Woensdag gesloten
Hoofdstuk 9 van 240%

Selecteer een woord of zin in de leestekst en kies wat je ermee wilt doen.

Hoofdstuk 9 · 11 minuten lezen

De kolom ernaast

De foto was te breed voor het vak. Op het scherm verdween de rechterkant van de winkel, precies het stuk waarop je kon zien dat er naast de deur nog een raam zat. Mara schoof het beeld naar links. Nu was de deur weg.

‘Maak hem gewoon kleiner,’ zei Ada.

‘Dan krijg je witte randen.’

‘Mijn winkel heeft ook randen.’

Mara zoomde uit. Ze had deze foto gisteren thuis uitgezocht, tussen een was die klaar was en een telefoontje dat ze niet had opgenomen. Er stond geen auto voor de gevel, de zon viel niet in het glas en de geschilderde letters waren leesbaar. Pas in dit kleine, onhandige vak leek de winkel op een foto van een winkel die ging sluiten.

Ze draaide de laptop een stukje. ‘Bedoel je zo?’

Ada boog zich naar het scherm. ‘Ja. Dan weten ze tenminste waar ze moeten aanbellen.’

‘Je hebt een deurbel.’

‘Dat bedoel ik.’

De bel ging. Een vrouw vroeg of Ada nog wijzers had voor een keukenklok. Ze had alleen een foto op haar telefoon meegebracht. Ada legde uit welke maat ze niet uit die foto kon halen. De vrouw trok met twee vingers de wijzerplaat groter, alsof het onderdeel daardoor dichterbij kwam. Mara wachtte met haar hand op het aanraakvlak. Ze had om negen uur op kantoor gezegd dat ze tussen de middag even weg was. Het was nu twaalf minuten over twaalf.

In de vensterbank stond een lege beker waarin de melk een rand had achtergelaten. Mara pakte hem en liep naar het gootsteentje. Op de terugweg zag ze het schrift openliggen naast de telefoon. Haar moeder had de namen onder elkaar geschreven, sommige met een streep door het bedrag. Bij één naam stond alleen een vraagteken. Er zat een kassabon als bladwijzer tussen.

Mara schoof de beker opzij en las de bovenste regels zonder het schrift aan te raken. Donderdag. Bellen. Nog geen onderdeel. Onder die woorden stond een innamedatum van ruim voor de woensdag waarop zij de kast had meegenomen.

‘Die moet ik meenemen, zegt u?’ vroeg de vrouw aan de toonbank.

‘Als u wilt weten of ik hem heb, wel.’

‘Ik woon niet vlakbij.’

Ada wachtte even. Daarna schreef ze op de achterkant van haar visitekaartje twee maten die de vrouw thuis kon opmeten. Ze deed er bijna even lang over als over het hele gesprek daarvoor. De vrouw stopte het kaartje in haar telefoonhoes.

Toen de deur dichtging, zei Mara: ‘Dat kun je ook op je website zetten.’

‘Wat?’

‘Wat mensen mee moeten nemen. Voor onderdelen.’

Ada ging zitten. ‘We zouden die foto doen.’

‘Die is klaar. Jij hoeft alleen op opslaan te drukken.’

Haar moeder zette haar bril op en klikte. Mara liet haar de openbare pagina openen. Ada trok het venster groter en keek naar de foto. Buiten bewoog de tak van de straatboom voor het echte winkelraam. Op de foto was hij nog groen. Binnen was er weinig veranderd, behalve dat er nu geen kast meer op de klantenstoel stond.

‘Zie je. Hij staat erop.’

‘Dat zie ik.’ Ada wilde het scherm terugdraaien, maar Mara had al haar eigen planningsbestand geopend.

‘Ik zat nog aan iets te denken. Niet aan de boekhouding.’

Haar moeder keek eerst naar het schrift naast de telefoon.

‘Alleen hoe je werk binnenkomt,’ zei Mara.

Het bestand was een kopie van een overzicht dat ze op het bureau gebruikte. Ze had alle projectnamen verwijderd en de kolom met mensen veranderd in klanten. Achter elke regel stonden vakken voor binnen, nodig, gereed en afhalen. De koppen hadden zeegroene vlakken. Eén vak was lichtoranje, omdat zij het zonder datum had gelaten.

Ada trok de klantenstoel dichterbij. ‘Wat staat daar bij gereed?’

‘Dat vul je zelf in. Het is maar een voorbeeld.’

‘Er staat veertien oktober.’

‘Om te laten zien hoe het werkt.’

Mara maakte het vak leeg. Er bleef een rood hoekje staan dat aangaf dat de datum niet meer klopte met de regel erboven. Ze klikte ernaast. Het hoekje bleef.

‘Dit wil ik niet allemaal iedere keer krijgen,’ zei Ada.

‘Dat kun je uitzetten.’

‘Kun jij dat uitzetten.’

Mara keek haar aan. Achter haar moeder tikte een klok met een korte haast tussen twee slagen. Ze wist niet of dat zo hoorde. Ze wist zelfs niet of het de klok boven de deur was, of die zonder kast op het achterste plankje. In het bestand had een reparatie een begin en een eind. Je kon tussen die twee iets verdelen.

‘Je mag het ook op papier gebruiken.’ Ze wees naar de kolommen. ‘Dan zie je tenminste wat je al hebt beloofd.’

‘Dat wil ik graag zien. Maar ik ga het niet op twee plaatsen bijhouden.’

‘Je schrift is toch ook niet overal bij.’

‘Nee. Daarom ligt het hier.’

Ada sloeg een bladzijde om. Een klok had een nieuwe notitie, in inkt die donkerder was dan de naam. Op een andere regel stond een pijl naar de binnenkant van het omslag. Mara voelde de wens om er een liniaal onder te leggen. Haar moeder zou de regel daarna alsnog ergens anders voortzetten.

Ze schoof haar eigen papier uit de laptophoes. Op de bovenste helft had ze de vaste kosten van de winkel overgenomen van wat Ada haar eerder had verteld. Op de onderste helft stonden lege regels voor de reparaties van deze week. Ada moest zelf de uren invullen. Ze had het zo voorbereid dat niemand iets hoefde uit te rekenen.

‘Waar heb je dit voor nodig?’ vroeg haar moeder.

‘Jij zei dat je wilde weten wat de woensdag je kost.’

‘Ja.’

‘Dit is wat ertegenover staat.’

Mara hield een regel aan met haar nagel. Twee klokken, nog te beoordelen. Ze had ze gezien op de plank achter het gordijn, elk in een tas met de naam eraan. Eén had een eenvoudige ronde wijzerplaat, de ander een houten bovenkant die niet goed aansloot. Ze had ze als kleine opdrachten gerekend. Ze had er geen prijs bij verzonnen, alleen het bedrag ingevuld dat de laatste twee kleine reparaties ongeveer hadden opgebracht. Ada boog zich nu zo ver over het blad dat haar bril aan het koord naar voren gleed.

‘Waar komt dit vandaan?’

‘Die twee op de plank. Je zei vorige week dat je er nog niet aan toe was.’

‘Dat klopt.’

‘Als je ze achter elkaar kunt doen—’

‘Ik weet niet wat eraan moet gebeuren.’

Mara legde haar hand plat op de tafel. ‘Het gaat om een schatting.’

‘Dan moet ik toch iets weten om te schatten.’

Ze zei het zonder nadruk. Het was dezelfde stem waarmee ze de vrouw zojuist had uitgelegd waarom de foto niet genoeg was. Mara keek naar de twee bedragen. Ze had er een verwachte ontvangst van gemaakt omdat het anders zo leeg bleef onderaan het blad. Niet omdat haar moeder gezegd had dat de opdrachten werden uitgevoerd.

Ada zette een streep door de getallen. De pen bleef in haar hand.

‘Dit zijn klokken van andere mensen. Als er niets meer mee kan, krijgen ze ze weer mee.’

‘Ik weet heus dat het geen voorraad is.’

‘Waarom staat het dan hier?’

De telefoon rinkelde voordat Mara kon antwoorden. Ada nam op en noemde haar achternaam. Ze luisterde. Haar gezicht werd niet bozer; alleen haar vingers hielden de pen nu bij de dop vast.

‘Nee,’ zei ze. ‘Dat weet ik nog niet.’

Mara sloot het planningsbestand. Het scherm vroeg of ze de wijzigingen wilde bewaren.

‘Wie heeft u dat gezegd?’ vroeg Ada.

Ze keek naar haar dochter.

Het was een man die vorige week vrijdag was binnengekomen toen Ada een pakket achter in de winkel uitpakte. Mara had hem gezegd dat het misschien voor de volgende vrijdag kon. Hij had het nodig voor een etentje, had hij gezegd. Ze had haar moeder niet geroepen, omdat die met een mes in een grote doos stond en toch niets kon zien aan een klok in een dichtgeknoopte tas. ‘Misschien’ was het woord geweest dat de afspraak open moest houden.

Ada legde haar hand over de hoorn. ‘Heb jij tegen meneer gezegd dat hij vrijdag kan afhalen?’

‘Dat het misschien kon.’

Haar moeder hield de hoorn naar haar toe.

Mara kwam niet meteen overeind. Ze zag haar eigen naam op het witte scherm, achter het kleine venster over bewaren. Alsof er een tweede persoon aan tafel zat die nergens verantwoordelijk voor was.

‘Ik zal het zelf zeggen,’ zei ze.

Ada gaf de hoorn. Ze schoof haar stoel achteruit zodat Mara niet tegen haar knie hoefde te staan. Die kleine beweging maakte het lastiger.

‘U spreekt met Mara. We hebben elkaar vrijdag gezien.’

‘Ja. Ik bel dus voor de zekerheid.’

De man klonk niet kwaad. Dat had het gesprek korter kunnen maken. Mara hield de hoorn dichter tegen haar oor en draaide zich van de tafel af.

‘Ik heb toen een datum genoemd terwijl mijn moeder uw klok nog moest bekijken. Dat had ik niet moeten doen.’

‘U zei dat het wel moest kunnen.’

‘Dat dacht ik. Maar ik maak de reparatie niet.’

‘Dat was me duidelijk.’

In de stilte die volgde hoorde ze hem zijn adem uitblazen, niet diep genoeg voor een zucht. Er klonk een kastdeur aan zijn kant van de lijn. Hij zou misschien in zijn keuken staan. Voor hem was er geen maandagmiddag, geen afbeelding die op een website moest. Hij wilde weten of hij vrijdag een klok van de plank kon halen.

‘Mijn moeder moet eerst beoordelen wat er nodig is,’ zei Mara. ‘Ik kan u die vrijdag niet toezeggen.’

‘Ze heeft hem al langer.’

‘Dat weet ik.’

Ada schudde haar hoofd. Ze pakte een bon en schoof hem over tafel. Er stond de werkelijke innamedatum op. Mara had die niet geweten. Ze had het zojuist gezegd omdat ze de man niet opnieuw wilde laten uitleggen waarom hij belde.

‘Ik bedoel: ik zie nu wanneer u hem bracht. Ik had die bon er vrijdag niet bij.’

De man vroeg of hij de klok dan beter weer kon ophalen. Mara keek naar Ada. Haar moeder stak haar hand uit naar de hoorn, maar Mara hield hem nog even.

‘Dat kunt u met haar bespreken. Ik zal u teruggeven. De datum was mijn fout.’

Ada nam het gesprek over. Ze vroeg of ze donderdag na het bekijken mocht bellen, zonder daarmee een reparatie voor vrijdag te beloven. De man zei iets waardoor ze de bon onderstreepte. Daarna herhaalde ze de afspraak nog eens en hing op.

‘Hij wil alleen donderdag weten waar hij aan toe is,’ zei ze.

‘Dat hoorde ik.’

Mara had haar stem graag zachter gehad. Ze ging weer zitten. Haar boterham zat nog in de laptophoes, tussen een geprinte werktekening en haar reservepen. Ze had geen trek en tegelijkertijd wist ze dat ze straks een reep uit de automaat zou halen als ze nu niets at.

Ada keek naar haar papier. ‘Dat vak met nodig kan ik wel gebruiken.’

Mara draaide zich naar haar toe.

‘Op mijn eigen bon,’ zei haar moeder. ‘Wat nog ontbreekt. Niet alleen onderdeel onderweg, maar wie ik nog moet bellen.’

‘Ik kan het formulier—’

‘Ik schrijf het eronder.’

Ada trok met dezelfde pen een korte lijn onder de oude notitie. Daaronder schreef ze de afspraak met de man. Geen kleur, geen keuzelijst, geen rood hoekje. Mara zag hoe weinig ruimte ze overliet voor een langer antwoord. Ze zei niets.

Haar telefoon trilde. Lotte vroeg of de beelden voor de eerste locatie werkelijk de versie uit de gedeelde map waren. Mara las de vraag twee keer. Ze wilde een snel ja sturen. Het waren de beelden uit die map geweest toen ze ze gisteren had klaargezet; dat was niet noodzakelijk hetzelfde.

Ik kijk zodra ik terug ben, schreef ze. Voor twee uur.

Ada stond op om een klant binnen te laten die aan het raam had gekeken. Mara borg haar papier op. Het vel vouwde niet meer netjes doordat ze de rechterhoek onder de laptop had geklemd. Ze streek het glad tegen haar dij, deed de hoes dicht en wachtte tot haar moeder naar haar keek.

‘Ik neem dat overzicht mee. Je hoeft er niets in bij te houden.’

Ada knikte. De klant zette een plastic zak op de toonbank, haalde er een klein doosje uit en legde de zak eronder om het hout te beschermen.

Mara bleef nog even bij de deur. ‘Donderdag bellen,’ zei ze.

Haar moeder keek op.

‘Dat staat er al.’

Buiten was de stoep voor de winkel smaller door twee fietsen die tegen elkaar stonden. Mara moest ertussen door met haar tas voor haar buik. Aan de overkant nam iemand een foto van een jas in een etalage. Ze opende op haar telefoon de website. De afbeelding was op dit scherm wel goed: de deur in het midden, een rand gevel aan beide kanten. Onder de foto stonden de uren die Ada zelf had opgeslagen.

Ze controleerde niets anders. Bij de hoek at ze haar boterham, met de telefoon nog in haar vrije hand.

Hoofdstukken

Woensdag gesloten

  1. 01De klantenstoel11 minuten
  2. 02De korte pen10 minuten
  3. 03Donderdag komen ze niet allemaal10 minuten
  4. 04De lege middag12 minuten
  5. 05De tweede proef12 minuten
  6. 06Een nette buitenkant12 minuten
  7. 07Achter het bord13 minuten
  8. 08De zaterdagafspraak12 minuten
  9. 09De kolom ernaastJe leest nu11 minuten
  10. 10Invoegen11 minuten
  11. 11Het onderdeel dat wel paste12 minuten
  12. 12Niet alle klokken11 minuten
  13. 13Vier panelen over12 minuten
  14. 14Het hele schrift13 minuten
  15. 15De prijs van teruggeven11 minuten
  16. 16Een andere handtekening11 minuten
  17. 17Geen les11 minuten
  18. 18Een klok minder10 minuten
  19. 19De laatste data11 minuten
  20. 20Wat januari kost10 minuten
  21. 21De laatste muur10 minuten
  22. 22Niet nog een ronde13 minuten
  23. 23Nieuwe letters14 minuten
  24. 24De ruimte voor de bocht14 minuten

Leesinstellingen

Kies wat voor jouw ogen prettig leest.

Tekstgrootte
100%

Leesgereedschap

Mijn leesnotities

Alleen in jouw browser. Ook opgenomen in je boekenplank-back-up. Maximaal 2000 tekens.

Mijn bladwijzers

Gebruik het bladwijzericoon naast een alinea om een stukje terug te vinden.

FABLIVA

Vind je volgende verhaal

Zoek op titel, onderwerp of genre.

FABLIVA

Een idee of iets dat beter kan?

Help ons Fabliva mooier te maken. Een account is niet nodig.

Je bericht gaat per e-mail naar hello@fabliva.com. We gebruiken het alleen om je feedback te behandelen. Vul je een e-mailadres in, dan kunnen we reageren.

Liever via e-mail? hello@fabliva.com
FABLIVA

Je verhalen, een tik dichterbij.

Zet Fabliva op je beginscherm. Je kunt hier ook gewoon verder lezen.

Je offline boeken

Bewaarde boeken staan op dit apparaat. Je kunt per boek ruimte vrijmaken; je leesplek en notities blijven bewaard.

Boektaal: Nederlands

Verder in de nieuwe editie

Neem je leesplek en passende bladwijzers over. De eerdere editie, leesplek en notities blijven bewaard.

Wat betekent dit woord?

De korte verklaringen en vertalingen hieronder staan op je apparaat en werken ook offline.

Dit opent een externe website met alleen het gekozen woord. Er gaat geen zin of boektekst mee.

Laat dit hoofdstuk voorlezen

Kies een stem en luister eerst naar een korte proef. De beschikbare stemmen verschillen per apparaat.

Bij een online stem ontvangt de spraakdienst de tekst die je laat voorlezen. Lokale stemmen verwerken deze op je apparaat.