Hoofdstuk 18 · 9 minuten lezen
Tussen de losse beelden
Anouk legde de kleine presentatiemap op tafel zonder hem open te maken. Bente keek naar de platte omslag en vroeg of dat nu de map van de bezorger was. Anouk knikte. Ze had hem twee avonden na het eerste bekijken weer dichtgedaan en tussen haar werk gezet. Nu viel het Vera op hoe weinig ruimte hij innam naast de twee dozen op de lage kast.
‘De paar kopieën die we vandaag nodig hebben zitten vooraan,’ zei Anouk.
Het waren de kleine proefkopieën die zij die dinsdag in het café had afgehaald. Niet de oude gemonteerde afdrukken. Vera zag dezelfde deur, dezelfde handkar, in een kleiner formaat en met een dunne witte rand. Er zat geen grote titel op. Anouk kon ermee schuiven zonder dat ieder beeld meteen een tentoonstellingsstuk leek.
Bente had de werkdoos al op tafel gezet. Er lag een leeg vel voor de aantekeningen naast de bevestiging dat het materiaal voorlopig bleef waar het was. Ze vroeg Anouk waar ze wilde beginnen.
‘Niet bij de ontbrekende stroken,’ zei Anouk. ‘Eerst die wachtzaal.’
Vera keek op. Ze had zelf juist willen vragen of de administratie al gevonden was. Bente legde de hoezen van de aanwezige werkreeks klaar en haalde de betreffende contactvellen erbij. Anouk pakte de kleine kopieën van de deur en de handkar. Ze legde ze in de volgorde waarin ze in haar map hadden gezeten.
Op de eerste stond de handkar schuin tegen de muur. De deur was halfopen. Op de tweede stond de kar dichter bij het midden van de ruimte en was achter de deuropening een plank zichtbaar. Vera kende beide beelden inmiddels. Ze had naar hun achterkanten gekeken, naar nummers, naar een ontbrekende notitie. Nu moest ze moeite doen om de voorkant weer als een ruimte te zien waarin iemand werkelijk iets had verplaatst.
Bente schoof het contactvel van dezelfde strook naast de kopieën. Zes beeldjes. Anouk gebruikte een loep boven het vel, zonder hem over het oppervlak te slepen. Ze liet Vera de plek zien door haar eigen blik weg te nemen en de loep aan de zijkant neer te leggen.
Vera zag de plank op een eerder beeld dan zij verwachtte. Hij lag eerst langs de wand, verscheen vervolgens rechtop naast de deur en verdween niet uit de ruimte toen de handkar opschoof. Op een van de niet geselecteerde opnamen hield iemand de deur vast. De persoon stond half buiten beeld. Geen gezicht waaraan zij een nieuwe vraag kon vastknopen. Wel een hand op de deur en een voet die ruimte maakte.
‘Die kar reed niet naar buiten,’ zei ze.
‘Niet op deze opnamen,’ zei Anouk.
Ze wees naar het volgende vel. De kar kwam weer in beeld, verder langs de muur, met materiaal erop. Een deel van de vloer was vrijgekomen. Anouk legde twee kleine kopieën dichter bij elkaar en draaide één terug omdat hij verkeerd om lag. De ruimte veranderde zonder dat iemand er iets uit liet verdwijnen.
‘In de tekst staat dat de wachtzaal wordt leeggehaald,’ zei Vera.
‘Voor de vloer,’ zei Anouk. ‘Niet voorgoed.’
Ze haalde de gekozen publicatietekst uit haar map. Geen nieuwe vondst, gewoon de beschrijving die met de werkbeelden was meegegaan. Er stond een zin die kon klinken alsof dit het einde van het gebruik was geweest. Het beeld van de lege ruimte deed de rest. Anouk las de zin hardop en keek naar de serie.
‘Ik heb dat zelf te lang laten staan.’
Bente trok de stoel naast haar iets naar achteren zodat zij beiden konden kijken. ‘Zo'n losse foto verkoopt anders ook een groter moment dan er geweest hoeft te zijn.’
Anouk keek op. Bente hield haar blik even vast en vroeg toen of ze het volgende vel wilde. Er zat geen uitweg in haar opmerking. Zij had de losse partij gekocht en er een deel uit verkocht. Toch zag Vera hoe zij het materiaal kon bekijken zonder meteen naar een prijs te kijken.
Anouk schreef een nieuwe beschrijving op het lege papier. Werkzaamheden aan de vloer, materiaal tijdelijk verplaatst, dezelfde ruimte daarna verder in gebruik. Ze streepte dat laatste deel weer door. Het beeld liet dat laatste niet zien; Tine kon de latere situatie kennen, maar die hoefde niet in deze ene beschrijving geperst te worden. Bente vroeg of de reeks dan in dezelfde volgorde moest blijven. Anouk zei dat zij hem zo wilde bewaren, met de verwijzingen erbij.
Ze hadden ruim een halfuur naar een paar vellen gekeken. Vera voelde dat haar aanvankelijke ongeduld was verdwenen. Ze wilde weten hoe het volgende beeld aansloot, niet hoe snel ze bij de naam van de volgende koper kwamen. Tegelijkertijd dacht ze aan de zeven oude montages die nergens op tafel lagen. De kleine kopieën maakten ze niet minder afwezig. Ze waren werkmiddelen, niet hun vervangers.
Bij het vel met de handkar hield Anouk haar pen boven een detail. Achter op de oude montage had zij een korte notitie geschreven over die kar. Die notitie ontbrak bij de stichting. Op het contactvel kon zij de opname nu weer aan de andere beelden vastmaken.
‘Daarom schreef ik er toen zoveel achterop,’ zei ze. ‘Ik wist dat iemand anders ze later uit de doos zou halen.’
Vera dacht aan de grote nummers die waren overgeschreven. Die vertelden nog waar iets in een rij paste. Het kleinere handschrift vertelde waarom het daar ooit was neergelegd. Ze keek naar haar eigen lijst van dinsdag en zag dat zij bij veertien alleen de woorden had genoteerd die ontbraken, zonder de handkar die zij nu voor zich zag.
Bente bood koffie aan toen ze de werktafel weer vrijmaakten. Anouk zei dat ze water wilde. Ze gingen naar de toonbank en dronken staande, weg van de vellen. Door de voordeur kwamen mensen langs die naar het licht binnen keken. Bente liet de deur op slot. Ze had de ochtend voor deze afspraak vrijgehouden, zei ze, maar om twaalf uur moest er iemand binnen die een kleine boekenpartij kwam brengen.
‘Hebt u die verkoopadministratie gevonden?’ vroeg Anouk.
‘Ik heb de regel en de bevestiging. Ik heb de koper nog niet verteld dat ik zijn gegevens aan u zou willen geven. Ik wil niet dat hij het verhaal via iemand anders hoort.’
Anouk keek naar haar glas. ‘Ik wil ook weten of er alleen dat ene stuk uit is.’
‘Dat kunnen we nu tellen.’
Terug aan tafel maakten ze ruimte voor de aanwezige nummers. Bente zette de hoezen rechtop in een steun en las ze voor. Anouk keek mee, Vera schreef ze in volgorde. De eerste zestien waren er. Daarna drieëntwintig en vierentwintig. Bij elk nummer lag een bijbehorend contactvel. Er waren achttien stroken en achttien vellen. Anouk legde haar oorspronkelijke lijst ernaast: vierentwintig van elk.
Vera trok onder zestien een korte lijn en schreef de ontbrekende reeks uit. Zeventien, achttien, negentien, twintig, eenentwintig, tweeëntwintig. Zes. Ze telde niet de kleine beeldjes als losse stroken. De zes beelden op iedere strook bleven samen in hun hoes. Bente las haar opsomming terug en knikte.
‘Dat is het verkochte deel uit deze doos,’ zei ze. ‘Ik ga hem zelf benaderen. Ik heb daarmee gewacht omdat ik hoopte dat ik eerst met Dorus iets kon oplossen. Maar dat gaat niet voordat uw eigen stukken bij elkaar zijn.’
Anouk wilde weten of de koper intussen al gevraagd was niets verder te verkopen. Bente zei dat zij die vraag zelf zou stellen, zonder te beloven dat zij namens Anouk al iets had teruggekocht of geregeld. De inhoud van het verzoek wilde Anouk wel zien. Samen formuleerden ze een kort bericht: er waren eigendomsvragen gerezen over de aankoop, het ging om de genoemde groep, wilde de koper voorlopig niets ermee overdragen totdat er rechtstreeks gesproken kon worden?
Bente stuurde het zelf. Zij toonde Anouk de tekst zonder haar andere klantgesprekken open te laten. Vera stond een eindje van het scherm. Ze hoorde het zachte verzendgeluid en dacht hoe weinig geluid zo'n verzoek maakte na alle onrust die eraan vooraf was gegaan.
Ze gingen verder met de telling van de overige werkstroken, controleerden de vellen terug in hun volgorde en legden alles weer in de doos. Uit de huiselijke doos werd niets tevoorschijn gehaald. Die was maandag gecontroleerd; Anouk had geen behoefte nog een keer een verjaardagstafel op tafel te leggen om hetzelfde te bewijzen.
Vera pakte de kleine proefkopieën op, zag dat één omgekeerd lag en draaide hem terug. Anouk nam ze van haar over en ordende ze zelf. Ze stopte de gecorrigeerde beschrijving voorin haar map, los van de foto's. De originelen bleven bij Bente. Vera had één beeld het liefst nog naast de intakefoto van het oude karton gelegd, maar zij kon de vergelijking ook later doen met de beschikbare werkbestanden.
Bente zette haar hand op het deksel van de werkdoos. ‘Als ik toen had geweten dat het bewaren was geweest, had ik hem niet gekocht.’
Anouk schoof de band om de presentatiemap. ‘Ik geloof dat u dat nu zegt.’
‘Ik zei toen ook dat ik geen gedoe wilde met erfgenamen of opdrachten. Hij zei dat het van hem was.’
‘Dan moet hij dat uitleggen.’
Het klonk niet als een dreigement. Vera zag dat Bente iets had willen zeggen over vertrouwen en het inslikte. Zij had haar eigen versie van dat woord al gebruikt toen zij kocht. Anouk hoefde niet ter plaatse te beslissen hoeveel die versie waard was.
Bij de voordeur kwam een man met twee draagtassen boeken aan. Hij hield ze hoog genoeg om door het glas te laten zien dat hij de afspraak niet vergeten was. Bente wees op de klok, nog vijf minuten. De man zette de tassen neer en begon op straat een sigaret te rollen.
Vera trok haar jas aan. Anouk vroeg nog één keer of de twee dozen tot maandag bleven staan. Bente bevestigde het. Zij zouden niet alvast naar een andere opslag gaan omdat de boekenpartij ruimte innam. Ze sprak het uit terwijl haar volgende afspraak door de ruit zichtbaar stond te wachten.
Buiten rook het naar tabak en nat karton. Anouk hield haar map tegen haar borst zodat zij haar tas open kon krijgen. Vera bood aan hem even vast te houden. Anouk gaf hem aan, deed de rits open en nam hem terug.
‘Die beschrijving is beter,’ zei ze.
Vera knikte. ‘De vloer. Niet het einde van het station.’
‘Precies.’
Ze liepen naar hun fietsen. Het verhaal bij de foto was kleiner geworden en het beeld zelf duidelijker. Vera kon nu bijna zien hoe iemand buiten de uitsnede een plank aanpakte. Ze had die persoon niet nodig om een doos op te sporen. Anouk misschien wel om haar eigen werk weer te kunnen bekijken zonder alleen aan verkopen te denken.
Voor het terugfietsen belde Anouk een klant om een andere afspraak te verzetten. Vera checkte de tijd: kwart over twaalf. Zij kon eerst iets eten en daarna de pauze van Yasmin overnemen. In haar agenda schreef ze bij maandag: verkoopregel, bevestiging, rechtstreeks gesprek. Ze liet de regel daaronder leeg. Bente had nog niets over een teruggave toegezegd en de onbekende koper had hun verzoek nog niet beantwoord.