Ot draagt het brood
Ot wil helpen met de boodschappen. In zijn grote tas past een heleboel. Maar de melk en de appels zijn zwaar. Gelukkig moet er ook nog een brood mee.
Een volledig prentenverhaal met 10 grote platen. Jij leest voor; samen nemen jullie de tijd.

Plaat 1 van 10
Ot staat bij de deur met een blauwe tas. Die komt bijna tot aan zijn voeten.
‘Ik draag de boodschappen,’ zegt hij. Mama pakt haar eigen bruine tas. Samen lopen ze naar de winkel.
Je kunt samen doen alsof je een tas draagt. Er hoeft niets opgepakt te worden.
Een vraag voor samen. Niets hoeft.
Het verhaal is uit. Nog eens kijken? Met ‘Nog een keer’ begin je weer bij de eerste plaat.
Hier lees je alle platen achter elkaar. Als de bladerknoppen werken, verschijnt één plaat tegelijk.
Plaat 1

Ot staat bij de deur met een blauwe tas. Die komt bijna tot aan zijn voeten.
‘Ik draag de boodschappen,’ zegt hij. Mama pakt haar eigen bruine tas. Samen lopen ze naar de winkel.
Zie jij Ots tas?
Je kunt samen doen alsof je een tas draagt. Er hoeft niets opgepakt te worden.
Plaat 2

In de winkel liggen appels in een lage kist. Ot kiest een rode. Nog een rode erbij.
Mama houdt de bruine tas open. Ot laat de appels er zacht in zakken. Ze rollen tegen elkaar.
Waar liggen de rode appels?
Je kunt een appel aanwijzen. Je kind hoeft niet twee te kunnen tellen.
Plaat 3

Dan komt de melk. Ot pakt de fles met twee handen. Hij trekt zijn ellebogen dicht tegen zich aan.
‘Zwaar,’ zegt hij. Mama neemt de fles over en zet hem rechtop naast de appels.
Hoe houdt Ot de fles vast?
Kijk samen naar zijn twee handen. Je hoeft geen zware fles na te doen.
Plaat 4

Op de plank ligt het brood. Mama geeft het aan Ot. Hij houdt het tegen zijn buik.
Het kraakt een beetje onder zijn vingers. Dit kan hij dragen. Hij stopt het in zijn blauwe tas.
Zie jij het brood tegen Ots buik?
Je kunt benoemen hoe Ot het vasthoudt. Aan eigen kleding voelen mag ook.
Plaat 5

Bij de toonbank haalt Mama de boodschappen uit de tassen. De winkelier kijkt en Mama betaalt.
Daar gaan de appels en de fles weer in de bruine tas. Ot wacht op het brood. Dat is voor zijn tas.
Waar staat de melkfles?
Volg eventueel de fles op de toonbank. Je kunt ook gewoon verder lezen.
Plaat 6

Buiten hangt de blauwe tas laag. Het brood zit onderin. Ot tilt zijn arm hoger, maar de tas draait mee.
Mama blijft naast hem staan. Ot pakt de hengsels met allebei zijn handen. Zo hangt de tas recht.
Waar houdt Ot de hengsels vast?
Je kunt de twee handen aanwijzen. Je hoeft de draaghouding niet te oefenen.
Plaat 7

Ze lopen langs een heg. Ot houdt zijn tas voor zich. Hij ziet het brood een beetje heen en weer gaan.
Als Mama bij de hoek stilstaat, stopt Ot ook. Ze lopen pas verder als het kan.
Zie jij Mama naast Ot?
Kijk naar hoe ze samen lopen en stoppen. Een verkeersvraag is niet nodig.
Plaat 8

Bij hun eigen deur zoekt Mama de sleutel. Ot zet zijn tas even naast zijn laarzen neer.
Hij houdt de hengsels nog vast. Als de deur opengaat, tilt hij de tas weer op. Het brood gaat als eerste over de drempel.
Waar staat de blauwe tas?
Je kunt de tas naast de laarzen aanwijzen. Blader verder wanneer je wilt.
Plaat 9

In de keuken zet Mama een mand op tafel. Ot tilt het brood uit zijn tas en legt het erin.
De blauwe tas is nu leeg. Ot kijkt in de mand. ‘Dat heb ik gedragen,’ zegt hij.
Waar ligt het brood nu?
Je kunt het brood in de mand aanwijzen. Het hoeft geen vraag met een goed antwoord te worden.
Plaat 10

Mama snijdt een boterham af en smeert hem. Ot schuift aan.
Hij neemt een hap. Er blijft een kruimel aan zijn trui hangen. Mama pakt ook een boterham. De tassen mogen uitrusten op de stoel.
Zie jij de kruimel?
Je kunt samen de laatste plaat bekijken. Het verhaal is klaar; opnieuw lezen mag natuurlijk.
Alle 10 platen achter elkaar bekijken
Plaat 1

Ot staat bij de deur met een blauwe tas. Die komt bijna tot aan zijn voeten.
‘Ik draag de boodschappen,’ zegt hij. Mama pakt haar eigen bruine tas. Samen lopen ze naar de winkel.
Zie jij Ots tas?
Je kunt samen doen alsof je een tas draagt. Er hoeft niets opgepakt te worden.
Plaat 2

In de winkel liggen appels in een lage kist. Ot kiest een rode. Nog een rode erbij.
Mama houdt de bruine tas open. Ot laat de appels er zacht in zakken. Ze rollen tegen elkaar.
Waar liggen de rode appels?
Je kunt een appel aanwijzen. Je kind hoeft niet twee te kunnen tellen.
Plaat 3

Dan komt de melk. Ot pakt de fles met twee handen. Hij trekt zijn ellebogen dicht tegen zich aan.
‘Zwaar,’ zegt hij. Mama neemt de fles over en zet hem rechtop naast de appels.
Hoe houdt Ot de fles vast?
Kijk samen naar zijn twee handen. Je hoeft geen zware fles na te doen.
Plaat 4

Op de plank ligt het brood. Mama geeft het aan Ot. Hij houdt het tegen zijn buik.
Het kraakt een beetje onder zijn vingers. Dit kan hij dragen. Hij stopt het in zijn blauwe tas.
Zie jij het brood tegen Ots buik?
Je kunt benoemen hoe Ot het vasthoudt. Aan eigen kleding voelen mag ook.
Plaat 5

Bij de toonbank haalt Mama de boodschappen uit de tassen. De winkelier kijkt en Mama betaalt.
Daar gaan de appels en de fles weer in de bruine tas. Ot wacht op het brood. Dat is voor zijn tas.
Waar staat de melkfles?
Volg eventueel de fles op de toonbank. Je kunt ook gewoon verder lezen.
Plaat 6

Buiten hangt de blauwe tas laag. Het brood zit onderin. Ot tilt zijn arm hoger, maar de tas draait mee.
Mama blijft naast hem staan. Ot pakt de hengsels met allebei zijn handen. Zo hangt de tas recht.
Waar houdt Ot de hengsels vast?
Je kunt de twee handen aanwijzen. Je hoeft de draaghouding niet te oefenen.
Plaat 7

Ze lopen langs een heg. Ot houdt zijn tas voor zich. Hij ziet het brood een beetje heen en weer gaan.
Als Mama bij de hoek stilstaat, stopt Ot ook. Ze lopen pas verder als het kan.
Zie jij Mama naast Ot?
Kijk naar hoe ze samen lopen en stoppen. Een verkeersvraag is niet nodig.
Plaat 8

Bij hun eigen deur zoekt Mama de sleutel. Ot zet zijn tas even naast zijn laarzen neer.
Hij houdt de hengsels nog vast. Als de deur opengaat, tilt hij de tas weer op. Het brood gaat als eerste over de drempel.
Waar staat de blauwe tas?
Je kunt de tas naast de laarzen aanwijzen. Blader verder wanneer je wilt.
Plaat 9

In de keuken zet Mama een mand op tafel. Ot tilt het brood uit zijn tas en legt het erin.
De blauwe tas is nu leeg. Ot kijkt in de mand. ‘Dat heb ik gedragen,’ zegt hij.
Waar ligt het brood nu?
Je kunt het brood in de mand aanwijzen. Het hoeft geen vraag met een goed antwoord te worden.
Plaat 10

Mama snijdt een boterham af en smeert hem. Ot schuift aan.
Hij neemt een hap. Er blijft een kruimel aan zijn trui hangen. Mama pakt ook een boterham. De tassen mogen uitrusten op de stoel.
Zie jij de kruimel?
Je kunt samen de laatste plaat bekijken. Het verhaal is klaar; opnieuw lezen mag natuurlijk.