← De tafel is al gedekt
Inhoudsopgave · hoofdstuk 11 van 12
  1. 1. De andere helft
  2. 2. Een vis op je bord
  3. 3. Het kleine bord
  4. 4. Vijf grote handen
  5. 5. Er moet iets in
  6. 6. Het eerste stuk
  7. 7. Veertien
  8. 8. De envelop
  9. 9. Aan tafel
  10. 10. De verkeerde jas
  11. 11. Eerst zingen
  12. 12. Voor morgen

Hoofdstuk 11 van 12

Eerst zingen

Mam haalde de rol uit de koelkast terwijl ik de kaarsjes uit hun doosje schoof.

Ze lagen even door elkaar op het aanrecht. Een paar hadden een langer lontje dan de rest. Ik legde ze in twee rijtjes op een schoon diep bord om er niet één te vergeten.

‘Daar blijft geen ruimte meer tussen,’ zei Bo.

Hij stond op zijn tenen om erbij te kunnen.

‘Het zijn er ook veel.’

‘Vijf is minder.’

‘Nogal.’

Ik pakte de lange witte schaal. Mam maakte de doos open en schoof het karton onder de rol er voorzichtig uit. Er bleven een paar donkere kruimels aan het karton hangen. Ik pakte er eentje en proefde. Heel zoet, een beetje bitter aan het eind.

We kregen de rol samen op de schaal. Hij stak aan allebei de kanten een klein stukje over de binnenste rand, maar de buitenrand was breed genoeg. Ik schoof hem niet meer heen en weer.

Ik drukte de kaarsjes erin. Bo telde hardop mee. Bij elf stopte hij om te vragen of dit nou twaalf was. We begonnen niet opnieuw. Ik wees het volgende lege plekje aan en zei twaalf.

Toen stonden ze allemaal.

Mam stak ze aan. Ze hield haar hand achter de eerste vlammetjes terwijl ik de schaal optilde. Ik liep langzaam. Het vest zat zacht bij mijn polsen en ik trok mijn vingers een beetje onder de rand zodat ik de schaal steviger kon vasthouden.

Op tafel was een lege plek gemaakt. Papa had de grote borden bij elkaar gezet. Eva had de vorken op een schoteltje gelegd. Mijn kleine bord lag voor mijn stoel, met de kruimels van de taart er nog op.

Ik zette de schaal in het midden.

Papa begon. Eva kwam er een stukje later bij en mam had haar eerste noot al gekozen voordat ze wist welke hij zou gebruiken. Het klonk alsof er twee verjaardagen tegelijk begonnen.

Ik keek hen alle drie aan en schoot in de lach.

Bo zong het hardst. Hij kende vooral de delen waar je hetzelfde nog een keer deed. Daar nam hij de leiding. Papa schoof zijn glas opzij omdat Bo met zijn arm de maat wilde aangeven.

Bij het laatste stukje hield mam haar telefoon omhoog. Ik keek naar de lens, maar Bo zong vlak naast me zo hard dat ik weer moest lachen.

Ik haalde adem en blies.

Samira blaast de veertien kaarsjes op haar chocoladerol uit terwijl haar familie zingt.

De meeste gingen tegelijk uit. Twee bleven nog een klein blauw randje vuur houden. Ik boog verder naar voren en deed het nog een keer.

Nu waren ze allemaal uit.

Er kwam een dun sliertje rook van de middelste. Ik rook het kaarsvet boven de chocolade.

‘Je mag wensen,’ zei Bo.

Ik knikte. Ik had al geblazen, maar deed toch nog heel even mijn ogen dicht.

Toen pakte ik het mes.

‘Eerst die dingen eruit,’ zei papa.

Ik moest opnieuw lachen en gaf hem het diepe bord. Hij hield het bij de schaal terwijl ik de kaarsjes één voor één pakte. Een klein beetje chocolade bleef aan de onderste punten hangen. Bo vroeg of je dat kon opeten. Mam zei dat we gewoon een heel stuk rol zouden nemen.

Het eerste plakje werd schuin. De room duwde aan één kant verder naar buiten dan aan de andere. Ik legde het op mijn eigen bord. De volgende plak ging beter en was daardoor meteen dikker.

‘Voor mij,’ zei papa.

Eva keek naar de room. ‘Die ernaast graag.’

Ik sneed door. Mam kreeg een stuk met veel van de donkere buitenkant. Bo wilde het uiteinde, omdat daar de spiraal het duidelijkst was.

We begonnen met eten voordat de schaal helemaal doorgegeven was. De chocolade bleef aan mijn vork plakken. Ik schraapte het stukje met mijn tanden los en nam toen wat room erbij.

Het was zacht en koud en heel lekker.

Ik stak mijn voeten een stukje verder onder tafel. De kaarsjes in de lage glazen brandden nog. Op de lange witte schaal lagen nu twee kleine chocoladevegen en een heleboel kruimels. Het overgebleven stuk stond er middenin.

‘Die mag niet allemaal op,’ zei ik.

‘Wie was dat van plan?’ vroeg mam.

Papa keek heel aandachtig naar zijn vork.

Bo wilde de kaarsjes mee. Ik vroeg wat hij ermee wilde doen. Dat wist hij nog niet. Eva zei dat we ze schoon zouden maken en thuis ergens bij zouden leggen. Bo vroeg drie keer waar ze dan in moesten.

Ik pakte het kaarsjesdoosje van het aanrecht. Er zat nog één heel kaarsje in en één gebroken. Die mochten er ook bij.

Na de rol bleven we nog een tijd zitten. Eva vertelde iets aan mam over de winkel waar ik mijn vest had gezien. Papa vroeg mij of de mouwen goed waren. Ik trok er één over mijn hand en weer terug.

‘Precies.’

Mam liet de foto van het uitblazen zien. Op de eerste had ik mijn ogen half dicht. Op de tweede was Bo aan de rand nog aan het zingen, met zijn mond zo ver open dat je bijna zijn kiezen kon tellen.

Die wilde ik.

Mam stuurde hem naar mij. Ik keek nog één keer op mijn eigen scherm en legde mijn telefoon weer weg.

Toen we eindelijk opstonden, moest iedereen tegelijk iets pakken. Eva haalde haar tas, papa bracht de glazen naar het aanrecht. Hij spoelde het bord van de kaarsjes af, droogde het en zette het op de stapel bij de grote borden. Mam zette de restjes bij elkaar. Ik gaf papa de lege saladebak en schepte erin wat over was.

‘Twee plakken mee?’ vroeg ik aan Eva.

Ze keek naar papa. ‘Ja. Anders gaat hij vanavond nog doen alsof er niks in huis is.’

Ik sneed ze af. Eén was wat dunner. Ik legde ze naast elkaar in een doosje met genoeg ruimte voor de room.

Bo stond al in de gang. Hij hield zijn schoenen vast in plaats van ze aan te trekken.

‘Waar is de envelop?’ vroeg hij.

Ik zette het mes neer.

‘Boven. Kom maar.’

We gingen samen de trap op. Hij bleef op de onderste twee treden nog even met één schoen in de ene en één in de andere hand staan. Toen zette hij ze beneden neer en kwam mee.

In mijn kamer deed ik de bureaula open. De envelop lag plat naast de stapel kaarten. Ik wees hem aan.

‘Hier.’

Bo keek in de la zonder de envelop aan te raken. Hij knikte en draaide zich weer naar de deur.

Beneden trok hij zijn schoenen aan met de tongen helemaal naar binnen. Eva hielp ze naar buiten terwijl hij zijn voet probeerde door te duwen. Papa stond al bij de deur met de bakjes in zijn tas.

Ik kreeg nog een kus en een omhelzing. Eva streek met haar hand langs de mouw van het vest, alsof ze blij was dat het paste. Bo hield me het doosje kaarsjes voor en stopte het toen in zijn jaszak.

‘Dag,’ zei hij.

‘Dag.’

Ze gingen de stoep af. Papa stak zijn hand nog even op. Eva legde een hand op Bo’s schouder om hem bij de stoeprand te laten wachten.

Ik keek tot ze de straat uit waren. Toen deed ik de deur dicht en hing mijn vest over de leuning van mijn stoel.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek lezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.