens vangt de schijf en gooit meteen terug. Nu komt ze aan de andere kant van Mats terecht. Hij richt zich op en moet op zijn elleboog steunen om zijn gezicht uit de buurt te houden.

‘Ik lig hier.’

‘Dat zien we,’ zegt Isa.

Ze vangt de gele met twee handen en houdt hem vlak voor haar neus. Ze kijkt eroverheen. Jens pakt de rode bij de tassen vandaan. Mats draait zich snel naar de tassen toe.

‘Hoeveel hebben jullie er?’

‘Twee,’ zegt Jens.

‘Dat weet ik ook. Maar jullie deden alsof ik veilig was.’

‘Dat heb je zelf gedaan.’

Hij gooit de rode. Mats vangt hem op zonder verder op te staan. Het ding klapt tussen zijn handen. Hij is zelf het meest verbaasd dat het lukt.

‘Gezien?’ vraagt hij.

‘Nee,’ zegt Jens.

Mats gooit hem terug. Deze keer gewoon voor zich uit. De frisbee blijft mooi recht en Jens vangt hem tegen zijn buik.

Ze staan op en maken de afstand groter. Isa geeft de gele aan Mats en schuift een stuk opzij. De eerste minuten gaat alles door elkaar. Twee schijven, drie mensen, niemand die lang genoeg op dezelfde plek blijft.

Mats krijgt de rode bijna tegen zijn schouder terwijl hij met de gele in zijn hand staat.

‘Eén tegelijk,’ roept hij.

‘Jij hebt er één!’ roept Jens terug.

Isa komt de gele halen. Ze legt hem bij de tassen en gaat weer in het gras staan. Haar haar zit niet meer helemaal in de knot. Ze duwt een krul uit haar ogen en kijkt naar Mats.

Hij gooit.

De schijf buigt naar links. Isa zet af, rent erachteraan en vangt hem met haar ene hand net boven het gras. Ze blijft nog twee passen doorlopen. Dan draait ze zich om en maakt een kleine buiging.

‘Nee maar,’ zegt Mats.

‘Nu jij.’

Hij kan wel iets als er niemand vertelt hoeveel er mis kan gaan. Hij legt de rode vlak op zijn hand, voelt de rand en gooit hard genoeg om hem echt aan de overkant te krijgen. Niet meteen gaan rennen. Eerst kijken.

Jens hoeft alleen zijn hand uit te steken.

‘Zo,’ zegt hij.

Mats krijgt het warm van het rennen. Hij trekt de oranje jas uit en gooit hem naar zijn tas. Hij haalt het net niet. De mouw blijft over een takje hangen. Hij laat hem liggen.

Een tijdje later lukt er één achter zijn rug.

Hij doet het niet eens zo goed voorbereid als bij de eerste keer. Hij hoort Jens iets roepen, draait half en laat los. De rode vliegt langs zijn heup, blijft in de lucht en komt bij Jens terecht.

Mats gooit de rode frisbee achter zijn rug naar Jens; Isa kijkt vanaf het gras toe.

‘Ha!’

Mats doet zijn armen omhoog. Isa klapt één keer. Jens houdt de schijf achter zijn rug, alsof hij niet van plan is hem ooit nog terug te geven.

‘Nog een keer,’ zegt Mats.

‘Nee, nu kan hij mooi blijven.’

‘Dat is laf.’

Jens gooit gewoon naar Isa. Zij vangt hem en gaat naast de tassen zitten.

‘Ik wil wat drinken.’

Mats gaat naast haar op de rand van het pad zitten. Hij heeft water meegenomen in een fles die niet van hem is. Zijn vader heeft er een stukje tape op geplakt met zijn naam, maar de helft van de letters is weggesleten. Er staat nu alleen nog iets wat op een bevel lijkt.

Hij draait de dop los en drinkt. Het water is warm geworden. Hij drinkt toch nog een keer.

Jens haalt een zak krentenbollen uit zijn tas. Hij heeft er vier. Hij telt de mensen en kijkt naar de zak.

‘Goed geregeld,’ zegt Isa.

‘Ik dacht dat ik trek kreeg.’

Mats neemt de bol aan die Jens hem geeft. Hij bijt een stukje van de rand af. De eerste krent valt op zijn broek. Hij legt hem terug op de bol.

Isa laat de foto zien van de schijf op het dak. Ze heeft hem nog steeds op haar telefoon. Het is inderdaad een geel exemplaar.

‘Dus niet die van mij,’ zegt Mats.

‘Het had gekund.’

‘Nee. Ik had de rode.’

‘Dat maakt het nog niet onmogelijk.’

Hij wil haar de rode laten zien, maar Jens heeft die al onder zijn tas geschoven. Mats laat zijn hand zakken. Hij heeft gelijk. Iedereen hier weet dat hij gelijk heeft. Hij gaat er niet voor opstaan met een krentenbol tussen zijn vingers.

‘Zaterdag kermis?’ vraagt Jens.

Isa knikt. Ze trekt de opening van de krentenbollenzak wijder en pakt de vierde. Ze breekt hem in drie stukken. De stukken zijn niet even groot. Ze geeft Mats het grootste, waarschijnlijk omdat hij ernaar kijkt.

‘Ik ga mee,’ zegt hij.

‘Dachten we al,’ zegt Jens.

‘Maar ik ga niet weer betalen voor dat ding waar je alleen maar in moet staan.’

‘Je kon ook zitten.’

‘Niet op dat moment.’

Isa moet lachen. Ze heeft het vorig jaar gezien. Dat maakt het niet beter. Mats veegt de kruimels van zijn broek en steekt zijn hand uit naar de frisbee.

‘Nog even,’ zegt hij.

Jens duwt zijn tas opzij. De rode ligt eronder, vlak en met een nieuw sprietje gras in de rand. Mats pakt hem en loopt het veld weer op.

Dit keer wacht hij tot de anderen er staan.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.