Woensdag gesloten
Hoofdstuk 14 van 240%

Selecteer een woord of zin in de leestekst en kies wat je ermee wilt doen.

Hoofdstuk 14 · 13 minuten lezen

Het hele schrift

Op de bovenste plank lag een handschoen. Ada wist van wie de klok was die ernaast stond, maar niet van wie de handschoen was. Hij was blauw, van dun leer, met een scheurtje bij de duim. Ze legde hem op de toonbank zodat de eigenaar hem zou zien als die binnenkwam. Daarna pakte ze het keukentrapje opnieuw.

Ze had gedacht voor opening de achterste kast te kunnen doen. Om negen uur had ze nog maar drie dingen naar voren gehaald: de handschoen, een lege verpakking en een klok met de bon naar de muur. Ze wist dat die laatste er stond. Dat was niet hetzelfde als een plaats hebben waar je hem terug kon vinden.

De boekhouder had gisteren een bericht gestuurd. Of zij voor hun volgende afspraak haar openstaande werk kon uitschrijven, niet alleen de bedragen. Ada had ja geantwoord. Vandaag had ze het bericht afgedrukt, niet omdat ze de vraag anders vergat maar omdat het vel leeg was aan de achterkant.

Ze zette een smalle klok op de vrijgemaakte klantenstoel en begon de naam te zoeken. De klantenstoel was sinds september meestal leeg. Af en toe had iemand er een tas op gezet. Mara's kast was naar de kringloop en kwam niet terug. In die lege stoel kon ze nu precies zien hoeveel een enkele klok in de winkel in beslag nam.

In het schrift stond de eigenaar op een bladzijde die uit de band was gescheurd. De rest van die bladzijde zat nog vast, met een aantekening over glas. Ada legde de losse helft op de tafel en zocht de doorslag van de werkbon. De datum stond wel op die bon. Niet de beloofde datum, de dag waarop hij binnengebracht was. Bij klaar stond niets.

Ze belde het nummer. Een vrouw nam op en zei eerst dat ze geen klok had.

Ada noemde de naam op de bon.

‘O. Die van mijn man. Moment.’

Er klonk gestommel, een hand over de telefoon, een stem op grotere afstand die vroeg waarom hij naar beneden moest komen. Ada hield de hoorn vast en keek naar de klok in de stoel. In het hout zat een rij stipjes die ze niet eerder had opgemerkt. Van dichtbij waren het gaatjes van een oud naamplaatje.

De man kwam aan de lijn. Hij dacht dat zij zou bellen als het kon. Ze hadden toch geen haast afgesproken? Nee, zei Ada. Maar nu wilde zij wel afspreken wanneer hij iets van haar hoorde. Ze kon de klok beoordelen en op een reparatie terugkomen, of hij kon hem ophalen.

‘Mag hij niet meer blijven?’ vroeg hij.

‘Ik wil weten wat we met elkaar afspreken.’

Hij wilde hem graag werkend terug. Niet zolang zijn vrouw nog aan de keuken bezig was, zei hij daarna. Ze kwamen uit op een dag in november. Ada schreef hem op. Op de bon kwam dezelfde afspraak, met het telefoontje erbij. De klok ging terug op de plank, nu met de naam naar voren.

Ze maakte geen nieuw computersysteem. Op het grote vel kwamen drie vakken voor wat er op de oude bonnen stond. Een concrete datum. Na bericht. Nog bekijken. Daarnaast hield ze een strook vrij voor wat ze nu opnieuw afsprak. Bij de eerste naam schreef ze daar de datum van het telefoongesprek en de nieuwe afspraak. Ze moest beslissen welk vak bij iedere klok hoorde; niet het vak dat het aardigst leek bij wat ze ermee wilde doen.

Saskia's mantelklok kwam in het eerste vak. Het slagwerk had ze apart gecontroleerd, de kast had de krassen gehouden waar Saskia geen houtwerk aan wilde laten doen. Het werk was nog niet klaar voor teruggave, maar de afspraak stond er. De grote ronde klok van de Zoom kwam eronder. Paul Hovings messing tafelklok, met de onderdelen bij elkaar in de gemerkte doos, kreeg de derde regel. Bij de nieuwe offerte stond nog geen akkoord. Zijn terugbelmoment was geen opdracht voor de bewerking.

Er gingen twee mensen langs de winkel die allebei naar binnen keken. Een van hen wees op een klok achter het raam. Ada legde de pen neer en stond alvast op. Ze liepen verder.

Op de plank boven de doos van Paul stond een modern keukenklokje met een gebarsten rand. Het was geen uurwerk dat met een andere slinger weer tot leven kon worden gebracht; achterop zat een batterijvak. De eigenaar had van alles mogelijk gevonden zolang het niet duur werd. Ada had gezegd dat zij ernaar zou kijken en hem zou bellen. Hij was daarna één keer gekomen op een dag dat zij het uurwerk nog niet had beoordeeld. Sindsdien stond hij achter een lijst met groter glas.

Ze belde. Ditmaal kreeg ze meteen de goede persoon. Hij zei dat hij intussen een andere klok had gekocht. Ada keek naar de barst in de rand en hoorde zichzelf bijna voorstellen dit exemplaar toch nog als reserve te maken.

‘Dan komt u deze ongerepareerd halen,’ zei ze. ‘Met de onderdelen die erbij zaten.’

‘Volgende maand ben ik een week weg.’

Ze namen samen de dagen door. De donderdag waarop Saskia verwacht werd, kon hij ook. Dat stond nu op het papier, niet meer alleen in de pauze tussen twee andere afspraken.

Een echtpaar kwam binnen met een zakje schroefjes. De vrouw had één schroefje tussen duim en wijsvinger en wilde weten of Ada dezelfde in een iets grotere maat had. Ada zocht in haar bakjes. Ze kon het niet vinden. De man zei dat zij bij de ijzerwinkel waren geweest, waar ze naar Ada waren gestuurd. Ze legde uit wat zij wel in voorraad hield en schreef de maat op die ze hadden meegebracht. Daarna keek ze op haar eigen blad. Ze had negen klokken gezien; er waren vijfentwintig minuten voorbijgegaan sinds de vorige.

Ze maakte koffie en dronk hem bij de open kast, staand, met het kopje op de vensterbank zodat er niets op een uurwerk kon vallen. Van de twee klokken die Mara in haar voorbeeld had opgeteld, waren de eigenaren inmiddels gesproken en de eerste beoordelingen gedaan. Bij allebei was er nog geen vaste afhaaldag. De man met zijn etentje had een andere mogelijkheid gevonden voor die avond. Hij had niet opnieuw gevraagd of de klok er misschien toch kon staan. Ada zette beide in het middelste vak.

Naast de ene bon zat een kleine notitie van Mara's telefoongesprek. Ada had die zelf overgenomen. Het was haar dochter geweest die een verwachting had gewekt. Het zou ook haar dochter zijn geweest die het vak in het schema nu een kleur had willen geven. Ada maakte een streepje, maar alleen omdat haar pen op een letter geen inkt had afgegeven.

Bij de onderste plank moest ze op haar knieën. Achter de hoge verpakkingen stonden twee uurwerken zonder kast, elk op een eigen werkhouder, met de kasten op de plank ernaast. Ze telde ze als twee klokken. Geen vier voorwerpen. De kaartjes maakten duidelijk welk stel bij elkaar hoorde. Ze controleerde de nummers voordat ze opstond. Haar linkerknie wilde niet meteen mee. Ze hield de rand van de werkbank vast en bleef even staan totdat de stijfheid wegtrok.

Ze had honger. Het was vijf voor één en de koffie was koud. Ze wilde eerst het achterste hoekje doen. Daarna het schuifje boven de werkbank. Daarna zag ze een doos waarvoor ze de bon nog niet had.

Ada trok haar jas aan.

Op de deur kwam een briefje dat ze een kwartier weg was. Ze liep naar de bakker en kocht soep in een beker met een deksel dat niet wilde sluiten. De jongen achter de toonbank drukte het op drie plaatsen aan en liet haar zien dat je bij de naad moest beginnen. Ze bedankte hem, hoewel ze het zelf ook wel had kunnen uitvinden. Buiten hield ze de beker met twee handen. De warmte ging door de papieren wand.

Terug in de winkel at ze op de klantenstoel. De klok die erop had gestaan, stond veilig terug.

De eerste persoon van de middag wilde een klok afgeven om te laten kijken. Hij had hem nog in de auto. Ada zei dat ze nu eerst haar aangenomen werk ordende. Ze kon geen grote reparatie aannemen voor eind november. De man vroeg of zij op vakantie ging. Ze legde uit dat de winkel op de gewone dagen openbleef voor afhalen en de afspraken die er al waren.

‘Dan kom ik later wel terug,’ zei hij.

‘Bel eerst. Laat hem niet voor de deur achter.’

Hij lachte. Ada lachte niet mee, maar herhaalde haar telefoonnummer ook niet. Het stond op het kaartje dat hij zelf uit het bakje pakte.

Aan het einde van donderdag had ze alles op de drie open planken gezien, maar niet de kast naast de achterdeur. Er stonden achttien op het vel. Ze schoof het papier onder een harde map zodat het niet met de bonnen mee naar binnen gevouwen werd en schreef bovenaan waar ze gestopt was. Ze kon doen alsof de rest bij nader inzien nauwelijks werk was. Ze kon ook vrijdag de kast openen.

Vrijdag deed ze hem open.

Tussen de negen klokken stonden twee lege dozen. De lege dozen gingen meteen apart. Een grote envelop met oude garanties hoorde bij geen enkele huidige klant; Ada legde hem in haar eigen administratie. Er lag een naamkaartje zonder klok. De bijbehorende klok was al opgehaald, de betaling stond erbij. Ze streepte het kaartje door en telde niet nog eens.

Om half elf lagen zevenentwintig namen voor haar. Op de oude bonnen hadden twaalf een concrete datum. Bij acht was het wachten op een bericht van haar of op een antwoord van de klant gebleven. Zeven had ze nog niet behoorlijk bekeken. Op de strook rechts stonden de eerste nieuwe afspraken. Ze ging langs het hele vel terug naar de planken en wees iedere plek aan. De namen die op twee papieren stonden, waren geen twee klokken. Ze hield op toen ieder voorwerp een regel had en iedere regel een voorwerp.

Daarna begon het deel dat ze gisteren had willen overslaan.

De eerste onbeoordeelde klok zag er aan de voorkant beter uit dan aan de achterkant. De eigenaar had gevraagd om een lage prijs, maar er was meer nodig dan de kleine handeling waarvoor hij hem had gebracht. Ada kon hem nog geen betaalde reparatie aanbieden die zij zelf verantwoord vond. Ze belde en kreeg te horen dat ze hem dan beter eerder had kunnen bekijken.

‘Ja,’ zei ze.

‘Dan had ik hem in die tijd ergens anders kunnen brengen.’

‘Dat had u kunnen doen.’

Ze schrapte de verontschuldiging die ze op haar kladblaadje wilde schrijven. Ze had haar excuses al gezegd, aan de telefoon, en het veranderde zijn zaterdag niet. Ze spraken af dat hij volgende week kon ophalen. Hij wilde weten of alles erin zat. Ada controleerde het met hem aan de lijn en schreef de teruggaveafspraak op.

Twee andere klanten uit dezelfde groep koos ze daarna niet omdat ze makkelijk zouden zijn. Ze had de klokken inmiddels beoordeeld en kon geen werk aannemen dat aansloot bij wat de eigenaren wilden betalen of behouden. Eén vrouw zei dat ze dat al had verwacht. De andere vrouw vond dat Ada het dan niet zo lang had hoeven bewaren. Beiden zouden de week erop komen. Ze schreef de gesprekken afzonderlijk op, niet drie namen onder het woord gebeld.

Een vierde klok kreeg wel een offerte, met een plek in de werkvolgorde en tijd om de gang daarna te volgen. Ada las de tekst hardop voor ze hem stuurde. Ze had er niet bij gezet dat het best sneller kon als het rustig bleef. Toen ze de mail verzond, was er nog geen akkoord. De doos bleef op de plank met de bon erboven.

Voor de vijfde was overleg met Jeroen een mogelijkheid, maar alleen als de klant dat zelf wilde. Ze noteerde wanneer ze dat kon vragen. Bij de zesde was een eenvoudige, begrensde reparatie nodig die in november paste. Bij de zevende moest ze na een eerste nadere beoordeling nog iets kunnen controleren voordat ze ja of nee zei. Ze schreef het op. Het waren allemaal verschillende redenen om een klok nog niet klaar te hebben, en zij had ze tot gisteren met hetzelfde zinnetje afgedekt.

De winkelbel ging. De eigenaar van een van de kleine gedateerde opdrachten kwam vragen of de zaterdag van volgende week nog gold. Ada keek nu niet alleen naar zijn bon maar ook naar de plaats van de klok op haar blad. Het werk eraan was gedaan; de eindcontrole liep. Ze bevestigde de afspraak. De man pakte zijn agenda en schreef niets. Kennelijk had hij de dag al staan.

‘Dan zie ik u,’ zei hij.

Na zijn vertrek legde ze de vijf kleine opdrachten die de komende twee weken echt terug konden bij elkaar in de werkvolgorde. Twee op die eerste zaterdag, drie in de week erna. De vier latere gedateerde klokken bleven op hun eigen novemberdagen. De sportklok kreeg niet de leeggekomen ruimte van Paul voordat Paul beslist had; dat was een plek, geen onverwacht ontstane betaalde tijd.

Voor haar pauze keek ze opnieuw naar het geld. Naast de klantnamen stonden bedragen die zij nog moest ontvangen en bedragen die al apart waren gezet. Dat was geen lijst van wat zij deze maand kon uitgeven. Pauls negentig euro bleef klantgeld. Jeroens honderdtachtig voor het uitgevoerde onderzoek kwam in haar eigen uitgavenlijst, met betaaldatum zodra de factuur er was. Hij had geleverd waarvoor zij hem had gevraagd. Zij had nog niets aan Paul geleverd dat hem een rekening gaf.

Er kwam een bericht op haar mobiel van Leonie. Volgende week kon ze niet spelen; er waren wel anderen. Ada tikte dat ze dan nog niet wist of ze ging. Daarna veranderde ze het in dat ze zou gaan en wel zag met wie. Ze had geen zin om woensdagmiddag thuis naar de voorraadlijst te zitten kijken. Het kon ook een minder leuke middag worden. Dat was iets anders.

Toen het vel eenmaal klopte, maakte ze een foto voor de boekhouder. Ze stuurde hem niet aan Mara. Haar dochter zou bij het eerste vak willen weten of ze niet eerder kon bellen. Misschien zou die vraag terecht zijn. Ada wilde eerst zelf de acht afspraken afmaken die nu onder na bericht stonden.

Ze sprak één vrouw nog die middag. Die wilde eerst weten of de kast weer dezelfde kleur werd. Ada legde uit dat het om het uurwerk ging. De vrouw vroeg of zij maandag terug mocht bellen na overleg thuis. Ze kwamen een belmoment overeen. Een tweede klant was alleen 's avonds bereikbaar. Ada schreef één telefoongesprek voor die maandag aan het einde van de middag op, met zijn werknummer erbij. Geen hele avond voor iedereen.

Voor ze om zes uur afsloot, maakte ze een nieuwe mededeling voor het raam. Tot eind november geen nieuwe grote reparaties. Bestaande afspraken blijven staan. Voor onderdelen en afhalen de gewone openingstijden. Ze hing hem naast het bord, recht genoeg om gelezen te worden. Het was geen mooie websiteafbeelding. Voor nu moest dit zichtbaar zijn.

Op weg naar huis belde ze Mara. Ze vroeg of het uitkwam. Haar dochter zei dat ze nog in de bus zat, maar wel kon praten. Ada vertelde dat ze de klokken had geteld en voorlopig geen nieuwe grote opdrachten aannam.

‘Hoeveel zijn het?’ vroeg Mara.

‘Zevenentwintig.’

Aan de andere kant bleef het stil. Ada liep langs de groenteboer die net een krat pompoenen binnenzette.

‘Allemaal met een afspraak?’

‘Dat wordt het nu. Ik heb ze in drie groepen. Wat nog niet duidelijk is, bel ik na.’

‘Wil je dat ik ergens naar kijk?’

‘Nee. Ik wilde het je vertellen.’

Mara zei dat ze even moest opstaan om iemand langs te laten. Ada hoorde een rits en het piepen van de busdeur. Daarna vroeg haar dochter hoe de rijles was geweest. Ada vertelde over een fietser die geen richting had aangegeven en over Kamals koffie die in een bocht bijna uit zijn houder kwam. Dat laatste was niet door haar gekomen. Ze zei het er toch bij.

Thuis legde ze haar tas naast de stoel. De foto van de voorraadlijst stond nog op haar telefoon. Ze sloot hem en zocht het bericht met de speeltijd. Twee uur. Dat had ze nu in elk geval wel onthouden.

Hoofdstukken

Woensdag gesloten

  1. 01De klantenstoel11 minuten
  2. 02De korte pen10 minuten
  3. 03Donderdag komen ze niet allemaal10 minuten
  4. 04De lege middag12 minuten
  5. 05De tweede proef12 minuten
  6. 06Een nette buitenkant12 minuten
  7. 07Achter het bord13 minuten
  8. 08De zaterdagafspraak12 minuten
  9. 09De kolom ernaast11 minuten
  10. 10Invoegen11 minuten
  11. 11Het onderdeel dat wel paste12 minuten
  12. 12Niet alle klokken11 minuten
  13. 13Vier panelen over12 minuten
  14. 14Het hele schriftJe leest nu13 minuten
  15. 15De prijs van teruggeven11 minuten
  16. 16Een andere handtekening11 minuten
  17. 17Geen les11 minuten
  18. 18Een klok minder10 minuten
  19. 19De laatste data11 minuten
  20. 20Wat januari kost10 minuten
  21. 21De laatste muur10 minuten
  22. 22Niet nog een ronde13 minuten
  23. 23Nieuwe letters14 minuten
  24. 24De ruimte voor de bocht14 minuten

Leesinstellingen

Kies wat voor jouw ogen prettig leest.

Tekstgrootte
100%

Leesgereedschap

Mijn leesnotities

Alleen in jouw browser. Ook opgenomen in je boekenplank-back-up. Maximaal 2000 tekens.

Mijn bladwijzers

Gebruik het bladwijzericoon naast een alinea om een stukje terug te vinden.

FABLIVA

Vind je volgende verhaal

Zoek op titel, onderwerp of genre.

FABLIVA

Een idee of iets dat beter kan?

Help ons Fabliva mooier te maken. Een account is niet nodig.

Je bericht gaat per e-mail naar hello@fabliva.com. We gebruiken het alleen om je feedback te behandelen. Vul je een e-mailadres in, dan kunnen we reageren.

Liever via e-mail? hello@fabliva.com
FABLIVA

Je verhalen, een tik dichterbij.

Zet Fabliva op je beginscherm. Je kunt hier ook gewoon verder lezen.

Je offline boeken

Bewaarde boeken staan op dit apparaat. Je kunt per boek ruimte vrijmaken; je leesplek en notities blijven bewaard.

Boektaal: Nederlands

Verder in de nieuwe editie

Neem je leesplek en passende bladwijzers over. De eerdere editie, leesplek en notities blijven bewaard.

Wat betekent dit woord?

De korte verklaringen en vertalingen hieronder staan op je apparaat en werken ook offline.

Dit opent een externe website met alleen het gekozen woord. Er gaat geen zin of boektekst mee.

Laat dit hoofdstuk voorlezen

Kies een stem en luister eerst naar een korte proef. De beschikbare stemmen verschillen per apparaat.

Bij een online stem ontvangt de spraakdienst de tekst die je laat voorlezen. Lokale stemmen verwerken deze op je apparaat.