Hoofdstuk 10 van 120%

Hoofdstuk 10 · 10 minuten lezen

De toespraak waait weg

Zaterdagochtend rook het plein naar wafels en nat touw. Er was een korte bui geweest. De vlaggetjes hingen in slappe boogjes tussen de kraampjes. Bij de kraam van de timmerclub stond een emmer om een druppel uit het afdak op te vangen.

Vera had haar toespraak drie keer gelezen. Ze kende hem bijna uit haar hoofd. Alleen de volgorde van de kussens en de krat wisselde steeds. Dat maakte niet uit, zei haar moeder. Kussens konden niet lezen en een krat kon niet zitten.

Haar oma zette de blauwe kussens op tafel. Ze waren precies de kleur die Vera zich had voorgesteld. Eén kussen had een klein gerepareerd hoekje.

‘Dat heb ik zelf gedaan,’ zei oma.

Vera wees op de plek. ‘Wat was ermee?’

‘Je vader had vroeger ook ideeën.’

Haar vader stond aan de andere kant van de tafel. Hij was ineens erg geïnteresseerd in het houtmonster.

In de tuin van Bennie stond het hekje naar het gras open. Miep en de andere gans konden van hun gewone plek naar een stukje dichter bij de school lopen. Er stond water. Bennie had een lint voor de bezoekers gespannen. Wie Miep wilde zien, moest achter het lint blijven.

Joep had de posters aan het schoolhek gehangen. De aardappel van Puk stond in een doosje op een aparte tafel. Op zijn kartonnen hoed zat een vlekje boter.

‘Hij heeft ontbeten,’ vertelde Puk.

Bij de kraam van de bakker lag Boris onder een stoel. Zijn foto hing hoog genoeg om niet in zijn waterbak te vallen. Sam liep langs alle drie de mascottes met een schrift. Op de bladzijde van de aardappel schreef hij dat deze kandidaat zich nog niet had uitgelaten over het weer.

‘Hij houdt van regen,’ zei Puk.

‘Hoe weet je dat?’

‘Hij is vies.’

Sam dacht daar even over na. Toen schreef hij op dat de aardappel vies was. Dat kon hij tenminste zien.

Om elf uur zouden de toespraken beginnen. De burgemeester kwam om vijf voor elf het plein op. Ze liep naast haar fiets. Haar achterband was plat.

‘U heeft lek,’ zei Joep.

‘Ik gelukkig niet,’ zei de burgemeester. ‘Mijn fiets wel.’

Kees nam de fiets van haar over en zette hem bij de schuur.

‘Ik ben op tijd,’ zei ze. ‘Alleen minder snel dan ik dacht.’

Bennie kwam haar begroeten. Hij vertelde dat er al een erekandidaat in zijn tuin stond. De burgemeester keek naar Miep. Miep trok een veer onder haar vleugel vandaan.

‘Een collega,’ zei de burgemeester. ‘Die lijkt rustiger dan ik.’

Miep niesde.

‘Of verkouden.’

Het podium was laag. Er stonden drie stoelen en een kleine tafel. Vera legde haar blaadjes op de tafel en zette er een koekblik op. In het blik zat de kleingeldvoorraad van de wafelkraam. Dat leek haar zwaar genoeg.

Eef had haar papier aan een klem vastgemaakt. Joep had zijn map mee. Voor het podium hing zijn spandoek tussen twee palen: STEM VOOR EEN HEEL GOED DOEL. Er stond geen beker op. Hij had het woord HEEL extra dik gemaakt.

Safia vroeg de kinderen om te komen zitten. Een paar ouders bleven achter hen staan. Vera zag een jongen die haar over het dak had gevraagd. Hij stond met een wafel in zijn hand naast zijn zus.

De bakker kwam het koekblik ophalen.

‘Ik moet iemand wisselgeld geven. Ik ben zo terug.’

Vera hield één hand op haar stapeltje. Met haar andere probeerde ze het kussen naast de tafel neer te zetten. De wind trok aan de natte vlaggetjes. Het rechteruiteinde van Joeps spandoek liet los. Het sloeg tegen zijn been.

‘Mijn doel!’ riep Joep.

Hij sprong op om het doek te pakken. Met zijn map stootte hij tegen de tafel. Vera’s stapeltje gleed onder haar vingers vandaan. De bovenste bladen gingen in de lucht alsof iemand ze met een onzichtbaar touw omhoogtrok.

Vera greep naar de eerste bladzijde. Ze ving de laatste.

Er stond maar één regel op: BEDANKT VOOR UW AANDACHT.

‘Ik ben nog niet eens begonnen,’ zei ze.

Een blad belandde onder de stoel van Eef. Twee andere gingen het hek over. Eén ervan kwam tussen de sla in de tuin van Bennie terecht. Joep had zijn spandoek weer vast, maar uit zijn open map waaide nu ook papier. Zijn oude toespraak sloeg tegen het hek.

Miep kwam uit het gras naar de moestuin lopen. Ze trok aan het hoekje van Vera’s papier.

‘Niet opeten!’ riep Vera.

Ze wilde naar de tuindeur lopen. Bennie hield zijn hand op.

‘Blijf maar hier. Ik pak het. Ze schrikken als er nu iedereen binnenkomt.’

Hij liep rustig om de sla heen. Miep liet het blaadje los en keek of er iets eetbaarders bij zijn laars lag. Bennie pakte de vellen op. Safia raapte de rest bij de stoelen bij elkaar. Sam hielp het losse uiteinde van het doek vasthouden terwijl Kees het opnieuw vastmaakte.

Onder aan Joeps oude blad stond IK BELOOF DAT WIJ GAAN WINNEN. Er kroop een kleine slak over het laatste woord.

‘Die neemt er de tijd voor,’ zei Eef.

Joep keek naar de slak. ‘Hij heeft zeker niet gehoord dat we om elf uur beginnen.’

Bennie zette de slak in de tuin terug. De burgemeester legde twee gladde stenen op de tafel. Ze had ze bij de tuinrand gevonden.

‘Mijn papier zit op kantoor in mapjes,’ zei ze. ‘Maar dit werkt vandaag beter.’

Vera’s eerste blad was nat. Twee zinnen hadden groene strepen gekregen. Haar moeder stond achteraan met haar armen over elkaar. Ze maakte geen gebaar. Vera kon alleen even naar haar kijken.

Safia vroeg of de kandidaten klaar waren. Eef knikte. Joep stak zijn duim op. Vera zette haar vel met de bedankzin recht onder de steen.

‘Het gaat wel,’ zei ze.

Eef begon. Ze hield een gebroken schep omhoog. De scherpe rand was met tape afgedekt.

‘Met deze kun je niet meer graven,’ zei ze. ‘Er liggen nog een paar van zulke scheppen in de bak. Ik wil nieuwe scheppen en harkjes. En een kruiwagen die klein genoeg is voor de kleuters.’

Puk stak haar hand op. ‘Ik heb een emmer.’

‘Daar kun je ook veel mee,’ zei Eef. ‘Maar een emmer graaft niet.’

Puk keek naar haar emmer alsof hij misschien zelf een antwoord had.

Eef liet de tekening van de lage rand zien. Ze zei wat het samen kostte en dat Bram en Kees zouden helpen. Aan het eind vergat ze te bedanken. Ze ging zitten, stond weer op en deed het alsnog.

Vera liep naar voren met het blauwe kussen. Ze draaide het even om, zodat het gerepareerde hoekje boven zat. Daarna liet ze dat maar zo.

‘Ik wil een bank onder de kastanjeboom. De proefbank was fijn, maar die moest terug naar de gymzaal. Deze mag blijven. Je kunt er een boek lezen. Of tekenen. Of gewoon zitten.’

Ze keek naar de jongen met de wafel.

‘Er komt geen dak op. Als het regent, moet je naar binnen. De kussens kunnen onder de bank. De boeken gaan in een krat die elke dag mee naar school gaat. Daar maken we een rooster voor.’

Ze wilde over het geld beginnen, maar wist het getal plotseling niet meer. Ze keek naar Bram. Hij hield zijn blaadje omhoog.

‘Honderdtweeëndertig euro,’ las Vera. ‘En de rest bewaren we eerst, voor als er iets tegenvalt of later gemaakt moet worden.’

Ze ging zitten met haar kussen op schoot. Toen zag ze het vel onder de steen. Ze stond niet opnieuw op. Ze had nog genoeg tijd om iedereen later persoonlijk te bedanken.

Joep bleef voor de tafel staan. Hij hield het oude vel met de groene veeg omhoog.

‘Hier staat dat ik beloof dat we gaan winnen. Dat klopt niet.’

Hij draaide het papier om.

‘Dit klopt ook niet meer. Mijn plan was te duur. We kunnen het oude net repareren. Mijn vader heeft een goed stuk net. Ik help met de knopen. Daarna willen we een wedstrijd doen om te kijken of alles vast blijft zitten.’

‘Met een beker?’ riep iemand.

Joep zuchtte heel kort. ‘Nog niet.’

Dat kreeg hij er zonder grap uit. Vera klapte als eerste. Niet heel hard, want dat zou raar zijn. Gewoon even lang als voor Eef. De anderen klapten mee.

De burgemeester bedankte alle drie. Miep stak achter haar het hoofd uit de heg en gaf een harde gak.

De burgemeester draaide zich om. ‘Voor zover ik het kan verstaan, heeft die weinig aan te vullen.’

Hoofdstukken

De gans die burgemeester werd

  1. 01Iedereen mag meedoen7 minuten
  2. 02Een kandidaat zonder zakken7 minuten
  3. 03Een poster voor de verkeerde kandidaat7 minuten
  4. 04Wat als het regent?7 minuten
  5. 05De proefbank7 minuten
  6. 06Een te mooie belofte7 minuten
  7. 07Een gans geeft geen interview8 minuten
  8. 08De kist die niemand wil8 minuten
  9. 09Een nieuwe rekensom8 minuten
  10. 10De toespraak waait wegJe leest nu10 minuten
  11. 11Twee kleuren papier9 minuten
  12. 12De enige belofte die blijft10 minuten

Leesinstellingen

Kies wat voor jouw ogen prettig leest.

Tekstgrootte
100%

Leesgereedschap

Mijn leesnotities

Alleen in jouw browser. Ook opgenomen in je boekenplank-back-up. Maximaal 2000 tekens.

Mijn bladwijzers

Gebruik het bladwijzericoon naast een alinea om een stukje terug te vinden.

FABLIVA

Vind je volgende verhaal

Zoek op titel, onderwerp of genre.

FABLIVA

Een idee of iets dat beter kan?

Vertel wat beter kan. Zet geen persoonlijke gegevens in je bericht.

Je bericht gaat naar hello@fabliva.com. We gebruiken het alleen om je feedback te behandelen.

Liever via e-mail? hello@fabliva.com
FABLIVA

Je verhalen, een tik dichterbij.

Zet Fabliva op je beginscherm. Je kunt hier ook gewoon verder lezen.