← Zes haltes samen
Inhoudsopgave · hoofdstuk 7 van 14
  1. 1. Al gedrukt
  2. 2. Achter je rug
  3. 3. Een tas op de stoel
  4. 4. Geen mooie prijs
  5. 5. Met z’n tweeën
  6. 6. Wat later
  7. 7. Bij de fontein
  8. 8. Nog één spel
  9. 9. Zonder reserveplek
  10. 10. De verkeerde kant
  11. 11. Zes haltes
  12. 12. Niet nog een voorstel
  13. 13. Door het hofje
  14. 14. Morgen twee uur

Hoofdstuk 7 van 14

Bij de fontein

De fontein doet het.

Dat had Mats kunnen bedenken. Het is zaterdagmiddag en er staan mensen met tassen omheen. In zijn hoofd was hij leeg geweest, met alleen de rand waar hij kon gaan zitten. Nu staat er een meisje op die rand dat haar vader heel dringend iets wil laten zien. Het water komt steeds net niet bij haar hand.

Mats gaat aan de andere kant staan.

Hij is te vroeg. Dat weet hij zonder op zijn telefoon te kijken. Hij heeft thuis drie keer gevraagd of het al bijna tijd was, waarna zijn moeder hem zijn jas heeft gegeven en gezegd dat hij ook gewoon buiten kon wachten.

Hij leunt tegen de rand. Het water maakt zoveel geluid dat hij eerst denkt dat zijn telefoon in zijn zak trilt. Hij haalt hem eruit. Niets.

Hij steekt hem terug.

Bij de ingang van de winkel aan de overkant staat een rek dat naar buiten is geschoven. Er hangen petten aan. Eén pet is zo hoog dat je er ergens een lamp in zou kunnen stoppen. Ravi zou hem vast meteen zien. Of juist niet. Mats heeft zich inmiddels voor heel veel dingen afgevraagd of Ravi ze zou zien.

Hij loopt een klein stukje om de fontein. Het meisje van daarnet wordt door haar vader van de rand geholpen. Ze houdt haar natte hand triomfantelijk omhoog.

Mats glimlacht naar haar. Ze kijkt alsof ze hem niet nodig heeft om dit een succes te vinden.

Er komt iemand langs de bakker aanlopen.

Het bordeaux jack.

Mats komt los van de rand. Hij wil niet doen alsof hij die hele tijd precies zo heeft staan wachten. Hij loopt Ravi alvast een paar passen tegemoet en komt daardoor op een plek waar de anderen aan de winkelkant door willen.

Hij doet een stap terug.

Ravi ziet het en glimlacht.

‘Hé.’

‘Hé.’

Ze staan tegenover elkaar. De bus doet altijd minstens één ding voor ze: hij zet hun stoelen naast elkaar, met dezelfde kant om naar te kijken. Hier staan ze helemaal zelf.

‘Op tijd,’ zegt Mats.

‘Twee uur toch?’

‘Ja.’

Hij had iets anders bedoeld. Dat hij blij is dat Ravi er is. Hij kan dat nu nog zeggen. Hij vraagt eerst of hij de fontein aan had gezien.

Ravi kijkt ernaar. ‘Dat is wel moeilijk te missen.’

Mats begint te lachen. Ravi ook. Het eerste stukje spanning schuift van zijn schouders naar ergens waar hij het niet zo voelt.

‘Ik heb trouwens iets bedacht,’ zegt Ravi.

Hij wijst de straat langs het plein in. Achter de halte zit een lage poort tussen twee gevels. Je kunt er vanaf hier niet doorheen kijken.

‘Daar is een hofje. Ik loop er bijna elke dag langs, maar ik ben nog nooit naar binnen gegaan.’

‘Kun je er gewoon door?’

‘Volgens mij wel. Er gaan altijd mensen met fietsen in en aan de andere kant weer uit.’

Mats kijkt naar de poort. Hij kent hem. Hij heeft altijd gedacht dat je daar alleen kwam als je precies wist waarom je er moest zijn. Een plaats voor mensen met sleutels en bijzondere planten.

‘Kunnen we zo doen,’ zegt hij. ‘Die speelhal is hier meteen achter.’

Ravi knikt. ‘Goed.’

Ze lopen langs de winkel. De hoge pet hangt nog aan het rek. Mats wijst ernaar. Ravi blijft meteen staan.

‘Die moet je in de bus afzetten.’

‘Anders kan hij niet door de deur.’

Ravi doet alsof hij zijn hoofd heel voorzichtig voorover moet buigen om ergens onderdoor te gaan. Mats loopt achter hem aan en stoot bijna tegen een paaltje. Hij pakt Ravi even bij zijn mouw om niet met zijn schouder tegen hem aan te komen.

Hij laat meteen weer los.

Ravi kijkt niet naar zijn arm. Hij heeft de pet alweer achter zich gelaten en vraagt waar de ingang van de speelhal zit.

Binnen is het drukker dan maandag. Er staan twee kinderen bij een spel waar je op grote knoppen moet slaan. Hun moeder houdt een beker vast en kijkt alsof zij het zelf een stuk beter zou kunnen.

Mats blijft een ogenblik bij de deur tot Ravi naast hem is. Dan gaan ze langs de zijkant naar de flipperkasten.

De blauwe is vrij.

‘Deze,’ zegt Mats.

Ravi gaat ervoor staan. Hij legt zijn handen aan de zijkanten en kijkt naar de knoppen.

‘En dan gewoon…’

‘Ja. Je ziet het vanzelf.’

Mats gaat naast hem staan en wijst waar de bal straks opduikt. Ravi trekt aan het ding dat hem de baan in moet sturen. Hij laat los. De bal schiet omhoog, raakt iets, maakt een groot geluid en verdwijnt recht door het midden.

Ravi houdt zijn handen nog op de knoppen.

‘Zo.’

Mats schiet in de lach. Ravi kijkt opzij en begint ook.

‘Die had haast.’

‘Je moet hier even wachten,’ zegt Mats. Hij wijst naar de hoek onderaan. ‘En dan pas drukken.’

‘Ik had nog helemaal niks gedaan.’

‘Precies. Ook niet wachten.’

Ravi duwt hem tegen zijn arm. Mats moet een stap opzij om niet met zijn heup tegen de kast te komen. Hij maakt ruimte voor de volgende bal.

Deze keer speelt Ravi langer door. Zijn blik schiet over het speelveld achter het glas. Hij drukt aan beide kanten tegelijk en krijgt de bal terug op een plek waar hij hem niet verwacht. Er knippert licht. Hij lacht hardop.

Ravi lacht bij de blauwe flipperkast terwijl Mats naast hem het spel volgt.

‘Dat ging goed.’

‘Ja, nog een keer.’

Mats heeft zijn hand boven de rand gehouden alsof hij zelf nog iets kan tegenhouden. Hij laat hem zakken wanneer Ravi opzijstapt.

‘Jij,’ zegt die.

Mats trekt zijn jas uit en legt hem over de kruk. Dan gaat hij voor de kast staan. Nu gebeurt wat hij had gehoopt. Zijn handen weten wat ze moeten doen. Hij hoeft niet eerst te bedenken hoe hij ze moet neerleggen. De bal komt laag aan, hij vangt hem net goed op en speelt hem naar boven.

Het licht springt door de kast. Achter hem zegt Ravi iets wat hij door de andere geluiden niet kan horen.

Mats draait zijn hoofd een klein stukje.

De bal schiet langs de verkeerde kant weg.

‘O nee.’

Hij kijkt weer naar het glas en krijgt hem nog net terug. Ravi komt dichterbij om beter te kunnen zien. Er zit een stukje ruimte tussen hen. Mats probeert tegelijk de bal te volgen en niet voortdurend aan die ruimte te denken.

Dat lukt een paar keer heel goed.

Als zijn spel klaar is, blijft hij even met zijn handen op de rand staan. Hij heeft het warm. Niet van rennen. Van alles wat hij in korte tijd heeft willen doen.

‘Je kunt het wel,’ zegt Ravi.

Mats kijkt opzij. ‘Een beetje.’

Ravi lacht. ‘Dat was meer dan een beetje.’

Hij leunt tegen de kruk naast de kast en kijkt even door de ruimte. Mats ziet zijn blik langs de deur gaan, naar de glazen ruiten waar de straat achter ligt.

‘Nog één?’ vraagt Mats.

Ravi kijkt terug. ‘O, ja. Kan wel.’

Mats haalt het geld uit zijn zak. De kast begint opnieuw te praten. Hij legt zijn handen weer op de zijkanten en probeert de bal deze keer iets langer te houden dan zojuist.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.