Hoofdstuk 19 van 310%

Selecteer een woord of zin in de leestekst en kies wat je ermee wilt doen.

Hoofdstuk 19 · 15 minuten lezen

Voor andere oren

Anouk had de stoelen niet in rijen gezet. Zes om een tafel, twee bij het raam en een paar tegen de muur voor het geval er toch meer mensen kwamen. Op de tafel lagen blanco vellen en potloden. Geen foto's van de haven, geen kaart waarop je het antwoord alvast kon aanwijzen.

Liv was tien minuten te vroeg. Ze legde haar tas op de stoel naast het verlengsnoer en vroeg waar de luidsprekers moesten komen. Anouk wees naar de vensterbank.

‘Daar kan iedereen ze zien.’

‘Ik hoef niet dat ze gezien worden.’

‘Dat dacht ik wel. Maar als ik ze daar laat staan, krijg ik niet iemand die ze op zijn schoot zet omdat hij zijn tas kwijt moet.’

Liv zette de kleine luidsprekers op hun plek. Het snoer haalde de computer niet zonder een stoel te passeren. Zij verplaatste de stoel in plaats van het snoer door het looppad te trekken. Anouk keek toe en wees haar toen het stopcontact naast de deur, dichterbij dan het punt dat zij had uitgekozen.

Ze hadden nog ruim tijd om te testen. Liv liet het begin van een fragment lopen, zacht. Uit de linker luidspreker kwam een vaag brommen. Ze dacht eerst aan de ruis in de overdracht, maar het hield aan toen zij het afspelen stopte. Ze haalde het snoer los, sloot opnieuw aan en luisterde nog eens. Het geluid veranderde toen zij de kabel niet meer langs de voeding legde.

‘Zo?’ vroeg Anouk.

Liv knikte. Zij kon het op deze tafel niet helemaal stil krijgen. Dat hoefde ook niet. De stem moest hoorbaar zijn zonder dat het harde begin van een zin de mensen bij het raam zou laten schrikken. Ze liep naar de verste stoel en vroeg Anouk op afspelen te drukken.

Joop begon onmiddellijk over de verkeerde schepen. Anouk keek op van het toetsenbord, glimlachte en stopte op het teken dat Liv gaf.

‘Hij is niet blij met die vraag,’ zei ze.

‘Nee. Of hij heeft hem al vaker gehad.’

‘Dat weet je niet.’

‘Dat bedoel ik.’

Ze zei het te snel. Anouk keek haar aan, knikte daarna en wees naar de stoelen. Of Liv de introductie wilde geven vanaf de zijkant, zodat zij niet tussen de mensen en het geluid bleef staan. Liv verplaatste haar notitieboek. Ze had de tekst drie keer anders opgeschreven, maar van geen enkele versie hield zij nog nadat zij hem hardop had gelezen.

Voor drie uur kwamen vier mensen tegelijk binnen. De oudere vrouw in het midden stelde zich voor als Hanneke. Ze had Anouk eerder gesproken en liep meteen naar de tafel. De man naast haar wilde haar stoel klaarzetten, maar zij zei dat ze zelf wel zag hoe een stoel werkte. Hij lachte en ging aan de andere kant zitten. De twee anderen vroegen of dit al het begin was. Liv zei dat ze nog even wachtten.

Er kwam een jonge vrouw die haar regenjas over haar arm had. Noor. Zij woonde nog niet lang in de plaats en kwam omdat zij beter wilde begrijpen wat er vóór de nieuwe inrichting had gelegen. Ze kende de haven vooral als de plek waar je nu niet snel doorheen fietste. Haar telefoon lag al op tafel toen ze hem weer oppakte en in haar tas stopte.

De zesde bezoeker arriveerde met een doorweekt fietskaartje. Hij legde het op de lege vensterbank, zover mogelijk van de luidspreker af. Anouk hielp hem met een doekje. Daarna deed zij de deur dicht en vroeg of iedereen iets te drinken had. Er waren zes bezoekers, met Liv en Anouk erbij acht mensen. Niemand hoefde erbij te schuiven.

Liv begon met wat zij gingen horen. Niet de hele collectie, niet alle stemmen. Twee fragmenten iets langer, een derde korter om een andere vraag te kunnen stellen. Zij noemde Willem Kooij en Joop van Dijk en vertelde waar in de interviews de gekozen passages zaten. De fysieke banden bleven bij de collectie; zij werkte aan luisterkopieën van de bestaande digitale overdrachten. Het waren geen nieuwe gesprekken.

‘Wat is er dan anders?’ vroeg de man naast Hanneke.

‘Dat sommige dingen beter te verstaan zijn. En dat we kiezen waar we beginnen en ophouden.’

‘Dat is nogal wat.’

‘Ja,’ zei Liv.

Ze zag dat Anouk achter in de kamer naar haar keek. Niet waarschuwend, niet aansporend. Het was het antwoord dat zij had gegeven; zij mocht er nu zelf mee verder.

Ze legde uit dat ze de vragen erbij liet waar die nodig waren en dat onduidelijke woorden niet vanzelf zeker werden doordat zij de ruis zachter kon maken. Ze wilde niet iedereen een les geven over wat geluid met mensen deed. Daarom stopte zij en vroeg of ze eerst mochten luisteren.

Anouk deelde de vellen uit. Eén ding opschrijven dat was blijven hangen, zei ze. Nog niet meteen vergelijken. Hanneke pakte het potlood vast en zei dat zij vooral dingen vergat als iemand haar vroeg ze te onthouden.

‘Dan mag dat erop,’ zei Anouk.

Liv speelde Willem af vanaf de vraag die zij eerst had willen inkorten. In deze kamer klonk hij ouder dan in haar koptelefoon, of verder weg. De achtergrondruis klonk hier anders dan thuis; iemand naast de deur schoof met een voet en zijn kuch viel een ogenblik samen met de opname.

Ze hield haar hand van de muis.

Willem vertelde over de boot die had vastgezeten. Hij corrigeerde wat de interviewer eruit probeerde te halen, kwam terug op de ochtend en ging verder met hoe zij uiteindelijk toch iets gedaan hadden gekregen. Geen schoon verhaal waarin een haven dichtging. De man naast Hanneke keek naar het papier alsof hij dacht dat hij te laat begonnen was met schrijven.

Liv liet de afgesproken laatste zin aflopen. Zij stopte niet op de eerste stilte. Toen zette zij het geluid uit en keek naar Anouk. Die zei niets. Het enige geluid kwam van potloden over papier en het zachte neerzetten van een glas.

Hanneke was als eerste klaar. Zij wilde haar blad omdraaien, maar Anouk vroeg haar nog even te wachten op Noor, die pas net iets opschreef. Er zat een klein verschil tussen wachten in deze kamer en het wachten dat Liv de afgelopen week kende. Hier kon zij zien wat de ander deed.

‘Bij mij staat modder,’ zei Hanneke toen ze mochten praten. ‘Ik zag die man al staan.’

Haar buurman had opgeschreven dat de haven toen niet meer bruikbaar was. Hij las het niet aarzelend voor. Het was wat hij had gehoord.

Liv schoof haar stoel naar achteren. Zij wilde beginnen bij de vraag van de interviewer. Anouk wees naar de andere vellen. Eerst iedereen, zei ze.

Noor had opgeschreven dat zij niet wist waar de boot precies vastzat. De man met het fietskaartje wilde weten wat voor boot het was. Een andere bezoeker had vooral de ergernis gehoord: hij moest steeds terug naar die ene dag. Dat was hem bijgebleven, de man die zijn antwoord niet groter wilde maken.

Hanneke draaide haar blad om. ‘Ik weet nog wel hoe dat eruitzag.’

Ze begon over de grond na een droge periode. Zij had het meegemaakt, maar kon niet zeggen in welk jaar het was geweest. De man naast haar noemde een jaar. Hanneke schudde haar hoofd. Zo lang geleden was zij daar helemaal niet geweest.

Liv voelde haar telefoon trillen in haar zak. Ze wist niet van wie het bericht was. Haar hand bewoog al naar de jas die over haar stoel hing. Ze hield hem op de leuning, met haar vingers om de stof.

Anouk vroeg of zij het over hetzelfde deel van het terrein hadden. Hanneke keek naar de man, toen naar Liv. ‘Weet jij waar hij stond?’

‘Niet precies,’ zei Liv. ‘Ik weet wat hij zegt dat er gebeurde.’

Ze vroeg of ze het korte stuk met de vraag opnieuw wilde horen. Nu mocht Liv de opname wel op die plek beginnen. De interviewer vroeg naar het vastlopen. Willem begrensde zijn antwoord, ging terug naar één boot en één ochtend. Liv stopte na de correctie. Het voelde haast onaangenaam om zoveel betekenis aan een klein stukje werk over te laten.

De man keek naar zijn eigen papier. Hij kraste het woord onbruikbaar niet weg. Hij zette er een vraagteken achter.

‘Zo had ik het eerst niet,’ zei hij.

‘Ik ook niet,’ zei Liv.

Zij hoefde niet uit te leggen hoe dichtbij haar eigen eerste keuze daarbij had gelegen. Ze vertelde wel waarom de vraag in de luisterversie bleef. Het stuk werd langer; je hoorde dat de interviewer ergens op aanstuurde en dat Willem niet helemaal meeging.

Hanneke wilde iets zeggen. Ze hield op toen Noor naar haar eigen blad wees.

‘Als ik de vraag niet kende, wist ik niet dat hij terugging,’ zei Noor. ‘Dan was het gewoon hetzelfde antwoord, langer.’

Liv noteerde het. Niet als compliment. Het was iets dat zij bij een andere selectie opnieuw moest toetsen.

Bij Joop liep het gesprek anders. De eerste irritatie riep een paar lachjes op. Toen hij de interviewer een koek aanbood, lachte Hanneke hardop. Ze zei meteen dat zij dat herkende en hield haar hand voor haar mond zodat zij de rest niet overstemde. Liv keek naar haar. Hanneke knikte zonder te spreken.

In de bron had Joop ademgehaald vóór de stellige zin over de boten. In de versie die zij liet horen was dat hoorbaar gebleven. Het gaf de ruis tijd om op te vallen. De bezoeker het dichtst bij de luidspreker draaide zijn oor een beetje weg. Liv had hem een zachter volume kunnen geven door de hele tafel te laten wachten. Zij zag dat hij gewoon bleef luisteren en wachtte zelf tot het einde.

Deze keer schreef iedereen sneller. Noor zette haar potlood neer en pakte het weer. Anouk schonk water in, voorzichtig genoeg dat de straal niet tegen de rand sloeg.

De man die bij Willem onbruikbaar had geschreven, zei nu dat het elkaar tegensprak. Als er later nog boten kwamen, kon dat vastlopen niet zo belangrijk zijn geweest. Hanneke draaide zich naar hem toe.

‘Voor wie op die boot stond wel.’

‘Dat bedoel ik niet.’

‘Dat zeg je wel.’

Liv voelde de gewone tafel groter worden. Ze hoefde geen scheidsrechter te zijn over wie er gelijk had. Ze moest wel voorkomen dat de ene stem de andere van het papier zou drukken omdat die net harder teruggehaald werd.

‘Joop heeft het over andere schepen,’ zei ze.

‘Dan kun je alles passend maken,’ zei de man.

Hij was niet boos. Hij wilde weten of hij haar kon geloven wanneer zij hem twee dingen liet horen die niet op hetzelfde antwoord uitkwamen. Liv pakte haar notitieboek en schoof het toch weer terug. De verwijzing naar twee nummers op haar lijst zou hem niet helpen.

Ze liet de vraag en het begin van Joops antwoord nog eens horen. Hij beperkte zelf over welke schepen hij sprak. Hij klonk daarbij beslist, maar er kwam een kleine onderbreking voordat hij verderging.

‘Daar hapert hij,’ zei Noor.

‘Hij haalt adem,’ zei iemand.

‘Dat kan ook.’

Liv stopte. In de plotselinge stilte hoorde zij een deur op de gang dichtgaan. Ze keek ernaartoe, ook al wist zij dat iedereen in de kamer zat. Het was een gewone deur, verder weg dan zij hem bij het pension zou hebben gezocht.

Anouk vroeg Noor wat zij met hapert bedoelde.

‘Dat hij iets anders wilde zeggen. Misschien. Ik weet het niet. Hij begint twee keer.’

De man met het fietskaartje hoorde daar geen onzekerheid in. Hij vond juist dat Joop zijn tijd nam omdat hij wist dat de interviewer een simpeler verhaal wilde. Hanneke zei dat het allebei kon. Ze tikte met haar potlood tegen het blad en liet het meteen liggen toen Liv haar kant op keek.

Er kwam geen uitslag. De ademhaling bewees niet wat Joop dacht. Liv had niet moeten verwachten dat het herstelde geluid iemand zijn bedoeling zou teruggeven. Het gaf hun wel iets waar zij over konden verschillen zonder dat zij dat verschil vooraf voor hen had weggemaakt.

Ze vertelde kort dat zij dit begin in een eerdere bewerking zachter had gemaakt dan goed was. De ruis was mee omlaag gegaan, de adem ook. Zij had het opnieuw gedaan.

‘Kun je dat verschil laten horen?’ vroeg de man.

Liv keek naar Anouk. Het stond niet op de korte opzet. De oudere bewerking zat wel op de drive, apart. Zij wilde er niet een demonstratie van haar apparatuur van maken. Ze zei dat ze het één keer naast elkaar kon zetten, als iedereen dat wilde, en daarna teruggingen naar de selectie.

Ze speelde de paar seconden af. Eerst de te gladde toegangskopie, daarna de minder schone nieuwe. Niet de hele opname, niet steeds terug tot iedereen dezelfde gedachte kreeg.

Hanneke fronste. ‘Daar ben ik hem kwijt.’

‘In welke?’ vroeg Liv.

‘Die eerste. Hij is er wel, maar ik krijg geen tijd om hem te volgen.’

Noor vond het verschil moeilijker te omschrijven. Zij zei dat de eerste versie makkelijker klonk en toch minder duidelijk was. De bezoeker bij de luidspreker vroeg of de tweede op zijn telefoon ook zo scherp zou klinken. Liv schreef de vraag op. Een prettige klank in deze kamer betekende niet dat een klein speakertje hetzelfde deed.

Toen ze naar het derde fragment gingen, kende niemand de spreker als personage uit Livs inleiding. Ze benoemde alleen de vraag die erbij hoorde. Het was korter. Er viel een naam die niet helemaal te verstaan was. Liv had hem niet ingevuld op het vel.

De bezoekers bleven er toch over praten. Twee hadden verschillende namen gehoord. Hanneke begon met een derde en zei toen dat ze het eigenlijk niet wist. Anouk schreef de varianten niet op het bord. Ze vroeg welke vraag ze nog konden volgen zonder dat ene woord vast te leggen.

De toegang tot het terrein, zei Noor. Of mensen daar zomaar konden lopen. Ze wist niet of zij daarmee hetzelfde bedoelde als iemand die daar gewerkt had.

‘Dat wil ik wel kunnen lezen,’ zei ze. ‘Niet alleen horen en dan raden of ik de verkeerde kant voor me zie.’

Anouk keek naar Liv. Daar was een echte taak uit voortgekomen. Een korte toelichting die vertelde op welk deel van de route de vraag sloeg, zonder het antwoord voor de spreker te schrijven.

Ze spraken nog een kwartier. Niet iedereen had iets voor Liv. De man bij Hanneke wilde weten of er later ook een kopie van de hele verzameling te beluisteren was. Anouk legde uit dat daar apart aan gewerkt werd en dat vandaag niet de oplevering van twaalf interviews was. Zij vroeg of zij de vellen met opmerkingen mocht houden. De deelnemers konden hun naam erop zetten als ze dat wilden.

Toen de anderen opstonden, bleef Noor bij haar stoel staan. Zij vroeg of de twee langere stukken straks achter elkaar zouden komen.

‘Dat weten we nog niet,’ zei Liv.

‘Want nu ken ik ze allebei. Maar als ik thuis alleen de tweede hoor, weet ik niet waartegen hij ingaat.’

Liv zei dat het een goede vraag was. Noor keek niet tevreden omdat zij iets goed had gedaan. Ze wilde gewoon weten of zij het later kon volgen. Liv beloofde dat zij bij de volgende toegangskopie genoeg van het gesprek ervoor liet staan en de keuze niet alleen in een losse inleiding uitlegde.

De man met het natte kaartje bedankte Anouk en vroeg waar hij zijn doekje kon neerleggen. Het kaartje was aan één kant nog vochtig. Hij hield het met twee vingers vast alsof er iets kostbaars op stond. Hanneke was al aan het vertellen over waar zij vroeger haar fiets had neergezet. Liv luisterde, maar schreef het niet tussen de opmerkingen over de interviews. Dit was Hannekes verhaal, niet automatisch een verbetering van dat van Willem.

Pas toen de deur voor de laatste keer dichtging, haalde zij haar telefoon uit haar jas. Els had gevraagd of de middag goed ging. Geen gemiste oproepen. Het bericht was bijna een uur oud.

Liv antwoordde dat zij nog opruimde en later belde. Zij las de zin terug en stuurde hem zonder iets toe te voegen over of Els ergens alleen was. Roos wist waar zij was. Dat hadden ze afgesproken.

Anouk stond bij de tafel met de potloden. ‘Moe?’

‘Ja.’

‘Het was goed dat je ze liet zoeken. Niet elk gat meteen vol.’

Liv schoof de losse vellen op een stapel. ‘Ik wilde een paar keer al praten.’

‘Dat zag ik.’

Ze liepen de opmerkingen langs voordat ze hun spullen pakten. Vraagcontext bij Willem; onderscheid tussen verschillende boten bij Joop; toelichting bij de toegang in het derde fragment. Niet meer restaureren tot niemand nog een verschil hoorde, wel de scherpe rand voor klein afspeelgeluid nakijken. De adem bleef. Waar hij onzekerheid betekende, konden zij niet vaststellen.

Anouk wilde morgen een bericht aan de deelnemers sturen met een bedankje en uitleg wat zij met de reacties deden. Zij vroeg Liv één korte alinea over de versies. Geen verslag van iedere keuze aan het toetsenbord. Liv zei dat zij die die avond stuurde, en keek eerst in haar agenda voordat ze donderdagmorgen voor de drie hele toegangskopieën opnieuw bevestigde.

De volle twaalf waren niet ineens mee af doordat er acht mensen een middag in een kamer hadden gezeten. Er was een bruikbaar begin, met werk dat nog moest gebeuren. Liv sloot de drive af en pakte de luidsprekers in. Zij liet de kabel pas los toen Anouk het laatste stekkertje uit de computer had gehaald.

Buiten stond de lucht laag. Ze liep naar haar auto en merkte hoe stil haar hoofd was nu de anderen niet meer praatten. Niet leeg. Er zaten zinnen in die ze morgen nog terug zou vinden op papier, met verschillende handschriften en vraagtekens. Ze hoefde ze niet allemaal achter elkaar te horen om te weten dat zij er geweest waren.

Bij de auto belde ze Els. Die nam na een paar tellen op en vroeg of de vissers het met elkaar eens waren geworden.

‘Nee,’ zei Liv.

‘Dat dacht ik al.’

Liv lachte. Els vroeg wat ze gegeten had. Niets sinds de lunch. Dan moest zij daar eerst iets aan doen, zei Els. Ze had zelf bij Roos gegeten en wilde vroeg naar bed.

Liv vroeg niet of zij dat zeker wist. Ze zei dat ze haar morgen sprak en bleef nog een ogenblik staan voordat ze instapte. Door de muren van het erfgoedcentrum hoorde zij geen stemmen meer. Ze waren gewoon weggegaan.

Hoofdstukken

Kamer zeven luistert

  1. 01De kamer10 minuten
  2. 02Aan de andere kant10 minuten
  3. 03Twaalf minuten8 minuten
  4. 04Het kastje10 minuten
  5. 05De rits10 minuten
  6. 06Zonder tekst erbij11 minuten
  7. 07Terug voor één dag12 minuten
  8. 08De verkeerde verdieping12 minuten
  9. 09De lege tafel11 minuten
  10. 10Overdag open13 minuten
  11. 11Wat ik niet heb gezegd18 minuten
  12. 12De logeerkamer11 minuten
  13. 13Een boodschap12 minuten
  14. 14Twee mensen in huis11 minuten
  15. 15Het trapje11 minuten
  16. 16Niet wat ik zei10 minuten
  17. 17Een ademhaling13 minuten
  18. 18Stoelen op de gang11 minuten
  19. 19Voor andere orenJe leest nu15 minuten
  20. 20Wat er thuis staat11 minuten
  21. 21Het dichtgemaakte eind13 minuten
  22. 22Een eigen opname11 minuten
  23. 23Voor het werk begint11 minuten
  24. 24Twee, vijf en negen10 minuten
  25. 25Met de deur open12 minuten
  26. 26Beneden11 minuten
  27. 27Waar je staat14 minuten
  28. 28Los van de muur12 minuten
  29. 29De eerste avond elders11 minuten
  30. 30Wat wordt opgeleverd10 minuten
  31. 31Acht kamers10 minuten

Leesinstellingen

Kies wat voor jouw ogen prettig leest.

Tekstgrootte
100%

Leesgereedschap

Mijn leesnotities

Alleen in jouw browser. Ook opgenomen in je boekenplank-back-up. Maximaal 2000 tekens.

Mijn bladwijzers

Gebruik het bladwijzericoon naast een alinea om een stukje terug te vinden.

FABLIVA

Vind je volgende verhaal

Zoek op titel, onderwerp of genre.

FABLIVA

Een idee of iets dat beter kan?

Help ons Fabliva mooier te maken. Een account is niet nodig.

Je bericht gaat per e-mail naar hello@fabliva.com. We gebruiken het alleen om je feedback te behandelen. Vul je een e-mailadres in, dan kunnen we reageren.

Liever via e-mail? hello@fabliva.com
FABLIVA

Je verhalen, een tik dichterbij.

Zet Fabliva op je beginscherm. Je kunt hier ook gewoon verder lezen.

Je offline boeken

Bewaarde boeken staan op dit apparaat. Je kunt per boek ruimte vrijmaken; je leesplek en notities blijven bewaard.

Boektaal: Nederlands

Verder in de nieuwe editie

Neem je leesplek en passende bladwijzers over. De eerdere editie, leesplek en notities blijven bewaard.

Wat betekent dit woord?

De korte verklaringen en vertalingen hieronder staan op je apparaat en werken ook offline.

Dit opent een externe website met alleen het gekozen woord. Er gaat geen zin of boektekst mee.

Laat dit hoofdstuk voorlezen

Kies een stem en luister eerst naar een korte proef. De beschikbare stemmen verschillen per apparaat.

Bij een online stem ontvangt de spraakdienst de tekst die je laat voorlezen. Lokale stemmen verwerken deze op je apparaat.