← De tafel is al gedekt
Inhoudsopgave · hoofdstuk 9 van 12
  1. 1. De andere helft
  2. 2. Een vis op je bord
  3. 3. Het kleine bord
  4. 4. Vijf grote handen
  5. 5. Er moet iets in
  6. 6. Het eerste stuk
  7. 7. Veertien
  8. 8. De envelop
  9. 9. Aan tafel
  10. 10. De verkeerde jas
  11. 11. Eerst zingen
  12. 12. Voor morgen

Hoofdstuk 9 van 12

Aan tafel

De roomkaas bleef aan mijn mes plakken en niet aan de toast.

Ik draaide het mes om. Toen hing er een heel stuk aan de bovenkant dat ik eerst weer op de toast moest krijgen. Bo stond aan de andere kant van het aanrecht naar me te kijken.

‘Dat is veel.’

‘Het moet nog uit elkaar.’

Hij knikte alsof dit iets was waar hij op had gerekend. Eva pakte een tweede mes. Ze smeerde de toast die ik al had gedaan een beetje glad. Ik ging door met de volgende.

We maakten er vijftien. Op elke toast kwam een halve plak komkommer. Bij de laatste was de roomkaas bijna op en kon ik heel netjes met het mes langs de binnenkant van het bakje gaan. De richel die eruit kwam legde ik op een toast die nog een kale hoek had.

Ik zette ze op het langwerpige witte schaaltje. De achterste lagen een beetje over elkaar. Dat kon. Je pakte toch eerst de voorste.

Toen ik de schaal optilde, voelde ik de gladde rand onder mijn vingers. Er zat veel meer op dan in de winkel.

Mam kwam met het aanstekertje voor de lage kaarsjes. Ik liet haar langs me en zette de toastjes midden op tafel.

Papa keek op van het glas dat hij net wilde vullen.

‘O, die zijn mooi.’

Ik ging iets rechter staan.

‘Die heb ik gisteren bedacht.’

Bo tikte met zijn wijsvinger tegen zijn borst. ‘Ik heb gewassen.’

‘Dat ook.’

Hij schoof op de stoel naast papa. Zijn voeten kwamen net niet plat op de grond als hij met zijn rug tegen de leuning zat. Hij schoof wat naar voren en keek onder het kleed om te zien of het toen wel lukte.

Ik haalde mijn schort af en hing het op. Het blauwe vest trok ik weer aan. Aan tafel zette ik een toastje op ieders kleine bord en pakte er zelf één.

Even hield iedereen het vast.

‘We mogen wel eten,’ zei ik.

Eva nam een hap. Papa ook. Bo deed het in één keer en ontdekte toen dat zijn mond niet groot genoeg was. Hij hield zijn hand ervoor tot hij het laatste stukje erbij kon doen.

Ik at langzamer. Het knapte bij de eerste hap. De roomkaas was koel, de komkommer nog kouder. Op het witte bord bleef alleen een klein groen randje achter. Ik pakte het met mijn vinger.

‘Ik wil er nog één,’ zei Bo.

Ik schoof de schaal naar hem toe. Hij pakte de voorste en hield hem nu een beetje schuin.

Mam leunde achterover. De kaarsjes waren laag genoeg om er niet tegenaan te kijken. Het vlammetje naast de schaal bewoog toen papa zijn glas neerzette.

Ik keek langs de tafel. Mam links van me. Eva naast haar. Papa aan de andere kant, Bo naast hem. Ik hoefde geen stoel te draaien om iemand te zien.

Papa vroeg mam hoe het op haar werk ging. Ze vertelde hoe druk het er de laatste tijd was.

‘Zal ik nog water pakken?’ vroeg Eva.

Eva stond op en nam de lege karaf mee naar de keuken. Ze vroeg Bo wat hij wilde. Hij zei appelsap. Papa schonk het al in terwijl Bo zijn glas nog met twee handen probeerde op te tillen.

‘Ik kan dat zelf,’ zei Bo.

‘Nu zit het er al in,’ zei papa.

Bo keek in het glas en liet het verder maar zo.

Uit de keuken kwam de bel van de oven.

Ik schoof mijn stoel naar achteren. Mam stond ook op. Eva nam de kleine bordjes mee die leeg waren. Papa pakte de twee glazen van onze kant om ruimte te maken. Daardoor stond er even niemand meer op de plek waar ik had bedoeld dat iedereen moest blijven zitten.

Mam keek in de oven. De rand was bruin geworden op de goede manier. Ze haalde de vorm eruit en zette hem op het rooster.

Ik hield het grote bord klaar. Eerst moest de rand van de vorm eraf. Mam maakte hem langzaam los. Aan één kant wilde het deeg een beetje mee, maar ze hield er een platte schep tegen en toen bleef het zitten.

De taart was groter dan gisteren. Hij rook ook groter. Naar kaas die boven op de prei was blijven liggen en naar een bodem waar nog warmte in zat.

‘Deze is goed,’ zei ik.

Mam keek naar de rand. ‘Dat denk ik ook.’

Eva vroeg waar de salade moest. Ik wees naar de grote witte schaal. Ze zette de lege schaal bij papa, die met twee lepels de salade over begon te doen. Bo stond ernaast om te kijken of alle olijven wel meegingen.

Ik wilde de taart op tafel zetten en hem daar aansnijden. Ik hield het bord boven mijn eigen plek om te zien hoe het zou passen. Dan moesten de glazen opzij. En de kaarsjes. En de toastjes, waar nog een paar op lagen.

‘Ik heb hier nog het broodmes,’ zei mam achter me.

Papa hield de saladeschaal vast. Eva had de lege bak in haar handen. Bo vroeg of dit nu het voorgerecht was of het andere eten. Niemand had een lege hand om de toastjes weg te zetten.

Ik stond met de warme taart voor mijn buik.

Mijn eigen stoel stond nog naar achteren. Onder het bord zag ik de lege plek waar ik had gezeten. Ik kreeg ineens veel trek in de punt die ik nog niet had gesneden.

‘Zet maar op het aanrecht,’ zei ik tegen papa.

Ik legde het bord naast het rooster. De oude blauwe schaal stond er nog, van de lunch. Ik spoelde hem om, droogde hem snel en zette hem midden op tafel. Hij paste beter tussen de twee rijtjes glazen dan het grote platte bord.

‘Deze voor de taart?’ vroeg mam.

‘Ja. Dan snijden we hier.’

Papa zette de salade aan de andere kant van de kaarsjes. Eva schoof de toastjes wat verder naar het midden. Ik pakte het mes en sneed de eerste punt los. Hij was groter dan ik van plan was.

Ik wilde hem alweer een stukje kleiner maken, maar Bo stond naast mijn elleboog.

‘Die is groot.’

‘Ja.’

‘Is die voor mij?’

‘Eerst op de schaal.’

Ik tilde de punt met de taartschep over. Aan de onderkant bleef een draadje kaas hangen dat ik met mijn vork losmaakte. Het volgende stuk ging gemakkelijker. Het derde werd smaller omdat ik bij de rand van de prei uitkwam. Ik legde ze naast elkaar en sneed door.

Op het grote witte bord bleven kruimels achter. Ik pakte er eentje. Hij was warm en een beetje zout.

Mam droeg de blauwe schaal naar tafel. Ik nam het witte bord met de twee laatste stukken mee en schoof het op de lege zesde plek. Het broodmes kon terug naar het aanrecht.

We gingen zitten.

Ik pakte het smalste stuk. Er kwam wat prei op mijn bord naast de punt. Papa gaf de salade door. Eva pakte eerst nog een toastje en schoof de schaal daarna naar Bo, die inmiddels niet meer zeker wist of hij de grootste punt wel wilde als er ook salade bij kwam.

‘Begin hier maar mee,’ zei papa en hij legde een kleiner stuk op zijn bord.

Ik stak mijn vork door de bodem. Hij was stevig genoeg om samen met de vulling op mijn vork te blijven. Ik rook de kaas voordat ik de hap in mijn mond had.

De rand was nu precies goed. Niet zo droog als gisteren, met een klein stukje boterigheid waar je het deeg nog proefde. Ik at de eerste hap op en nam meteen een tweede.

‘En?’ vroeg mam.

Ik knikte met mijn mond vol.

Zij knikte terug en nam zelf ook een hap. Eva schepte wat dressing over haar tomaat. Papa tikte met zijn mes tegen zijn vork om er een stukje prei af te krijgen.

Bo keek naar de binnenkant van zijn punt.

‘Is dat groen allemaal hetzelfde?’ vroeg hij.

‘Dat is prei,’ zei ik.

Hij pakte een heel klein stukje aan de punt van zijn vork en proefde.

Ik at nog een hap en voelde pas toen hoe leeg mijn buik was geweest. Van de toastjes had ik er maar één gehad. Ik schoof mijn stoel dichter naar tafel en zette mijn beide voeten op de grond.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.