← De plek van Bram
Inhoudsopgave · hoofdstuk 12 van 14
  1. 1. Naast de keukendeur
  2. 2. Een kamer op papier
  3. 3. De blauwe jas
  4. 4. De plek voor een tas
  5. 5. Eén mouw
  6. 6. Bram is geen plaatje
  7. 7. Onder de stoel
  8. 8. Nog even niet
  9. 9. Alles in dozen
  10. 10. Niet voor hem
  11. 11. Het antwoord
  12. 12. Aan de andere kant
  13. 13. De bak
  14. 14. De lange straat

Hoofdstuk 12 van 14

Aan de andere kant

Ellen belde terug toen Nina haar gezicht net met een koude washand had afgeveegd.

Haar moeder had haar telefoon op de tafel in de keuken gelegd. Hij lag op een schone theedoek, omdat Tijn op die plek water had gemorst. Nina ging op de stoel zitten waar ze die ochtend was opgestaan.

Haar moeder nam op. Ze vertelde eerst dat ze het met z’n vieren hadden besproken. Dat ze niet doorgingen met de adoptie van Bram.

Uit de rand van de washand hing een lang draadje. Nina draaide het om haar vinger en liet het weer los.

‘Nina zit hier ook,’ zei haar moeder.

Ze hield de telefoon naar haar toe. Nina drukte hem tegen haar oor. Het scherm voelde warm aan.

‘Hoi,’ zei ze.

‘Hoi Nina.’

Even wist ze niet hoe je tegen iemand begon die al wist hoe het gesprek eindigde.

‘Ik heb gezegd dat Tijn het wel leuk vond,’ zei ze. ‘Maar dat wist ik niet. Of wel. Ik wist wel dat hij het niet wou.’

Ze keek naar de rand van de tafel. Daar zat een korreltje zout aan vast dat met de doek niet was meegekomen.

Ellen wachtte.

‘Ik had hem thuis gevraagd het nog niet te zeggen. Omdat hij dan misschien eerst nog kon wennen.’

Er klonk iets aan de andere kant. Een korte stem, verder weg. Nina kneep haar ogen dicht om beter te luisteren.

‘Hij was niet verlegen,’ zei ze snel. ‘Dat zei ik van hem. Maar dat was niet…’

‘Ik begrijp wat je bedoelt,’ zei Ellen. ‘Ik heb hem ook gehoord. En het is goed dat je me vertelt wat je zelf had gezegd.’

Nina schoof de washand van haar schoot naar de tafel.

‘We gaan het niet doen,’ zei ze.

‘Dat heeft je moeder verteld.’

Het klonk niet hard. Nina had het toch moeilijker gevonden dan wanneer Ellen had gevraagd of ze het zeker wisten. Dat vroeg ze niet.

Er blafte een hond op de achtergrond. Kort, twee keer. Nina wist niet of Bram zo klonk. Ze had hem alleen maar horen ademen en snurken.

‘Is Bram daar?’ vroeg ze.

‘Niet bij me in de kamer. Hij is net buiten geweest.’

‘O.’

‘Wil je nog iets vragen?’

Nina keek naar haar moeder, die aan de andere kant van de tafel zat. Die keek naar haar zonder de vraag voor haar in te vullen.

‘Nee,’ zei Nina.

Ze had willen vragen waar hij nu naartoe ging. Wie hem dan wel zou krijgen. Of er al iemand anders kwam. Ze wilde het niet horen terwijl hij nog nergens was. Ze wilde vooral dat Ellen iets zei waardoor ze het gesprek niet hoefde te beëindigen.

‘Ik geef mama weer,’ zei ze.

Haar moeder nam de telefoon over. Ze bedankte Ellen en zei haar gedag.

Toen ze ophing, legde ze de telefoon weer op de theedoek.

‘Wil je iets eten?’ vroeg ze.

Nina schudde haar hoofd.

Ze wilde naar buiten. Ze stond al op voordat ze had gezegd waar ze heen ging. Haar moeder knikte en vroeg of ze haar telefoon meenam.

De blauwe jas hing over de leuning. Nina trok hem aan. De korte mouw bleef een stukje hoger zitten dan die van haar trui. Ze liet hem zo.

Buiten was het koud geworden. Ze liep eerst gewoon rechtdoor. Bij de hoek van de straat stond een fiets tegen een paal met een wiel dat eruitzag alsof iemand erop was gaan zitten. Ze moest erlangs om de stoep op te kunnen.

In de etalage van de bakker zag ze zichzelf. Haar staart hing scheef. De jas hing wijd om haar heen en ze liep te hard. Ze ging langzamer.

Op haar telefoon stond een bericht van Esra. Een foto van de zilveren jas over een verhuisdoos. De schouders staken aan allebei de kanten uit.

Deze mag niet onderop, stond eronder.

Nina hield haar telefoon een tijdje vast. Mensen liepen langs haar, met tassen, een opgevouwen krant, een beker koffie waar een dekseltje op zat. Ze deed een stap opzij zodat ze er niet midden tussen bleef staan.

We krijgen Bram niet, schreef ze.

Esra antwoordde niet meteen. Nina liep verder. Bij het water ging ze op een bankje zitten. De houten latten voelden vochtig door haar broek. Ze schoof naar het droge stukje onder de boom.

Haar telefoon trilde.

Wat rot, schreef Esra.

Daarna kwam er niets achteraan. Nina was er blij om. Ze had geen zin om te zeggen of ze dan later een andere hond namen, of Tijn ooit nog wel zou willen, of Bram toch misschien net iets te oud was geweest.

Ze legde de telefoon op haar knie en bleef zitten tot haar vingers koud werden. Toen stond ze op en liep via de bakker terug naar huis.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.