Hoofdstuk 19 van 300%

Selecteer een woord of zin in de leestekst en kies wat je ermee wilt doen.

Hoofdstuk 19 · 12 minuten lezen

Het raam naast de kassa

De witte mededeling over het affiche was aan één kant losgeraakt. De foto kwam eronder tevoorschijn als iemand de voordeur opende. Vera had het papier woensdag te snel vastgezet. Nu streek een koude luchtstroom er telkens onder en tikte de onderste hoek tegen het glas.

Ze pakte een nieuw stukje plakband en bleef ermee in haar hand staan. Aan de andere kant van de ruit wees een vrouw iets aan haar metgezel aan. Ze bukte om het stukje aankondiging te lezen dat nog onder het witte vel uitstak. Vera legde de plakbandrol terug en deed de deur open.

‘Die presentatie gaat voorlopig niet door,’ zei ze.

De vrouw richtte zich op. ‘Dat had ik gehoord. Maar hier hangt het nog.’

‘Er zit een mededeling overheen.’

Vera hoorde hoe kleinzielig dat klonk zodra ze het zei. De vrouw keek door het raam naar de omgeslagen hoek en knikte alsof zij niet van plan was daarover te gaan discussiëren. Ze kwam voor koffie. Haar metgezel liep achter haar aan en vroeg of ze niet gewoon die paar foto's konden bekijken die er nu toch waren.

‘Nee,’ zei Vera. ‘Ik heb ze niet hier. En ik heb ook niet afgesproken dat ze hier getoond mogen worden.’

Ze gaf hun een tafel. Ze vertelde niet het hele onderzoek voordat ze naar hun bestelling vroeg. Toen zij terugliep, bleef de man naar het raam kijken. Hij had de foto's niet gekocht, niet verplaatst en niet verkeerd omschreven. Hij was op haar eigen aankondiging afgekomen.

Het café was op vrijdagmiddag anders dan op andere dagen. Meer mensen met een tas die niet meteen weer naar kantoor gingen, minder haast bij de tweede kop. Een groepje vroeg of zij hun broodjes los mocht afrekenen. Vera deed het, verloor de tel toen iemand van gedachten veranderde en moest opnieuw beginnen. Achter haar piepte de oven. Aan het einde van de bar stond haar agenda open bij Bentes afspraak.

Ze had haar telefoon op de plank in de keuken gelegd. Toch hoorde ze hem iedere keer dat de koelkast aansloeg, een trilling die er niet was. Bente zou laten weten of haar koper voorlopig niets doorgaf. Anouk wachtte ook. Een verzoek dat nog niet beantwoord was, nam bijna evenveel plaats in als een gesprek.

Vera schoof de agenda dicht toen ze de broodjes uit de oven haalde. Ze had een plaatje van haar eigen avond bedacht: een paar buurtgenoten, koffie, iets over het oude station, de mensen die waren gekomen zonder zelf iets te bezitten. Nu had de opschorting dat beeld niet alleen van de stichting afgepakt. Zij had zelf de lege plaats voor zich gezien waar extra stoelen konden staan.

Om halfzes kwam een man aan de bar vertellen dat hij het telefoonnummer niet had opgegeven om nu te horen dat er ‘misschien iets mis’ was. Hij zei het zonder stemverheffing en dat maakte het moeilijker. Hij was de derde naam op haar lijst. Het cijfer dat ontbrak, bleek een negen; Milan had woensdagavond geweten wie zij bedoelde. Vera had hem donderdag alsnog gesproken en de mededeling gestuurd.

‘U zei eerst dat het definitief was,’ zei hij.

Vera ging niet ontkennen dat zij die indruk had gegeven. Hij had gevraagd of hij zijn buurman kon meenemen, omdat die vroeger op het station had gewerkt. Zij had gezegd dat het leuk zou zijn als hij kwam. De buurman had nu iemand geregeld om hem te brengen. Het ging niet om een verkochte kaart, het ging om een avond die al in een andere agenda stond.

‘Ik had dat niet als een vaste uitnodiging mogen doen,’ zei ze.

‘Maar deed u wel.’

Ze knikte. Er kwam een klant naast hem staan met een leeg bord. Vera pakte het aan, zette het neer en vroeg of hij een moment had om de naam van zijn buurman op te schrijven. Zij wilde hem zelf uitleggen wat niet doorging. De man schudde zijn hoofd.

‘Dat doe ik zelf. Die hoeft geen verhaal van een onbekende over foto's die niet van haar zijn.’

Vera voelde haar gezicht warm worden. Ze had zich voorbereid op boosheid over Dorus en kreeg iets terug dat veel dichter bij haar eigen toonbank bleef. Ze vroeg of hij koffie wilde; hij zei dat hij daar wel voor betaalde. Ze rekende af zonder er tegen zijn zin een gebaar van te maken.

Een uur later, toen de tafels even leeg waren, trok ze het affiche van het raam. Niet alleen het witte vel, niet nog een strookje tape. Het papier bleef bij één hoek vastzitten en scheurde toen zij te snel trok. Ze maakte de rest met een vochtige doek los. Achter de foto was het glas schoner dan eromheen. Daar kon ze nu niet gewoon een nieuw onderwerp overheen plakken zonder de rand te blijven zien.

Ze waste de ruit. Bij de letters van haar café op de volgende ruit hield ze op. Die zaten aan de binnenkant en hadden niets met het affiche te maken. Op het schap bij de kassa legde ze de feitelijke mededeling neer, leesbaar voor wie ernaar vroeg. Ze gooide het oude affiche niet in de papierbak voordat zij de stichting de verwijdering had bevestigd.

Milan kwam om zeven uur binnen met een tas waar een hoek van een studieboek uitstak. Hij hing zijn jas op en vroeg of de oven nog aan moest. Vera had de gewone overdracht klaar: voorraad, twee gereserveerde tafels, geen verse soep meer maken. Ze vertelde ook over de man aan de bar.

‘Die buurman kent hem,’ zei Milan. ‘Hij komt hier weleens op zaterdag.’

‘Ik had niet bedacht dat hij vervoer zou regelen.’

Milan keek naar het lege raam. ‘Hij had ook gewoon de avond vrij kunnen houden. Dat is toch ook iets.’

Vera trok een stoel naar achteren en ging zitten. Ze was nog niet weg, al was haar dienst afgelopen. In de keuken lag haar telefoon. Zij haalde hem, zag twee gewone meldingen en geen bericht van Bente. Toen zij terugkwam, had Milan het affiche in haar hand gezien.

‘Wat zeg ik als iemand voorstelt dat we het zonder die stichting doen?’ vroeg hij.

‘Dat doen we niet.’

‘Je zei vorige week tegen iemand dat er hier in elk geval iets zou zijn. Ik stond ernaast.’

Vera keek hem aan. Ze wist welk gesprek hij bedoelde. Ze had de onzekerheid toen gladgestreken met haar eigen ruimte: desnoods hier iets kleins. Het café leek in haar hoofd een oplossing die niemand anders iets kostte. Milan had er gestaan met de afwas en de avondlijst.

‘En ik had je niet gevraagd of dat binnen jouw dienst paste,’ zei ze.

‘Dat ook.’

Hij zette twee schone glazen op de bar. Een klant bij de deur vroeg of er nog plaats was; hij wees een tafel aan en ging de bestelling opnemen. Vera wachtte. Zij kon dit niet afronden door precies het juiste inzicht uit te spreken en hem daarna met de gewone avond achter te laten.

Toen hij terugkwam, vroeg ze welke kleine activiteit volgens hem wél zonder bijzondere bezetting kon. Hij haalde zijn schouders op. ‘Een gewone tafel. Mensen die koffie kopen. Dat doen we hier al.’

‘Zonder foto's.’

‘Niet alsnog een ander z'n foto's ophalen, bedoel je.’

Vera lachte kort. ‘Ja.’

Ze pakte de agenda. Ze wilde niet opnieuw diezelfde aangekondigde avond vullen alsof er niets was gebeurd. Een andere keer, op een gewone zaterdagmiddag vóór sluiting, kon er een tafel zijn voor mensen die over hun eigen werk op het station wilden praten. Geen archieftentoonstelling, geen belofte dat iedereen op een foto terug te vinden was. Wie iets meenam, hield het zelf. Ze moest eerst vragen of daar behoefte aan was, niet alvast een aankondiging maken.

Milan keek mee naar de bladzijde. Op zaterdag moest hij ook pauze. Vera zette haar eigen naam bij de overlap en schrapte de extra stoelen die ze bijna op had geschreven.

‘En jij zou na sluiting nog—’ begon ze.

Milan legde zijn hand naast de agenda. Niet erop, niet om hem dicht te slaan. ‘Na sluiting ben ik vrij.’

‘Ik bedoelde alleen helpen terugzetten.’

‘Dat is ook werk.’

Vera keek naar de tas met het boek, die nog tegen de kruk stond. Ze wist dat hij donderdag een opleiding deed. Ze wist inmiddels vooral op welk uur hij daardoor niet voor haar kon invallen. Wat hij de rest van de week voor die opleiding moest doen, had zij nooit gevraagd.

‘Wat heb je zaterdag?’

Hij trok zijn hand terug. ‘Dat hoef ik toch niet eerst te bewijzen?’

Ze zag zijn gezicht veranderen toen hij het zei. Er zat een kleine vermoeidheid achter die niet alleen van deze avond kon zijn. Vera pakte de pen weer en schreef naast de geplande tafel: opruimen vóór drie uur. Zij zou de laatste spullen zelf terugzetten als de gewone sluiting was gedaan.

‘Nee,’ zei ze. ‘Je hoeft me niet te vertellen wat je hebt.’

Hij nam een bestelling op. Zij bleef niet achter de bar staan alsof het gesprek hem moest achtervolgen tussen twee tafels. Toen hij terugkwam, schoof ze de agenda naar haar eigen kant. Hij keek naar de nieuwe regel en knikte.

Pas daarna zei hij dat hij zaterdagmiddag met iemand uit zijn klas een praktijkopdracht ging voorbereiden. Elektrotechniek. Ze moesten een opzet maken en die in de les kunnen toelichten. Het was nog geen stage, geen betaald werk. Voor het volgende blok wilde hij wel gaan uitzoeken waar hij praktijkervaring kon opdoen. Niet alleen de avondles afwerken en hopen dat er later vanzelf een werkgever kwam.

‘Ik heb nog niets gevonden,’ zei hij. ‘Maar ik moet er wel tijd voor vrijhouden.’

Vera wilde vragen hoeveel dagen hij dan hier weg zou zijn. Ze liet de vraag even liggen en wees naar zijn boek. ‘Dacht je dat ik zou vragen of je mijn stopcontacten kwam nakijken?’

‘Je oven vorige week al. Je zei het als grap.’

Ze herinnerde het zich. De oven had een keer geweigerd op te warmen, zij had naar zijn les gewezen en gezegd dat hij haar reparateur nog kon worden. Hij had toen ook gezegd dat hij in opleiding was. Ze had het niet als een echt antwoord behandeld.

‘Daar bel ik de monteur voor,’ zei ze.

‘Graag. Ik wil ooit weten wat ik doe voordat iemand op mijn werk moet vertrouwen.’

Hij trok de tas verder onder de kruk zodat niemand erover struikelde. Vera vroeg of hij het wilde laten weten wanneer er iets veranderde in zijn beschikbaarheid. Niet of hij haar nu alvast kon beloven alle dinsdagavonden te houden. Hij zei dat hij dat op tijd wilde bespreken, zoals andere roosterdingen. Zij schreef een personeelsafspraak voor de volgende week in haar agenda, kort en zonder nieuw aanbod aan klanten ernaast.

Toen kwam een van de gereserveerde groepen binnen. Milan stond op om ze naar hun tafel te brengen. Vera pakte de glazen die hij klaar had gezet en bracht ze mee. Daarna ging ze terug naar haar stoel. Zij kon nog tien minuten blijven voor haar telefoontje, maar hoefde hem niet te laten zien dat zij ondanks alles onmisbaar was bij zijn gewone dienst. Er kwamen geen extra uren bij; wat binnen de gewone tafelruimte niet kon, moest zij niet vooraf vol beloven.

‘Ik wil dit nog niet aan het raam,’ zei hij.

Ze schoof haar pen dicht. ‘Ik ook niet.’

Dat tweede was pas sinds een minuut waar. Zij liet het zo staan. Hij hoefde niet te horen hoe snel ze precies van gedachten was veranderd.

De vrouw van eerder op de middag kwam opnieuw binnen. Deze keer wilde ze twee koffie meenemen. Haar metgezel stond buiten bij het raam. Ze zei dat het raam er rustiger uitzag. Vera vroeg of ze haar nog iets mocht zeggen over de aangekondigde avond. De vrouw keek op haar horloge en antwoordde dat het kort kon.

Vera vertelde dat er geen vervangende fotoavond kwam. Als er later een kleine openbare selectie onder de juiste afspraken kwam, hoorde dat bij Anouk en de stichting, niet vanzelf hier. De vrouw knikte. Toen vroeg ze of het café dan 's avonds gewoon openbleef.

‘Ja,’ zei Vera.

‘Dan komen we misschien gewoon een keer koffie drinken.’

Ze zei het zonder de bedoeling de onderneming te redden. Vera rekende haar twee koffie af en gaf het wisselgeld terug. Het waren gewone bedragen. Er was geen lijst waarin zij de gemiste fotoavond tegen deze bestelling kon wegstrepen.

Bente belde om kwart voor acht. Vera vroeg Milan of zij tien minuten bij de tafel achterin kon zitten. Hij zei ja, zolang zij niet tegelijk zijn voorraadvragen bleef beantwoorden. Ze nam haar agenda mee en ging zitten waar het gesprek niet de hele bar over hoefde.

De koper had toegezegd niets verder te verkopen tot het gesprek. Bente wilde maandagmorgen de verkoopregel en de bevestiging samen met Anouk bekijken. Zij zei zelf dat zij ertegen had opgezien. Eerst had ze gehoopt dat het een misverstand was dat ze tussen haar en Dorus kon oplossen. Nu moest zij iemand berichten dat zijn aankoop mogelijk materiaal betrof waarover de verkoper niet mocht beschikken.

‘Ik wil niet dat hij dat hoort via een rondgaand verhaal,’ zei ze. ‘Daarom heb ik hem nu eerst zelf gesproken.’

Vera schreef half tien op. Ze vroeg of Anouk rechtstreeks contact zou kunnen krijgen. Bente wilde dat maandag met de koper afstemmen; ze had zijn toestemming voor bewaren al, nog niet voor het doorgeven van zijn gegevens. Vera zei dat zij het zo aan Anouk zou vertellen, zonder er een koopnaam bij te verzinnen.

Ze belde Anouk daarna meteen. Die nam op met een mond vol eten, slikte en vroeg haar opnieuw te beginnen. Vera moest lachen omdat ze haar eigen eerste zin niet meer wist. De tweede was eenvoudiger: maandag de verkochte groep bekijken, en de koper houdt hem voorlopig bijeen.

Anouk zei dat dat in ieder geval iets werkelijks was. Zij zouden weer samen fietsen, zelfde tijd als de vorige maandag. Vera schreef het op. Toen zij haar agenda sloot, bracht Milan drinken naar een van de gereserveerde tafels. Ze legde de naam van de belangstellende zonder toestemming om opnieuw te bellen niet terug op een nieuwe lijst. Ze stak het oude affiche in haar eigen tas en ging naar huis.

Hoofdstukken

De reiziger van 23.14

  1. 01Het blik10 minuten
  2. 02De verkeerde trein10 minuten
  3. 03Het linkerraam10 minuten
  4. 04Eén map10 minuten
  5. 05Wat in vijf dozen paste10 minuten
  6. 06De kamer in De Werf9 minuten
  7. 07De plank boven de voorraad9 minuten
  8. 08Wat Dorus maakte9 minuten
  9. 09Niet het hele leven10 minuten
  10. 10De rit van dinsdag10 minuten
  11. 11Hetzelfde beeld, ander karton11 minuten
  12. 12De oude selectie10 minuten
  13. 13Wat Bas herkende10 minuten
  14. 14De herstelde hoek12 minuten
  15. 15De doos die dicht bleef10 minuten
  16. 16Boven de V10 minuten
  17. 17Een aangeboden collectie10 minuten
  18. 18Tussen de losse beelden9 minuten
  19. 19Het raam naast de kassaJe leest nu12 minuten
  20. 20De zes stroken9 minuten
  21. 21Een aankoop van vijfennegentig10 minuten
  22. 22Werkexemplaren9 minuten
  23. 23De ring over de rand10 minuten
  24. 24Apart aanleveren11 minuten
  25. 25Wat Anouk zou vragen9 minuten
  26. 26Dezelfde achtentwintig10 minuten
  27. 27Oude kartons10 minuten
  28. 28De laatste zes10 minuten
  29. 29Onder de juiste naam9 minuten
  30. 30Een gewone vrijdag9 minuten

Leesinstellingen

Kies wat voor jouw ogen prettig leest.

Tekstgrootte
100%

Leesgereedschap

Mijn leesnotities

Alleen in jouw browser. Ook opgenomen in je boekenplank-back-up. Maximaal 2000 tekens.

Mijn bladwijzers

Gebruik het bladwijzericoon naast een alinea om een stukje terug te vinden.

FABLIVA

Vind je volgende verhaal

Zoek op titel, onderwerp of genre.

FABLIVA

Een idee of iets dat beter kan?

Help ons Fabliva mooier te maken. Een account is niet nodig.

Je bericht gaat per e-mail naar hello@fabliva.com. We gebruiken het alleen om je feedback te behandelen. Vul je een e-mailadres in, dan kunnen we reageren.

Liever via e-mail? hello@fabliva.com
FABLIVA

Je verhalen, een tik dichterbij.

Zet Fabliva op je beginscherm. Je kunt hier ook gewoon verder lezen.

Je offline boeken

Bewaarde boeken staan op dit apparaat. Je kunt per boek ruimte vrijmaken; je leesplek en notities blijven bewaard.

Boektaal: Nederlands

Verder in de nieuwe editie

Neem je leesplek en passende bladwijzers over. De eerdere editie, leesplek en notities blijven bewaard.

Wat betekent dit woord?

De korte verklaringen en vertalingen hieronder staan op je apparaat en werken ook offline.

Dit opent een externe website met alleen het gekozen woord. Er gaat geen zin of boektekst mee.

Laat dit hoofdstuk voorlezen

Kies een stem en luister eerst naar een korte proef. De beschikbare stemmen verschillen per apparaat.

Bij een online stem ontvangt de spraakdienst de tekst die je laat voorlezen. Lokale stemmen verwerken deze op je apparaat.