← Noor blijft slapen
Inhoudsopgave · hoofdstuk 1 van 8
  1. 1. De tas blijft hier
  2. 2. Twee bedden op de grond
  3. 3. Bij iemand anders aan tafel
  4. 4. Het gele lichtje
  5. 5. Brommen in het donker
  6. 6. Even papa horen
  7. 7. Aan deze kant van de deken
  8. 8. Er is al een morgen

Hoofdstuk 1 van 8

De tas blijft hier

Noor heeft haar zeehond onder haar arm. Zijn zachte buik is wit en zijn rug is grijs. Aan de zijkant zit een vin die precies tussen haar vingers past. In haar andere hand draagt ze een rode tas. Daarin ligt de blauwe deken met witte sterren boven op haar pyjama.

Mila staat al in de deuropening. Ze heeft geen schoenen aan. Haar blauwe sokken glijden een klein stukje over de gang als ze plaatsmaakt.

‘Kom. Ik laat zien waar we gaan slapen.’

Noor kijkt nog even om. Haar vader staat bij het tuinhekje. Hij wilde de tas voor haar dragen, maar die wilde Noor zelf vasthouden. Hij steekt zijn hand op.

‘Tot morgenochtend, Noor.’

Noor zwaait met de vin van de zeehond. ‘Tot morgen.’

Dan gaat ze naar binnen. Mila’s moeder Roos doet de deur dicht. Niet hard, maar Noor hoort toch duidelijk het klikje. Haar tas en haar zeehond zijn nu aan deze kant van de deur. Haar vader is aan de andere kant.

Ze trekt haar schoenen uit en zet ze naast Mila’s schoenen. Mila’s zijn kleiner. Ze zijn aan de voorkant een beetje donker van het buitenspelen.

‘Hoe heet hij?’ vraagt Mila.

‘Zeehond.’

‘Gewoon Zeehond?’

Noor knikt. Ze heeft wel andere namen geprobeerd. Maar als ze hem ’s avonds zocht, zei ze toch altijd waar is mijn zeehond. Dus nu heet hij zo.

Mila raakt met één vinger zijn neus aan. ‘Hij mag ook blijven.’

‘Hij hoort bij mij.’ Noor klemt hem wat steviger onder haar arm. Ze bedoelt het niet boos. Mila knikt en gaat al naar de trap.

Roos wijst Noor waar ze haar jas kan hangen. Dan lopen ze met z’n drieën naar boven. Noor houdt de tas in één hand en met de andere hand de leuning vast. Roos neemt de zeehond even over. Hij kijkt over haar schouder naar beneden, alsof híj liever in de gang wil blijven.

Noor staat met haar tas en zeehond bij de trap. Mila wacht naast haar; Roos helpt met de jas.

In Mila’s kamer staat haar gewone bed tegen de muur. Daarnaast ligt één matras op de vloer. Er zit een hoes omheen met kleine grijze streepjes. Een kussen ligt aan het hoofdeinde.

‘Dat is jouw bed,’ zegt Mila. Ze gaat ernaast zitten.

Noor zet haar tas neer. De matras is groot genoeg, dat ziet ze wel. Hij is zelfs langer dan haar bed thuis. Noor gaat erop liggen. Maar Mila ligt straks hoog in haar gewone bed en Noor laag op de grond. Van hier kan ze de rand van Mila’s kussen niet zien.

‘Kunnen we naast elkaar liggen?’ vraagt ze.

Mila kijkt naar haar bed. Dan kijkt ze naar Roos. ‘Mijn matras kan toch ook op de vloer?’

‘Dat kan,’ zegt Roos. ‘Jullie zoeken eerst een plek. Dan til ik.’

Noor kijkt van haar lage matras naar Mila’s hoge bed. Mila zit ernaast en Roos luistert.

Je kunt ook zonder opgeslagen leesplek voorlezen.

Naar mijn leesplek

Fabliva op je beginscherm

Heeft je browser een installatieknop? Kies dan App installeren. Je kunt ook het browsermenu openen en kiezen voor Toevoegen aan beginscherm.

Op een iPhone of iPad vind je dit via de deelknop in Safari. Je kunt Fabliva ook gewoon in je browser blijven gebruiken.

Wat kan beter?

Een fout gevonden of een idee? Je hoeft geen naam of e-mailadres in te vullen. Zet geen privégegevens in je bericht.

Je bericht wordt naar Fabliva verstuurd. Gebruik 10 tot 2.000 tekens.