Hoofdstuk 10 van 150%

Selecteer een woord of zin in de leestekst en kies wat je ermee wilt doen.

Hoofdstuk 10 · 7 minuten lezen

Een dak dat wind vangt

De eerste bak was lek. Er zat een scheurtje in de hoek, verstopt onder een etiket. Toen Wim er een beetje water in deed, liep er meteen een dun straaltje over het aanrecht.

‘Die is voor papier,’ zei Farah.

Ze haalde een andere bak uit de stapel. Bente hield de oude boven de gootsteen terwijl Wim de nieuwe bekeek. Noor bracht een doekje. Ze was blij dat de proef nog in het keukentje stond en niet naast haar boeken.

Even later lag er een plastic kleed over de vrijgemaakte tafel. De ondiepe bak stond erop. Wim had hem maar een klein stukje gevuld. In zijn hand lagen twee ongeveer even grote stukjes kurk die hij uit de bouwdoos had gehaald.

‘Geen echte boten,’ zei hij.

‘Dat zie ik,’ zei Sami.

Bente vouwde uit een restje karton een kapje. Ze hield het naast de foto om te kijken hoe hoog het ongeveer moest zijn. Wim zette het op een van de stukjes kurk. Het andere liet hij kaal.

Noor schoof de droge stoel met haar boeken achteruit. De bon legde ze op de vensterbank, onder haar etui.

De stukjes kurk dreven naast elkaar. Het kapje zakte scheef. Bente gaf het een kleiner duwtje dan Noor verwachtte en het bleef staan.

Wim boog zich aan één kant over de bak en blies. Het kale stukje schoof een eindje op. Het stukje met het dakje draaide, gleed verder en tikte tegen de overkant.

Sami bukte tot zijn neus bijna boven de rand hing.

‘Nog een keer.’

Wim wachtte tot het water rustiger was en schoof de kurk terug. Deze keer blies hij minder hard. Noor keek naar de rand van het dakje. Het ving de lucht en het stukje kurk eronder kwam weer eerder aan de andere kant.

‘Dus daar ging hij heen,’ zei ze.

Bente keek op. ‘Die van mij is veel groter.’

Noor wees nog naar de kurk. In de bak zat ook geen riet. Geen eiland, geen stroom langs de sluis. Alleen een paar rimpels van Wims hand.

‘Het kan dus,’ zei ze. ‘Door het dak.’

‘Dat kunnen we zien,’ zei Wim.

Het kartonnen kapje viel om. Bente viste het uit de bak en legde het op een doekje. Aan de onderkant trok een donkere vlek omhoog.

‘Daarom heb ik het echte dak geverfd,’ zei ze.

Sami hielp de stukjes kurk droogdeppen. De proef was klaar. Noor had gedacht dat er een grote ontdekking zou komen, iets waarvoor iedereen naar de tafel zou rennen. Farah kwam alleen vragen of ze straks de bak konden weghalen. Daar moesten morgen de bekers staan.

Daan kwam binnen met zijn boodschappen. Er stak een stokbrood uit de tas. Hij zette hem op de grond, weg van de natte tafel.

‘Hebben jullie regen gemaakt?’

‘Wind,’ zei Sami. ‘Minder opruimen.’

Noor haalde haar kaart tevoorschijn. In de middagzon zag de uitgegumde plek eruit als een oude blauwe plek. Ze had nu een bocht, een eiland en twee stukken water. Alleen stonden er veel lijntjes door elkaar.

‘Ik moet deze overtekenen,’ zei ze.

Ze keek naar de lege vellen naast de balie, maar pakte haar potlood in plaats van een nieuw vel. Morgen konden ze onderweg iets vinden dat er nog bij moest. Het blad mocht een werkkaart blijven.

Bente zette haar natte dakje op het plastic kleed. ‘Dat deed mijn boot toch niet zo snel als die kurk?’

‘Dat weten we niet,’ zei Noor. ‘We weten alleen dat hij naar links schoof toen ik keek.’

Ze wees op de kassabon. Daan bekeek het kleine pijltje en keek toen naar buiten.

‘Van de brug naar de molen,’ zei hij. ‘Dat zag jij eerder dan ik.’

Noor schreef vrijdag bij een kort lijntje op de kaart. Ze maakte de lijn niet langer dan de plek waar ze had gekeken.

Wim wees naar de smalle geul. ‘Als de wind hem die kant op heeft gekregen, kon hij hier beschutter verder drijven. Daar heb je minder last van het brede water.’

‘Dan moeten we daar zoeken,’ zei Bente.

Noor zette kleine stippeltjes van de brug naar het eiland en langs de geul. Ze stopte bij de oude steiger.

‘Waarom zijn dat stippen?’ vroeg Sami.

‘Omdat we hem daar niet hebben gezien.’

‘Zet dat erbij. Anders weet ik het morgen niet meer.’

Noor schreef: misschien deze weg. Bij de dikke oostelijke pijl zette ze water meestal. Dat de afvoer naar de sluis kon gaan, hoefde niet van de kaart af. Daarboven tekende ze een dunne pijl naar het westen, voor de wind. Er stonden nu twee verschillende pijlen op. Boven de windpijl schreef ze: gisteren en vandaag van oost naar west.

Ze hield het blad naast de plattegrond aan de wand. De molen stond links, de sluis rechts. Bente schoof een vinger over de geul tot de steiger. Daarna liet ze los.

‘Morgen om tien uur is het hek weg,’ zei ze.

Wim keek naar Farah. ‘Ik ben om negen uur hier om de oude foto's vast te zetten.’

‘Ik ook,’ zei Bente.

‘Kunnen wij dan alvast helpen?’ vroeg Sami.

Farah telde de losse kaartjes op de balie. ‘Graag. Om kwart voor tien kunnen jullie met Wim naar de steiger. Dan maak ik hier verder af wat nog niet klaar is.’

Daan knikte. Noor schreef de tijden achter op haar kaart. Negen uur bibliotheek, kwart voor tien weg, tien uur kijken. Niet vroeger, ook niet als ze heel snel wakker werd.

Sami pakte zijn telefoon om het thuis te vragen. Bente liep met Wim naar de blauwe plaat en overlegde over een foto die nog ontbrak. Noor liet hen praten. Ze pakte de doekjes van de tafel, wrong ze uit boven de gootsteen en bracht de lege bak terug naar Farah.

Toen ze terugkwam, lag de kartonnen kap nog te drogen. Bente schreef er met potlood een kleine B op.

‘Mag ik die bewaren?’ vroeg Noor.

‘Voor jezelf? Of voor morgen?’

‘Voor morgen. Als jij hem erbij wilt.’

Bente keek naar de lege plek op de rivier. ‘Eerst zoeken. Daarna zien we wel.’

Noor zette het kapje op een droog kaartje. Ze schoof de kassabon tussen twee schone vellen in een map. De werkkaart ging erbij. Geen boeken erbovenop deze keer. Voor ze de map sloot, keek ze nog één keer naar de tijden op de achterkant.

Hoofdstukken

Het licht in het riet

  1. 01Een lichtje zonder huis8 minuten
  2. 02De lege rivier8 minuten
  3. 03Eén pijl op de kaart8 minuten
  4. 04Naar de sluis8 minuten
  5. 05Wat Noor had gezegd8 minuten
  6. 06Verkeerde pijlen7 minuten
  7. 07Achter de rietrand8 minuten
  8. 08Twee linkerlaarzen8 minuten
  9. 09De bon onder de boeken7 minuten
  10. 10Een dak dat wind vangtJe leest nu7 minuten
  11. 11Nog niet gevonden8 minuten
  12. 12Onder de planken8 minuten
  13. 13De witte draad8 minuten
  14. 14Een boot en een kaart8 minuten
  15. 15Weer op zijn plaats8 minuten

Leesinstellingen

Kies wat voor jouw ogen prettig leest.

Tekstgrootte
100%

Leesgereedschap

Mijn leesnotities

Alleen in jouw browser. Ook opgenomen in je boekenplank-back-up. Maximaal 2000 tekens.

Mijn bladwijzers

Gebruik het bladwijzericoon naast een alinea om een stukje terug te vinden.

FABLIVA

Vind je volgende verhaal

Zoek op titel, onderwerp of genre.

FABLIVA

Een idee of iets dat beter kan?

Vertel wat beter kan. Zet geen persoonlijke gegevens in je bericht.

Je bericht gaat naar hello@fabliva.com. We gebruiken het alleen om je feedback te behandelen.

Liever via e-mail? hello@fabliva.com
FABLIVA

Je verhalen, een tik dichterbij.

Zet Fabliva op je beginscherm. Je kunt hier ook gewoon verder lezen.

Je offline boeken

Bewaarde boeken staan op dit apparaat. Je kunt per boek ruimte vrijmaken; je leesplek en notities blijven bewaard.

Boektaal: Nederlands

Verder in de nieuwe editie

Neem je leesplek en passende bladwijzers over. De eerdere editie, leesplek en notities blijven bewaard.

Wat betekent dit woord?

De korte verklaringen en vertalingen hieronder staan op je apparaat en werken ook offline.

Dit opent een externe website met alleen het gekozen woord. Er gaat geen zin of boektekst mee.

Laat dit hoofdstuk voorlezen

Kies een stem en luister eerst naar een korte proef. De beschikbare stemmen verschillen per apparaat.

Bij een online stem ontvangt de spraakdienst de tekst die je laat voorlezen. Lokale stemmen verwerken deze op je apparaat.