← Het reservefonds
Inhoudsopgave · hoofdstuk 13 van 14
  1. 1. De emmer
  2. 2. Een bedrag apart
  3. 3. Vijf stoelen
  4. 4. Twee versies
  5. 5. De werkplaats
  6. 6. Wat er onder verf zit
  7. 7. De naam op de overschrijving
  8. 8. Een voorstel
  9. 9. De ontbrekende regel
  10. 10. Oude bewoners
  11. 11. De prijs van vertrekken
  12. 12. Handtekeningen
  13. 13. Het bedrag dat terugkwam
  14. 14. Onder het nieuwe dak

HOOFDSTUK 13 VAN 14

Het bedrag dat terugkwam

Daan stuurde het bewijs van de overschrijving rechtstreeks naar Eline. Daarna stuurde hij een kopie naar Simon. Zesduizend vierhonderd euro, betaald aan de vereniging, met een verwijzing naar de regeling die Simon had ondertekend.

Simon zat op zijn werk toen het bericht kwam. Hij keek naar het scherm tussen twee regels van een voorraadlijst. Om hem heen werden telefoongesprekken gevoerd, een printer liep vast en iemand vroeg of de bestelling voor de vestiging in het zuiden al was bevestigd. Hij antwoordde dat hij ernaar zou kijken en opende het bericht opnieuw.

De koerierdienst had vierduizend euro betaald voor het werk dat Daan al had gedaan. De overige vierentwintighonderd kwam uit de verkoop van gereedschap en een werkbank uit de oude werkruimte. Amir had een deel gekocht voor zijn eigen zaak. Een andere monteur had de werkbank opgehaald. Daan had de spullen niet allemaal meer nodig nu hij mobiel werkte. Dat had hij er nadrukkelijk bij geschreven.

Simon belde hem tijdens zijn lunchpauze. Hij liep naar buiten, naar de rand van het parkeerterrein waar medewerkers rookten. Er stond niemand. De asbak zat vol regenwater.

‘Ik heb het gezien,’ zei hij.

‘Mooi.’

‘Dank je.’

‘Het is geld dat ik had gekregen.’

Simon keek naar de auto's. Op de achterbank van een blauwe bestelwagen lag een kinderzitje op zijn kant. Hij vroeg zich af of de eigenaar het had weggehaald voor een rit of vergeten was het weer vast te zetten. Hij moest zich inspannen om bij zijn eigen gesprek te blijven.

‘Je houdt genoeg over om te werken?’

‘Ja.’

‘Voor onderdelen?’

‘Ja, pap.’

Simon slikte zijn volgende vraag in.

‘De rest wil ik met jou afspreken,’ zei Daan. ‘Niet met die mensen. Zij krijgen het van jou. Ik betaal jou terug.’

‘Dat hoeft niet op een manier die je bedrijf weer…’

‘Ik heb een voorstel gemaakt. Wil je het lezen voordat je zegt wat ik wel en niet hoef?’

‘Ja.’

‘Tweehonderd per maand om te beginnen. Als het beter loopt, kijken we opnieuw. En ik wil dat er geen onverwachte voorwaarden bij komen.’

‘Welke voorwaarden?’

‘Dat ik de bus anders moet inrichten. Dat ik een opdracht moet aannemen omdat jij iemand kent. Dat ik elke week moet vertellen hoeveel er op mijn rekening staat.’

Simon wilde zeggen dat hij dat nooit als voorwaarde had bedoeld. Hij hoorde de vermoeidheid in Daans stem en liet het zitten.

‘Schrijf maar op wat je nodig vindt.’

‘Dat heb ik gedaan.’

Er kwam een mail binnen terwijl ze nog spraken. Simon zag de melding bovenaan zijn scherm. Het document had een eenvoudige naam: afspraken lening. Hij had zijn zoon die naam zelf kunnen aanraden.

‘Ik lees het vanavond,’ zei hij.

‘Goed.’

Voordat Daan ophing, vroeg Simon hoe het met de opdrachten bij de scholen ging. Eén school had toegezegd. De andere wilde pas na de winter beginnen. Daan vertelde over een docent die dacht dat je een versleten ketting kon verhelpen door harder te trappen. Simon lachte. Het verhaal duurde nog geen minuut, maar na het gesprek bleef hij even buiten staan.

Eline bevestigde die middag de ontvangst. Het openstaande bedrag was nog twaalfduizend achthonderd euro. Simon had de achthonderdvijftig euro voor de extra administratieve controle inmiddels van zijn eigen rekening betaald. Hij had het betalingsbewijs bewaard in een map die niet meer tussen de stukken van de vereniging stond.

Anouk belde twee dagen later. Merel had een bod gedaan: tweehonderdzevenenzestigduizend vijfhonderd euro. Ze wilde de overdracht eind mei en hield vast aan volledige afwikkeling van de overeengekomen terugbetaling. Ook het herstelplan voor het dak moest duidelijk zijn. Anouk had de voorwaarden op een rij gezet en vroeg Simon niet meteen te antwoorden.

‘Ik kan toch wel zeggen dat ik het serieus neem?’

‘Dat heb ik al gezegd. Lees het eerst.’

Hij las het aan de eettafel. De woning zou minder opbrengen dan hij had gehoopt, maar meer dan Rolf had geboden. Er bleef na de gebruikelijke afrekening en de terugbetaling ruimte om kleiner te gaan wonen. Niet op de manier die hij in december in zijn hoofd had gehad, met een ruime spaarrekening en de geruststelling dat hij zijn zoon een zachte start had gegeven. Het werd krapper en eenvoudiger. Het kon wel.

Hij vroeg zijn adviseur de bedragen nog eenmaal met hem door te nemen. Daarna accepteerde hij het bod. Hij belde Daan niet om te vertellen wat het hem had gekost.

Merel kwam een week later terug om maten op te nemen. Simon was er deze keer bij, op haar verzoek. Ze wilde weten welke kasten bleven staan en waar de stopcontacten achter de meubels zaten. Ze had een rolmaat en een schrift meegenomen. In het schrift stond een tekening van een bureau dat veel langer was dan het zijne.

‘Je kunt hier twee schermen kwijt,’ zei hij.

‘Dat is de bedoeling.’

Hij liet haar de bergkast zien, de afsluiters en de plek waar ooit een leiding was verlegd. Bij de slaapkamerdeur wees hij op een kier onder de plint.

‘Die is er al langer. Ik heb er niets mee gedaan. Je kunt het laten bekijken als je de vloer toch aanpakt.’

Merel bukte en maakte een foto. ‘Dank je.’

Ze ging niet uitvoerig op zijn openheid in. Ze noteerde het en liep verder. Simon vond dat onverwacht prettig. Niet elke juiste mededeling hoefde een reactie op de voorgaande verkeerde te zijn.

Van boven klonk het schuiven van een stoel. Merel keek omhoog.

‘Dat is Henk,’ zei Simon. ‘Hij hoort jou waarschijnlijk ook.’

‘Daar kan ik mee leven. Zijn er tijden waarop het veel is?’

‘Rond zeven uur begint hij. Als je dan wilt uitslapen, hoor je hem.’

Ze schreef iets op. Simon wist niet of hij daarmee opnieuw geld had verloren. Hij liet haar schrijven.

Het dakwerk leverde nog een laatste ruzie op. Voor een deel van de werkzaamheden moest er toegang zijn via Henks appartement. Henk had ingestemd met de planning, maar toen er een concrete datum kwam, zei hij dat zijn dochter die week op bezoek was en dat het niet uitkwam. Johan kon pas een maand later opnieuw een ploeg vrijmaken. Eline belde Simon omdat Henk bij haar niet meer opnam.

‘Ik vraag je niet om het namens ons op te lossen,’ zei ze. ‘Maar wil je kijken of er iets praktisch aan de hand is wat hij niet zegt?’

Simon ging naar boven. Henk liet hem binnen en begon meteen over werklieden die niet begrepen dat er in het huis ook nog mensen woonden. Hij had de brief met de planning op tafel liggen. Er stonden rode strepen onder de begin- en eindtijden.

‘Wat moet er nog verplaatst worden?’ vroeg Simon.

‘Dat is het niet.’

‘Laat eens zien.’

Henk liep naar de slaapkamer. De dozen die voor het onderzoek waren verplaatst, stonden er nog. Tussen het bed en de kast was nauwelijks ruimte. Op het bed lag een plastic zak met kleding. Simon zag een blauwe jurk door het plastic.

‘Mijn dochter wil dat ik alles uitzoek,’ zei Henk. ‘Iedere keer dat ze komt. Nu denkt ze dat we dat deze keer gaan doen.’

Simon begreep eindelijk waarom die bezoekweek niet kon worden verplaatst. Als het dakwerk doorging, zou Henk zijn dochter moeten vertellen dat de dozen weer in de weg stonden. Als het bezoek doorging, moest hij de dozen openen. Hij had van twee onaangename dingen één onmogelijk probleem gemaakt.

‘We kunnen de dozen tijdelijk naar mijn berging brengen,’ zei Simon. ‘Ik heb daar ruimte gemaakt.’

Henk keek naar hem.

‘Je hoeft ze nu niet uit te zoeken. Maar de werklieden moeten door deze kamer naar het dakluik. Met al die dozen kunnen ze hun spullen nergens kwijt.’

‘En als jij weg bent?’

‘Dan zijn ze al terug. Het werk is daarvoor klaar.’

Henk streek met zijn hand over de plastic zak. ‘Ik wil niet dat ze nat worden.’

‘Dan zetten we ze op pallets. Ik heb er twee.’

Ze maakten geen grote afspraak. Ze droegen die middag vier dozen naar beneden en zetten ze op de pallets in Simons droge berging. Henk schreef op elk deksel zijn naam. Simon wilde zeggen dat iedereen wist van wie de dozen waren, maar liet hem de stift vasthouden.

Daarna belde Henk zelf Eline. Het werk kon doorgaan. Zijn dochter kwam een week later.

Toen Simon die avond de sleutel van zijn berging aan Henk gaf, zei hij erbij dat Henk hem moest houden zolang de dozen er stonden.

‘Dan hoef je niet op mij te wachten.’

Henk draaide de sleutel om aan de ring en stopte hem in zijn broekzak. ‘Dat is inderdaad makkelijker.’

Je kunt de hoofdstukken ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Terug naar de boekenplank

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.